ColumnJasper van Kuijk

Efficiënt beheer heeft geleid tot een gevaarlijk tekort aan mondkapjes, virustesten en beademingsapparatuur

Er komen op Schiphol vliegtuigladingen Chinese mondkapjes aan. Met de vriendelijke softpowergroeten van de Chinese overheid. We hebben gemazzeld dat de druk in Nederland pas echt op begon te lopen nadat China het coronavirus onder controle kreeg. Daardoor kan China nu, met de productiecapaciteit die vrijkwam, Europa enigszins bevoorraden.

Er is tekort aan van alles: mondkapjes, beademingsmaskers, maar ook aan benodigdheden voor het uitvoeren van tests, zoals chemicaliën, pipetpuntjes en zelfs aan wattenstaafjes om monsters mee af te nemen. Ook omdat nationale belangen ineens boven internationale solidariteit gaat. Zo vreest Philips dat de VS daar geproduceerde en voor de EU bestemde beademingsapparatuur zal vorderen.

Door het coronavirus blijkt hoe complex en internationaal onze productie- en logistieke ketens zijn geworden, en daarmee kwetsbaar voor verstoringen. Het hele systeem is verre van robuust, want er is vooral geoptimaliseerd op efficiëntie, op kostenreductie.

Stel je roostert op een school alle leraren op 90 procent van hun capaciteit in. Als er dan een docent ziek wordt kan dit worden opgevangen door invaluren van de andere docenten. Niet ideaal, maar de leerlingen hoeven niet naar huis. Een redelijk robuust systeem. Maar dan heb je wel meer docenten nodig dan als je ze 100 procent inroostert, dus dat is niet heel efficiënt.

Maar als je alle docenten voor 100 procent inroostert en er valt er eentje uit, dan wordt het moeilijk om dat gat te dichten. Dan moet je bijvoorbeeld personeel inhuren via een detacheringsbureau. Als de andere scholen ook een enorm tekort hebben, wordt dat lastig. En duur. En asociaal, want je trekt docenten weg bij andere scholen.

Dit is gebeurd met productieketens en voorraadbeheer in allerlei sectoren. Een robuust systeem heeft marges. Voorraad. Extra productiecapaciteit. Reserveonderdelen en -systemen. En dat kost geld, dus in naam van efficiëntie is dat wegbezuinigd. Productie is goedkoper in Azië, dus daar haalden we onze spullen vandaan. Je wil niet dat er geld vastzit in voorraad, dus verkleinden we onze buffers en schakelden over op ‘just in time’-levering. Maar efficiëntie is vooral heel fijn ‘als alles goed gaat’. En dat ging het niet.

Als deze crisis voorbij is, zal er in Nederland een stevige discussie moeten worden gevoerd over de robuustheid van de levering van essentiële producten en diensten. Want ook voor de coronacrisis leidde het al tot problemen dat bepaalde werkzame stoffen en medicijnen alleen nog maar in India en China worden geproduceerd.

Er zal gekeken moeten worden naar de afhankelijkheid van buitenlandse leveranciers, naar voorraadgrootte, en naar welke snel in te schakelen alternatieven we in Nederland hebben. Het lijkt logisch om dat in EU-verband te doen, zodat niet elk land eigen fabrieken moet gaan bouwen, maar de afgelopen maanden wijzen uit dat we robuustheid voorlopig – helaas – moeten bekijken op landniveau.

Jasper van Kuijk op Twitter: @jaspervankuijk

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden