Opinie

Er is niets normaals aan vrede

Vandaag, op de Internationale Dag van de Vrede, moeten we constateren dat vrede een heel ongewone toestand is: 'Iedere vrede vormt de opmaat voor een nieuwe oorlog.'

Op weg naar de Vredesconferentie van Versailles, 1919. Vlnr: Amerikaanse president Woodrow Wilson, Franse premier Georges Clemenceau, Britse minister van Buitenlandse Zaken Arthur Balfour en Italiaanse minister van Buitenlandse Zaken Sydney Sonnino. Foto A.H.C.

Vandaag, 21 september, is het de internationale dag van de vrede. Deze dag werd in 1981 uitgeroepen door de Verenigde Naties met als doel wereldwijd een dag van wapenstilstand en geweldloosheid te handhaven. Een mooi streven dat meteen al moedeloos stemt. De overige 364 dagen per jaar kan de oorlog zijn gang gaan, zoals we gewend zijn.

Aan de internationale dag van de vrede kleeft iets paradoxaals, want als die iets illustreert dan is het wel hoe ongewoon vrede is. Veel beter zou het zijn wanneer deze dag overbodig was. Zoals het ook veel beter zou zijn wanneer we geen Nobelprijzen voor de vrede meer hoeven uit te reiken, geen vredescongressen meer hoeven te organiseren en geen vredespaleizen hoeven te bouwen. Maar is die toestand ooit te bereiken? De geschiedenis stemt niet optimistisch.

Vanaf het begin van de beschaving zijn volgens recente schattingen meer dan 14.500 oorlogen gevoerd. Tegenover de 8.400 vredesverdragen die sinds het begin van de vijftiende eeuw zijn gesloten, staat slechts 277 jaren van vrede. Cynici menen dat in elke vrede de kiem van de volgende oorlog besloten ligt: er staat altijd wel een compromis in dat voor een van beide partijen ongunstig uitpakt. De wonden zullen dooretteren en onherroepelijk tot een schending van een verdrag leiden. Oorlog en vrede vormen een perpetuum mobile.

Lam en leeuw

De Nederlandse geschiedenis levert tal van voorbeelden die deze stelling ondersteunen. In 1667 ondertekenden de Republiek en Engeland de Vrede van Breda. Opgetogen liet de Amsterdamse dichter Jan Zoet een gedenkpenning maken, waarop te zien was hoe een lam (symbool voor vriendelijkheid) en een leeuw (dapperheid) de nijd vertrappen. Op de achtergrond waren brandende Engelse schepen te zien, een verwijzing naar de grote overwinning van de Nederlanders bij Chatham.

Dat was tegen het zere been van de Engelse koning, die excuses van de Staten-Generaal eiste. De verspreiding van de penning werd verboden en de resterende voorraad vernietigd, maar het kwaad was al geschied. De pijn werkte zo lang door dat er op de affaire gezinspeeld werd in de oorlogsverklaring van Engeland aan de Republiek in 1672.

De jubelgeschriften die rondom de Vrede van Rijswijk (1697) verschenen, waren al even oorlogszuchtig. Auteurs waren opgelucht dat de handel met Frankrijk weer hervat kon worden, maar grepen iedere kans aan om korte metten te maken met de bloeddorstige Franse koning Lodewijk XIV. Eindelijk was 'Frankrijks trots en hoogmoed met de voet verbrijzeld', sprak een Zeeuwse lofredenaar op de algemene dankdag van 6 november 1697. Zijn lofzang op de vrede had meer weg van een oorlogsverklaring en inderdaad, de oorlog met Frankrijk werd al snel weer hervat.

Van Dale

Dat patroon zien we ook terugkeren in de moderne geschiedenis. Het Congres van Wenen, dat in 1815 werd georganiseerd door de geallieerde machten die Napoleon hadden verslagen, moest stabiliteit en veiligheid garanderen. Het Verenigd Koninkrijk der Nederlanden werd gecreëerd om een buffer tegen Frankrijk te scheppen, maar de 'union intime et complète' met de Zuidelijke Nederlanden mondde al snel uit in de Belgische Opstand en Afscheiding.

Na de Tweede Wereldoorlog werden de Universele Rechten van de Mens aangenomen, maar kort na de ondertekeningsceremonie begon Nederland aan zijn tweede reeks politionele acties tegen de nationalisten in Indonesië.

De geschiedenis stemt cynisch, want iedere vrede vormt de opmaat voor een nieuwe oorlog. Volgens de Van Dale luidt de definitie van vrede 'normale toestand tussen staten'. Deze definitie klopt niet, want er is niets normaals aan vrede. Het is ook geen toestand maar een activiteit of handeling waaraan wij dagelijks invulling moeten geven, als wij dit ideaal ooit willen bereiken. Een dag per jaar is niet genoeg.

Lotte Jensen is neerlandica aan de Radboud Universiteit te Nijmegen en auteur van het boek Vieren van vrede. Het ontstaan van de Nederlandse identiteit, 1648-1815 (Uitgeverij Vantilt).

Meer over

Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.