Column Aleid Truijens

Er zijn steeds meer luizenweigeraars, en geef ze eens ongelijk

Zul je net zien: noem een tv-serie De Luizenmoeder, half Nederland herkent zich erin – hilarisch! – en nu sterft het verschijnsel uit. Er zijn steeds minder ouders (lees: moeders) te vinden die klusjes willen doen op school. Dat blijkt uit een onderzoek van bureau Duo en onderwijsblad Didactief. Het kost leerkrachten veel moeite om ouders te vinden die de slingers willen ophangen, meelopen naar de schooltuintjes of meehelpen bij de overblijf. Daardoor, zegt ruim de helft van de respondenten, gaan activiteiten soms niet door.

Tegelijk zien leerkrachten dat ouders zich wél steeds meer bemoeien met het onderwijs en de benadering van hun kind. Hun lieveling krijgt te weinig aandacht, te veel kritiek, wordt onderschat of te streng aangepakt, te weinig gestimuleerd of overvraagd. Voor sommige ouders is het nooit goed. Om maar te zwijgen over het schooladvies in groep 8, waarbij veel ouders druk uitoefenen en grote conflicten ontstaan. Maar in structurele bemoeienis, door in de medezeggenschaps- of ouderraad te gaan zitten, hebben weinig ouders zin. Het gaat ze om hún kind.

Het zijn saaie, kille cijfers, maar wie de werkelijkheid erachter kent, ziet een moeras van ongenoegen in kaart gebracht. De bemoeizuchtige en arrogante ouder die op hoge toon plaatsing in een bepaalde klas eist, of een beter cijfer voor een spreekbeurt, is een kwelgeest voor veel juffen en meesters, net zoals, in andere kringen, boze ouders die hen verrot schelden of op de vuist gaan. Heel hinderlijk voor leerkrachten, die hun gezag telkens moeten verdedigen.

Maar ik snap dat ouders voor hun kind opkomen. Ik ben zelf soms zo’n drammerige zeikmoeder geweest, en daar heb ik geen spijt van. Mijn oudste kind zou nooit zijn gekomen waar ze nu is als ik er níét bovenop had gezeten. Tegelijk was ik ook braaf vrijwilliger. Geen luizen- maar leesmoeder. Dat het niet goed ging, merkte ik al gauw, de slecht lezende kinderen bleven prutten in hun zwakke niveaugroepje, maar de juf zei glimlachend dat ik moest doorgaan. In 2006 bleek uit onderzoek dat lezen met een leesouder geen positieve effecten heeft; leesonderwijs moet door professionals gebeuren en niet in niveaugroepjes. Averechtse gevolgen van goede bedoelingen, die zie je vaker in het onderwijs.

De belangen voor ouders zijn groot. We leven in een diplomamaatschappij waar geluk, inkomen en zelfs gezondheid en levensduur in hoge mate afhangen van opleidingsniveau. Dat te bereiken niveau wordt al vroeg, op de basisschool, voorspeld. Van jongs af aan worden kinderen in een ratrace gezet om te presteren. Dat is akelig, maar zolang ons systeem van vroege selectie zo werkt, kun je ouders niet verwijten dat ze alert zijn. Je kunt niet zeggen: kom jij maar luizen kammen, maar bemoei je nergens mee.

Ik vraag me weleens af: wat doen leerkrachten als ze merken dat het met hun eigen kinderen op school niet goed gaat? Zwijgen ze dan? Ouders, op hun beurt, zouden zich kunnen voorstellen hoe krenkend het is als, op hun werk, hún kundigheid voortdurend in twijfel wordt getrokken.

Zet ouders niet standaard in voor schoolactiviteiten. In geen enkel ander land is dat gebruikelijk. Ouders moeten nu eenmaal werken, allebei. Dat ziet de overheid ook graag. Een keer mee op schoolreisje kan best, maar huur professionele krachten in voor de overblijf of computerles.

Scholen zouden kunnen vastleggen wat ouders redelijkerwijs kunnen eisen en wat niet, en waar ze met klachten terechtkunnen. Het zou helpen als de relatie tussen ouders en leerkrachten uit de sfeer van verwijten en gunsten wordt getrokken.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden