Opinie

Erdogan blijft na coup het kleinere kwaad

Wie wil weten hoe een tegen de oude elite opgehitste nationalistische, populistische massademocratie eruit ziet, moet in het huidige Turkije zijn.

Beeld epa

Zijn die militairen gek geworden? Dat was mijn eerste gedachte toen ik de beelden uit Turkije zag van een afgesloten brug over de Bosporus met lange rijen files. Wie pleegt er nu een militaire coup op vrijdagavond als een groot deel van de stad zich op straat bevindt? Ook als een miljoenenstad als Istanbul nooit echt slaapt, doe je zoiets midden in de nacht, om in de eerste uren tenminste enige voldongen feiten te scheppen. Knappe generaal die in zo'n beest van een stad met een handvol soldaten een geliefde volksleider weet af te zetten.

Ik ben vaak genoeg in Turkije geweest om door complotdenken te zijn besmet. Een nepcoup past daar even goed in als een echte coup. De Turkse militairen staan niet bekend als klungels. De laatste keer dat zij een coup organiseerden, in 1997, gebeurde dat geruisloos. Onder grote druk van het leger, dat zich als bewaker van de seculiere staatsorde zag, moest de islamitische premier Necmettin Erbakan opstappen. Mijn Turkse vrienden, die niks van de islam moesten hebben en mij steeds op verborgen agenda's wezen, waren daar blij mee. Erbakan had het de militairen ook wel makkelijk gemaakt door meteen toenadering tot Iran en andere moslimlanden te zoeken. Zo dom was zijn opvolger Recep Tayyip Erdogan niet toen hij in 2003 aan de macht kwam. Hij was aanvankelijk modeldemocraat en lieveling van het Westen. Pas vanaf 2010 ging het mis, toen hij met het ondersteunen van een 'vredesvloot' naar Gaza Israël uitdaagde, antiwesterse tonen begon uit te slaan en in eigen land het seculiere kamp de wacht aanzegde.

Gevaar voor de staatsorde

Motieven voor een staatsgreep waren er voor het leger genoeg, omdat Erdogan steeds meer macht naar zich toe trok en een gevaar werd voor de staatsorde. Tegelijk is er voor de Turkse president, die de opstand een geschenk van Allah noemde en er de hand van zijn rivaal Fetullah Gülen in zag, niks mooier dan een mislukte coup. Een klassiek scenario. Op twitter brandde meteen de Rijksdag af, maar je kunt ook denken aan de operettecoup van luitenant-kolonel Tejero in Madrid in 1981. In 1991 was er de mislukte coup tegen Michail Gorbatsjov, die de weg vrijmaakte voor Boris Jeltsin. Hij liet twee jaar later het Witte Huis in Moskou beschieten; de opstandelingen in Ankara bombardeerden het parlement.

Erdogan had zijn antwoord al op de plank klaarliggen en rekent nu af met zijn interne vijanden in het leger en de rechtspraak, terwijl de buitenwereld niet veel anders dan goedkeurend kan toezien. Anders dan bij de coup tegen de Egyptische moslimpresident Morsi, waar het Westen opgelucht adem bij haalde na de puinhopen van de 'Arabische Lente', zou een militaire coup tegen Erdogan het buitenland voor enorme problemen stellen. Dat is de voornaamste reden om aan de ernst van de couppoging te twijfelen. Wat voor dwaallicht Erdogan ook mag zijn, niemand heeft er belang bij dat hij door een schertsfiguur in uniform wordt vervangen. Het zou voor de reputatie van het Turkse leger dodelijk zijn.

Het laatste half jaar zagen we juist een koerswending in de buitenlandse politiek van Erdogan. Met de EU is een vluchtelingendeal gesloten, met Israël zijn de betrekkingen weer aangehaald, en met Vladimir Poetin kwam het tot een vergelijk, nadat eerder een Russisch gevechtsvliegtuig boven Syrisch grondgebied was neergehaald.

Geen strategisch genie

In eigen land vonden steeds meer aanslagen plaats, die aan IS zijn toegeschreven en aan de Koerden tegen wie vorige zomer een oorlog is begonnen. Anders dan Kemal Atatürk, die vele successen op het slagveld behaalde, kun je Erdogan geen strategisch genie noemen. Maar net als in de jaren twintig, toen de bolsjewieken en de Europese mogendheden vóór Atatürk kozen, blijft er behoefte aan een 'sterke man' in Ankara. Niemand anders dan de in eigen land nog steeds populaire Erdogan kan die rol vervullen.

Met democratie in liberale zin heeft dat niks te maken, met het mobiliseren van het eigen volk des te meer. Wie wil weten hoe nationalisme, populisme, islamofascisme en tegen de oude staatselite opgehitste massademocratie er in de eenentwintigste eeuw uitzien, moet in Turkije zijn. Het land staat voor oriëntaalse modernisering, meer dan het Westen lief kan zijn, maar minder rampzalig dan de rest van de moslimwereld.

Recep Tayyip Erdogan is ook na zijn tegencoup van dit weekend een representant van het kleinere kwaad met wie geopolitieke zaken moeten worden gedaan.

Dirk-Jan van Baar is historicus.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden