Column Martin Sommer

Er is een bank die wil nadenken over het eigen aandeel in de malaise

Vandaag wordt de uitslag verwacht van het FNV-referendum over het pensioenakkoord. Eigenlijk weet niemand wat het akkoord precies behelst, aangezien er nog veel moet worden uitgewerkt. Des te opmerkelijker was de negatieve toon van de eerste reacties. Het lijkt wel of iedereen zich bij voorbaat opgelicht voelt. Lageropgeleiden omdat ze er niet eerder uit mogen. Ouderen omdat er mogelijk toch wordt gekort. Jongeren omdat ze vinden dat zij de rekening krijgen.

Ik sprak erover met Gabriël van den Brink. Hij is filosoof, al jaren een interessante denker, verbonden aan de Vrije Universiteit. Volgens hem laat het chagrijn over het pensioenakkoord zien hoe overheersend het economisch denken is. Men veronderstelt dat iedereen als een homo economicus, een calculerend en zelfzuchtig wezen, zijn eigen belang najaagt.

Van den Brink gaf me een boekje dat hij heeft gemaakt voor de Rabobank. Het is niet in de handel, maar het product van een leergang die hij gaf aan de bankbestuurders, onder de noemer Wijsheid in tijden van transitie. Bij Rabo zochten ze contact met Van den Brink omdat ze de bank ‘weer van de mensen willen laten zijn’, zoals directeur Wiebe Draijer in het voorwoord schrijft. Dat is gedurfd, omdat het Libor-schandaal niet vergeten is en de bankencrisis ook niet.

Maar ook tot de bankenwereld is het besef doorgedrongen dat we vastlopen, zei Van den Brink. Een generatie lang was het liberale denken dominant. Het begon met Margaret Thatcher en haar there is no such thing as society. Het individu zegevierde, rechts en links. De economische uitdrukking daarvan heette neoliberalisme. De linkse kant van de liberale medaille was zelfontplooiing en identiteitspolitiek.

Dat denken is op. Rationalisatie en individualisering hebben vorm gekregen in wat Van den Brink de systeemwereld noemt. Overheidsdoelen werden targets, burgers werden klanten. Economisch denken heeft welvaart gebracht, maar ook vervreemding. Pim Fortuyn sprak over de puinhopen van paars. Door de systeemwereld raakte de leefwereld in de knel. Vandaar dat de eerste populistische partijen leefbaren heetten. Gezamenlijkheid, gevoelswaarden, tastbare ervaringen, werden als het ware gekoloniseerd door de systeemwerkelijkheid van rationalisatie en markt.

En nu is het logo van de Rabobank afgedrukt op een boekje waarin staat dat Pim Fortuyn wel degelijk beet had. Ook de Brexit-stemmer komt voorbij, de Trump-kiezer en de aanhanger van Thierry Baudet. Die aanhang bestaat niet alleen maar uit mensen ‘die het niet begrepen hebben’, zoals de hoogopgeleide elite graag denkt. Gevoelens van machteloosheid, van vreemdeling te zijn in eigen land, worden breed gedeeld. Het kernbegrip van de systeemwereld is ‘onvermijdelijk’. Je kunt hoog of laag springen, there is no alternative, aldus Thatcher. Globalisering is onvermijdelijk, schaalvergroting, Engels aan universiteiten. Zullen we eens ophouden met zinnen gebruiken waarin het woord onvermijdelijk staat, stelt Van den Brink voor. Gek genoeg werd hij op zijn wenken bediend. Premier Rutte erkende onlangs dat hij ten onrechte het etiket ‘onvermijdelijk’ had geplakt op de versnelde verhoging van de pensioenleeftijd, die hij nu ‘hysterisch’ noemt.

Van den Brink maakt een boeiende vergelijking met de negentiende eeuw. Ook toen vierde het liberalisme hoogtij. Nederland werd in marstempo een markteconomie, met als gevolg verpaupering, armoede en wat later de sociale kwestie werd genoemd. Hetzelfde gebeurde in heel Europa, waarop de paus in 1891 de beroemde encycliek Rerum Novarum uitvaardigde. De encycliek keerde zich tegen liberalisme én socialisme, allebei gericht op het individuele belang, alleen had het socialisme de liberale jas binnenste buiten gekeerd. De gemeenschap was het ondergeschoven kind.

De hoofdprijsvraag is nu hoe een nieuwe gemeenschap vorm te geven. Van den Brink wil niet trappen in de val van het conservatisme dat vroeger alles beter was. Dat verlangen leeft breder dan je zou denken. De bekende columnist van The New York Times, David Brooks, is al jaren op zoek naar de moderne gemeenschap. In zijn nieuwe boek The Second Mountain komt hij tot de slotsom dat we af moeten van de dominantie van de individuele vrijheid. ‘Freedom sucks’, schrijft hij letterlijk.

Ik denk met Van den Brink dat we niet veel opschieten met de hunkering naar de jaren vijftig, maar tegelijk legt Brooks wel de vinger op de zere plek. Alle goedwillenden zijn op zoek naar ‘een nieuw wij’, maar zelden zegt iemand erbij dat er dan ook een ‘zij’ is, met andere woorden dat elke gemeenschap ook beperkingen kent en vervelende dilemma’s, en dat gemeenschap ook betekent dat er grenzen zijn aan individuele wensen en verlangens.

Van den Brink ziet voor de heruitgevonden Rabobank een mooie rol bij het faciliteren van samenwerkingsverbanden, van boeren die verantwoordelijk willen produceren tot jongeren die zich inzetten voor het klimaat. Ikzelf zou het graag iets moeilijker maken en de bank vragen wat ze denkt te doen aan exorbitante vermogens, of aan een middenklasse die steeds meer klem komt te zitten. Maar ik zeg er ook bij dat het niet moeilijk is om cynisch te doen over een bank die een verdienmodel ziet in modern moralisme. Het nieuws is dat de Rabobank bereid is überhaupt na te denken over het eigen aandeel in de malaise.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden