Opinie Overbevolking

Er is straks veel te weinig eten voor al die mensen

Zonder fossiele energie kunnen we geen 7 miljard monden voeden. Laat staan 10 miljard in 2050, waarschuwt Jan van Weeren van Stichting de Club van Tien Miljoen.

Foto Knoell8504 via Wikimedia

Schoorvoetend wordt een verband gelegd tussen klimaatverandering en bevolkingsgroei. Als Arjen Lubach zegt dat hij als kinderloze minder aan de vervuiling bijdraagt dan de ‘extreemste zelfvoorzienende geitenwollen vegan met kind’ wordt hij nog wel gefactcheckt, maar komt hij ermee weg.

Zo niet de ASN-bank. Als deze op Twitter vraagt of je als westers persoon met een westerse klimaat­voetafdruk een tweede kind mag, steekt een storm van protest op en trekt de bank de tweet ijlings terug.

Onlangs liet ook filosoof Peter ­Singer in deze krant van zich horen. Volgens de laatste berekeningen van de VN telt de aarde in 2100 elf miljard zielen. Singer vraagt zich af of de planeet – en niet te vergeten het klimaat – die groei wel aankan. Ook hij vindt dat zijn thuisland, de Verenigde Staten, pas op de plaats moet maken gezien het enorme beslag dat iedere Amerikaan op het milieu legt.

Bevolkingsgroei vermeerdert ongetwijfeld de CO2-uitstoot, maar veroorzaakt op termijn een nog veel groter probleem dat overschaduwd dreigt te raken. In de rubriek De Voedselzaak vraagt de Volkskrant: hoe voeden we tien miljard monden in 2050? Nog stringenter gesteld: hoeveel monden kunnen we maximaal voeden? Want de bevolkingsgroei stopt niet in 2050.

De eerste die deze vraag opwierp, was Thomas Robert Malthus aan het eind van de 18de eeuw. Hij voorspelde dat de voedselproductie geen gelijke tred zou kunnen houden met de bevolkingstoename. Malthus kreeg daarin ongelijk. Door verbeterde agrarische technieken en veredelde gewassen kon de voedselproductie de bevolkingsgroei bijbenen.

Vanaf medio vorige eeuw werden meststoffen als guano gebruikt en tijdens de daaropvolgende ‘groene revolutie’ stapte men over op kunstmest en nieuwe stikstofminnende plantenrassen. Ten tijde van Malthus bracht een hectare landbouwgrond in Nederland per jaar ongeveer 1 ton tarwe op. Rond 1950 was deze opbrengst gestegen naar 3 ton en momenteel zijn oogsten van 10 ton haalbaar. Dergelijke meeropbrengsten gelden ook voor andere voedings­gewassen en de zuivelproductie.

Er zijn op aarde voedselexporterende regio’s (Europa en Noord- en Zuid-Amerika) en voedselimporterende gebieden (Afrika, China en India). Er is becijferd dat er over tien jaar een flinke kloof zal zijn ontstaan tussen vraag en aanbod. De importerende gebieden zullen dan jaarlijks voedsel ter waarde van 514 biljoen calorieën willen invoeren, terwijl de exporterende regio’s slechts 300 biljoen calorieën kunnen leveren. Hierdoor ontstaat een negatief verschil van 214 biljoen calorieën, wat neerkomt op 379 miljard Big Macs.

Om deze kloof te dichten is industrialisering en commercialisering van de landbouw in Afrika nodig. Van de voedselexporterende regio’s biedt alleen Zuid-Amerika nog enige groeimogelijkheid, maar ten koste van het regenwoud. Verhoogde agrarische productie door opgevoerde fotosynthese is helaas nog toekomstmuziek.

De kloof ontstaat ook door de toenemende vraag naar eiwitrijk voedsel in opkomende landen. We kunnen veel efficiënter met ons voedsel omgaan en bijvoorbeeld soja direct nuttigen en niet via het vee omzetten in melk, kaas, runderlapjes en karbonades. En minder voedsel verspillen.

Eén factor gooit echter gigantisch veel roet in het eten: de eindigheid van fossiele energie. Nog afgezien van de ongewenstheid van deze energiebron vanwege de klimaatverandering houdt de exploitatie een keer op, maar het is juist deze fossiele energie waarop de huidige agrarische top­productie is gebaseerd.

Fossiele energie is niet alleen onmisbaar voor landbewerking en transport, maar vooral voor kunstmestproductie en bestrijdingsmiddelen, voor drainage en irrigatie en voor glastuinbouw. Zodra er geen fossiele energie meer beschikbaar is, zullen de agrarische opbrengsten schrikbarend dalen.

Hoeveel monden kunnen we voeden zonder fossiele energie? In ieder geval geen tien miljard en ook niet de huidige zeven miljard. De meest pessimistische schatting komt uit op één miljard, het wereldbevolkingsaantal in de tijd dat landbouw nog duurzaam werd bedreven. Hopelijk kunnen we met biologische kringlooplandbouw nog een paar miljard mensen bijplussen, maar ons huidige aantal redt het zeker niet, laat staan de tien miljard in 2050.

Jan van Weeren is secretaris van Stichting de Club van Tien Miljoen.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.