Elke platgeslagen mug is een oorlogsmonumentje

Vannacht om half vier zat ik dus rechtop in bed mijn eigen coalition of the willing te smeden, terwijl ik juist in deze barre tijden mijn slaap hard nodig heb. Ik had naar gedroomd, echt heel naar: ik knielde in een oranje soepjurk op woestijnzand en achter me stond een enorme gemaskerde mug met een kromzwaardje. Ogenschijnlijk kalm sprak ik de volgende woorden uit: 'Ik houd jullie, van de Kruidvat-antimuggenstekker, geheel verantwoordelijk voor mijn executie', en nog meer onplezierigs dat de mug me in de mond had gelegd toen ik zwetend wakker schrok.

Hoe komt een mens erbij, vraag je je af. Nou, dat werd me al snel duidelijk, want in de werkelijkheid zoemde er om mijn hoofd een echte mug. Er zat maar één ding op: alle lichten aan en Suzy wakker maken.

'Huh, wat is er allemaal, zeg', stamelde ze, dus stak ik een krachtige speech af waaruit bleek dat we een mug hadden en dat die mug niet alleen een bedreiging was voor mij, maar voor alle bondgenoten, waarna ze knikte en zich slaapdronken in mijn coalitie schaarde: de mug diende vernietigd te worden, hoe lang de strijd ook ging duren.

De vergelijking met IS laat ik verder varen, uit piëteit, ik voel zulke dingen heus wel aan, en bovendien schoten we toch niks op met luchtaanvallen. Integendeel: bemande drones bestrijd je vanaf de grond. 'Ik heb mijn lenzen niet in', meldde ik maar eerlijk, 'dus misschien is het handig als jij de muren en het plafond afspeurt. Een goed stukje intelligence, daar begint alles mee.'

Zuchtend ging Suzy op het bed staan, ze leek niet blij, al zag ze er zo van onderaf in d'r onderbroekje wel cool uit. 'Je bent onze belangrijkste ally', prees ik haar met mijn meest bronzen Obama-stem, 'sterker: you are punching above your weight', de oneliner waarmee 'den Barack' doorgaans de Belgen (en de Nederlanders en Luxemburgers, kortom: de complete Benelux) ten oorlog vleit, en het werkt fantastisch.

'Daar zit-ie', fluisterde Suzy na 25 relatief ongezellige minuten, leuk wordt oorlog nooit. 'Victor Charlie Charlie', fluisterde ik. Tijd voor el generalissimo om uit te rukken met zijn B-52, in dit geval Solomons Mozart: a life, dat ik van mijn nachtkastje pakte en losjes op mijn vlakke hand liet balanceren, lekker zwaar, loerend naar de Syrië-ganger op ons plafond. Naderen tot 40 centimeter, de perfecte afstand, en dan plotseling als een kogelstoter uithalen, baf, splut, BLOED!!! KILL!!! WOEHAHA!!!

Boek afpoetsen, overwinning vieren, en welterusten maar weer.

De volgende ochtend vergadert de coalition of the willing over het bergen van het lijkje, altijd een heikel punt. Suzy vindt een plafond vol uitgesplutterde jihadisten smerig, maar ik hecht eraan. Vergelijk het met de loopgraven bij Ieper, die gooien ze ook niet dicht, of denk aan scalpenjagers en koppensnellers, daar zijn hele musea omheen gebouwd, nee, hoe meer dode muggen op mijn plafonnetje, hoe tevredener ik naar boven tuur, het begint zo langzamerhand op een heldere sterrenhemel te lijken, al die rottende resten, ik kan er vanaf mijn hoofdkussen heerlijk lijntjes tussen trekken, kijk daar, zie je dat Suzy, het steelpannetje, en daar, kijk nou eens, dat is de Kleine Beer.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.