Achtergrond Cultureel erfgoed

Een televisiepresentator gaat het vervallen erfgoed van Frankrijk redden, met krasloten

Fort Cigogne, militair fort uit 1717, op het onbewoonde eilandje Cigogne in de Glénan-archipel voor de Bretonse kust. Beeld Getty

Met reddingsoperatie mission patrimoine hoopt de Franse regering historisch erfgoed te behoeden voor verval. Vooral op het platteland zijn veel monumenten verwaarloosd. Restaureren kost vaak kapitalen. Wie bepaalt welke bouwwerken een financieel steuntje in de rug krijgen? En waar moet het geld vandaan komen?

Ten westen van Parijs, in het dorpje Bougival, staat de 19de-eeuwse Villa Viardot. Een ideale bestemming voor wie de Parijse binnenstad even wil ontvluchten. Tenminste, dat zou het kúnnen zijn, als de villa niet decennialang was verwaarloosd. Vochtschade heeft de ornamenten aan de buitenmuren weggevreten. Binnen is slechts een fractie van de tientallen fresco's bewaard gebleven. De villa is hard op weg een bouwval te worden.

Het verval van de villa staat niet op zichzelf. Duizenden Franse monumenten hebben dringend een opknapbeurt nodig. Van de ruim veertigduizend gebouwen die als historisch monument geregistreerd staan, verkeert een kwart in slechte staat. Vijf procent wordt als vervallen beschouwd. Die bouwwerken dreigen ruïnes te worden – als ze dat niet al zijn.

Om het verval van het Franse erfgoed te keren, heeft Emmanuel Macron hulp ingeroepen uit onverwachte hoek. De president vroeg televisiepresentator Stéphane Bern leiding te geven aan ‘operatie erfgoed’. Hij werd voorzitter van een commissie die hij zelf mocht samenstellen. Hun opdracht: nieuwe, originele manieren bedenken om het verval van Franse monumenten tegen te gaan.

Villa Viardot, aan de oevers van de Seine, ten westen van Parijs. Gebouwd in de jaren dertig van de 19de eeuw. In 1874 gekocht door de Russische schrijver Ivan Toergenjev, die op het landgoed van de villa een houten chalet liet bouwen (‘de datsja van Toergenjev’). Beeld Getty

Monsieur Patrimoine, wordt Bern sindsdien genoemd. De presentator van populaire programma’s over de Franse geschiedenis is een persoonlijke vriend van president Macron. Je zou hem de Franse Jort Kelder kunnen noemen. Bern heeft een voorliefde voor blauw bloed: zijn programma’s gaan over koningen, prinsessen, hertogen en hertoginnen. Én over de kastelen en landhuizen waar zij in leefden. Inmiddels brengt Bern die chateau’s niet alleen in beeld, maar is hij ook verantwoordelijk voor het behoud van Frankrijks historische monumenten.

Bern is niet de eerste bekende Fransman zonder politieke ervaring die door Macron gevraagd is een regeringsfunctie te bekleden. Zo is de Marokkaans-Franse schrijfster Leïla Slimani ‘ambassadeur van de Franse taal’, en deed Macrons minister van Sport, Laura Flessel-Colovic, in een vorig leven als schermster mee aan de Olympische Spelen.

Domaine de Maison Rouge, een 18de-eeuws kasteel op het eiland Réunion, in het zuidwesten van de Indische oceaan. Tegenwoordig huisvest het gebouw het Musée des arts décoratifs de l'océan Indien (MADOI). Beeld Getty

Krasloten

Eén ding is zeker: het plan waar Berns commissie mee kwam, is in elk geval origineel. De Franse overheid gaat krasloten uitbrengen met afbeeldingen van monumentale gebouwen. Achttien monumenten, uit iedere Franse regio één, krijgen een ‘eigen’ kraslot. Van het Romeinse Aqueduc du Gier in de buurt van Lyon tot het domaine du Maison Rouge op het eiland Réunion in de Indische Oceaan – ook de vijf overzeese regio’s worden vertegenwoordigd.

De Franse staatsloterij verspreidt vanaf september 12 miljoen krasloten. Met 15 euro per stuk zijn ze flink duurder dan ‘normale’ krasloten. En een stuk groter ook, vergelijkbaar met een forse ansichtkaart. Wie mazzel heeft, krast gratis: één op de drie loten is al goed voor 15 euro – het aankoopbedrag. De echte geluksvogels kunnen flink cashen. Er zijn zes loten met een waarde van 1,5 miljoen euro in het spel. Als de loterij een succes wordt, komt er in 2019 een tweede krasronde.

Beeld de Volkskrant

Bern riep alle Fransen op monumenten aan te dragen die volgens hen aan restauratie toe zijn. De commissieleden ontvingen meer dan tweeduizend inzendingen. Daaruit selecteerden ze in totaal 269 monumenten. Naast geografische spreiding heeft de commissie gekeken naar de historische functie van de gebouwen. Zo staan er naast kastelen en kloosters ook industriële bouwwerken op de lijst.

De commissie verwacht met de loterij 15 tot 20 miljoen euro binnen te halen voor het opknappen van erfgoed. De renovatie van de achttien ‘kraslotmonumenten’ wordt volledig uit die opbrengsten gefinancierd. Hoe de rest van het geld verdeeld wordt, is niet bekend. Wel heeft de commissie beloofd dat alle geselecteerde monumenten financiële steun tegemoet kunnen zien.

Château de Bussy-Rabutin, een 12de-eeuws kasteel in Bourgondië. De bekendste eigenaar was graaf Roger de Bussy-Rabutin, generaal in het koninklijke leger van Lodewijk XIV. Sinds 1929 is het kasteel eigendom van de Franse staat. Beeld ANP

Voltaire

Volgens critici is het een druppel op een gloeiende plaat. Alleen al de renovatie van Chateau de Ferney – het voormalige landgoed van verlichtingsfilosoof Voltaire bij de Zwitserse grens, waar Macron de erfgoedplannen bekendmaakte – kostte 9 miljoen euro. Ook Bern benadrukt dat er meer moet gebeuren. Aan de andere kant: erfgoed redden gaat stap voor stap. En de loto du patrimoine is niet alleen opgezet om geld in het laatje te brengen, maar ook om aandacht te vragen voor de nooddruftige toestand van veel Franse monumenten.

De loterij is niet Berns enige plan. Eerder stelde hij onder meer voor bezoekers van de Parijse Notre-Dame entree te laten betalen. Dat was tegen het zere been van veel Fransen, die gewend zijn dat iedere kerk gratis toegankelijk is, middeleeuwse kathedralen incluis.

Veel Fransen zijn verbaasd dat er geen erfgoeddeskundigen in de commissie zitten. Nicolas Offenstadt, historicus aan de Sorbonne, noemde de keuze voor Bern als voorzitter ‘desastreus’. Volgens Offenstadt heeft Bern onvoldoende kennis van zaken om de erfgoedcommissie te leiden. Hij maakt ‘histotainment’, en heeft ‘een oppervlakkige blik op de geschiedenis’.

De presentator zelf benadrukt dat hij geen historicus is, maar ‘verhalenverteller’. Dat hij zijn voorzitterschap slechts te danken zou hebben aan zijn goede band met de president, zoals critici beweren, wuift Bern resoluut weg. ’Ik doe dit niet voor de president. Ik doe dit voor mijn land.’

Aqueduc du Gier, een van de best bewaard gebleven Romeins aquaducten. In de eerste eeuw voor Christus moest het de Romeinse stad Lugdunum (het huidige Lyon) van water voorzien. Beeld ANP
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.