Lezersbrieven Vrijdag 4 januari

Een wethouder van gemeente Utrecht die bepaalt wat mooi en lelijk is, is lachwekkend

Brief van de Dag

Het nieuwe Poortgebouw in Utrecht waar eens de overkapping van Hoog Catharijne was. Beeld Raymond Rutting / de Volkskrant

Brief van de dag: En maar zeuren over auto's 

Lelijkheid is natuurlijk subjectief. Een wethouder van de gemeente Utrecht die bepaalt wat mooi en lelijk is, is lachwekkend. Nee, Hoog Catharijne, dat is mooi of de Neudeflat, ook zo’n schitterend staaltje oostblok­architectuur.

Om nog maar te zwijgen over al die fietswrakken die de binnenstad ontsieren. En maar zeuren over de auto’s. Nu gaan alle parkeerplaatsen bij de Janskerk weg (Ten eerste, 3 januari). ‘Waarom zou je zulke schilderachtige stukjes Utrecht laten ontsieren door al dat stilstaande blik?’ Al eerder verdween daar de helft. Kwam daar groen voor terug? Nee hoor, meer terrassen. Meer ruimte voor commercie dus. Net als vroeger voor Hoog Catharijne…

Harmen Bijwaard, Utrecht

Lekker vuurtje

In veel binnensteden in Nederland zijn milieuzones ingesteld. Zo ook in Den Haag in de binnenring in de centrumzone. Ik reken even uit wat er bij het vreugdevuur in Scheveningen vrij kwam: ruim 100 duizend pallets op stapels à 25 kg is 2,5 miljoen kilo hout. Bij verbranding van één kilo komt zo’n 1,63 kg CO2 vrij (bij niet volledige verbranding) dat is zo’n 4 miljoen kg.

Een moderne auto geeft een uitstoot van 0,118 gram CO2 per gereden kilometer. Neem een jaargemiddelde per auto van 20 duizend kilometer, dan is dat 2,36 kg CO2 per jaar. Reken zelf maar uit hoeveel auto’s er per jaar door de milieuzone in Den Haag hadden kunnen rijden.

En dan laat ik roetdeeltjes (fijnstof) en toxische stoffen (PAK’s) buiten beschouwing. Hoezo CO2-maatregelen opleggen aan de burgers als de overheid dit soort activiteiten toelaat?

Theo van Gemert, Gemert, oud-commandant brandweer

Leefbaar Utrecht

Prima gedachte van GroenLinks-wethouder Lot van Hooijdonk van Utrecht om omwille van de leefbaarheid van de stad te mikken op bewoners die kunnen leven met de alternatieven voor de auto. Dit soort bewoners gebruikt dan waarschijnlijk in plaats van de auto het vliegtuig voor werk of vakanties. Reizen met het vliegtuig is echter schadelijker voor het milieu dan met meerdere mensen reizen met een auto.

Hubs met deelauto’s zijn leuk bedacht, maar wat als iedereen tegelijkertijd met vakantie wil, zoals in de schoolvakanties. Het zal toch niet de bedoeling zijn om (voormalig) militair vliegveld Soesterberg bij nader ­inzien toch om te moeten bouwen tot een Utrechtse uitwijkhaven voor Schiphol?

Kees de Jong, Utrecht

Slecht ter been in Utrecht

Het is erg jammer dat het artikel over het Utrechts beleid om steeds meer parkeerplekken op te heffen niet ingaat op de gevolgen voor mensen die slecht ter been zijn of in een rolstoel zitten (Ten eerste, 3 januari).

Met kliko-clustering, fietsverboden en opdoeken van parkeerplaatsen in de binnenstad wordt de fysiek minder bedeelde bezoeker van de Utrechtse binnenstad flink tegen de haren in gestreken.

Sommige plekken, zoals het stadskantoor, zijn bijna onbereikbaar en ik zou graag eens zien hoe de wethouder zich met rollator een weg baant door een cluster van 15 kliko’s op het trottoir.

Ik geef toe, 14 juli 2016 is nogal recent, maar het ‘VN-verdrag inzake de rechten van personen met een handicap’ geldt sindsdien ook in Utrecht.

Joost Helberg, Utrecht

Hoezo tempo doeloe?

Als kind woonde ik in Indonesië, mijn vader was daar zendeling. In 1945 meldde hij zich (gelukkig vergeefs) als vrijwilliger voor de bevrijding van Nederlands-Indië. In zijn jaren als zendeling werd hij zich heel bewust van het feit dat het land niet van ons is, dat we daar slechts te gast zijn. Hij droeg dat ook uit, verwarrend voor mij als kind met nationalistische ­gevoelens op het hoogtepunt van de Nieuw-Guinea-crisis. Door persoonlijke ervaring ben ik het van harte eens met Reza Kartosen-Wong (O&D, 3 januari). Kolonisatie en het daarmee verbonden racisme is intrinsiek ziek. Dat infecteert iedereen die er deel van uitmaakt. Ook al voelt men zich gelukkig, en maakt men zich wijs dat men het beste met de ‘inlanders’ voor had.

Ameling Algra, Almere

Herinnering, spreek

Nederlands-Indië wordt regelmatig onderworpen aan een moreel oordeel vanuit onze huidige ethische waarden. Maar wat als je de situatie beoordeelt naar de toenmalige maatstaven? Dan opent zich een genuanceerd beeld van de geschiedenis van onze ouders en voorouders – waaraan je recht moet doen. Ik verkeer onder de laatste levende mensen die Nederlands-Indië nog actief hebben meegemaakt. Wij hebben daar een eigen belevenis en herinnering aan. Dat geeft een ander zicht op wat er nu veelal in de publiciteit komt (O&D, 3 januari).

Ik heb de kopieën van de rapporten die mijn vader als bestuursambtenaar in 1947/1949 in Oost-Java heeft geschreven. Daaruit blijken zijn inspanningen om in de gebieden die onder controle van het Nederlands-Indische gouvernement waren de ­infrastructuur te herbouwen, de gezondheidssituatie en voedselvoorziening te verbeteren en de samenwerking met de lokale gezagsdragers op te pakken. Met hart voor de zaak en de mens.

Hij heeft er recht op dat dat aspect meespeelt in het beeld over Nederlands-Indië. Dat is een deel van de geschiedenis van Nederland en je moet oog hebben voor de negatieve aspecten, zeker, maar ook voor de mens in die maatschappij en de toenmalige normen en krachten. Zo moeten mijn kinderen en kleinkinderen dat verleden zien.

Herry Schoevers, Heemstede

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden