ColumnLoes Reijmer

Eens te meer blijkt hoe onmisbaar mannen thuis zijn

Het vreemdst aan deze vreemde dagen is de alledaagsheid van het decor waarin ze zich afspelen. We brengen ze door in en rond het huis – een vertrouwder omgeving is er niet. En toch is alles onwennig. Twijfel op het gezicht van de buren. Laten we de kinderen nog met elkaar spelen? De supermarkt, een plek waar tot anderhalve week geleden nog loom gemijmerd kon worden over de existentiële kwestie Elstar of Jonagold, voelt nu als een spelletje Pacman.

In het geïmproviseerde thuiskantoor ververs ik voortdurend nieuwssites en sociale media, zinloze pogingen om meer greep te krijgen op de nieuwe realiteit. We hebben geen idee wat ons te wachten staat. Veel zal ellendig zijn, met zieken, doden, ontslagen en faillissementen. Hier en daar, heel zachtjes, klinkt ook voorzichtige hoop door. Misschien is dit hét moment om dingen echt te veranderen – een heel gekke gedachte is het niet.

De observatie kwam van een vriendin. Zag ik ze ook lopen achter de kinderwagens, de mannen van verpleegkundigen, artsen, kassamedewerkers, docenten en werkenden in de kinderopvang en thuiszorg? Partners van iemand met een cruciaal beroep, die nu even alleen het huishouden draaiende moeten houden? Zelf had ik er een paar op Twitter voorbij zien komen: mannen die schreven dat hun geliefde ‘naar het front’ was geroepen en zij met de kinderen thuiszaten. Het was lief, er sprak waardering en zelfrelativering uit, maar het feit dat er tweets aan gewijd worden, bewijst ook de uitzonderlijkheid ervan. 

‘De vitale beroepen zijn, ironisch genoeg, precies de beroepen die de afgelopen jaren onder toenemende druk stonden’, schreef de Volkskrant deze week. De meest in het oog springende beroepen op de lijst – zorg, onderwijs – zijn ook degene waarin overwegend vrouwen werkzaam zijn, beroepen waarover wordt gezegd dat de status afnam toen ze ‘feminiseerden’ en dat wij dan allemaal knikken, alsof dat inderdaad een logische verklaring is. Beroepen waarover wordt geschamperd dat er veel te veel in deeltijd wordt gewerkt.

Deeltijddecadentie’ heet dat inmiddels, een luie term die het complexe kluwen van maatschappelijke normen, stereotiepe verwachtingen, arbeidscultuur en conservatief beleid handzaam in de schoenen van Nederlandse vrouwen schuift, want die zouden bovenal verwend zijn. Veel beter is ‘kostwinnercultus’. Die doet tenminste recht aan de druk die mannen ervaren om genoeg geld te verdienen voor het gezin en het alom verbreide waanidee dat ze nu eenmaal minder goed voor kinderen kunnen zorgen.

Want zo gaat het in Nederland. Als vrouwen van de ochtendmisselijkheid boven de wc hangen en met een instabiel bekken door de dag waggelen – dingen die je helaas echt alleen moet doen – dan heet dat ‘we zijn zwanger’. In de jaren die volgen wordt plots verondersteld dat er maar één sekse is die talent heeft voor het smeren van boterhammen, afvegen van snotneuzen en taxiën naar sportclubjes, activiteiten die in essentie toch vrij genderneutraal zijn. Geen wonder dat maar een op de tien mannen minder gaat werken na de geboorte van een kind.

Velen willen wel in deeltijd werken, stelde kenniscentrum Rutgers vorig jaar in een onderzoek, maar denken dat het niet kan. Vanwege de baas, die het zal opvatten als een zwaktebod. Vanwege het salaris, omdat hij kostwinner is. Vanwege de vrouw, die met argusogen kijkt of hij het linkerschoentje niet aan het rechtervoetje doet. De intentie is er, benadrukte Rutgers, nu nog de cultuuromslag.

Zou die er eindelijk komen? Door deze vreselijke coronacrisis beseffen we eens te meer hoe onmisbaar de vrouwen in de zorg en het onderwijs zijn. Hopelijk leren hun mannen hoe onmisbaar ze thuis zijn. 

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden