GASTCOLUMNAnouk Boone

Een maakbare toekomst begint met de nadruk op maken

null Beeld Darrel Hunter
Beeld Darrel Hunter

De doos van Pandora staat wagenwijd open. Net als de mythische ‘schenkster van alle gaven’ hebben wij ons laten verblinden door nieuwsgierigheid en status. Alles moest meer, verder en grootser. Tot alles zo gefragmentariseerd en geglobaliseerd was dat we economisch niet bestand bleken tegen een pandemie. Het goede nieuws: dit biedt kansen om terug te grijpen op lokale productie, van halffabricaat naar eindproduct.

Ik wandel door mijn Amsterdamse buurt waar een stratenmaker werkt in de zon. Noeste handen leggen steen voor steen pas. Voor die handen voel ik ontzag. Want nog nooit waren hoofd en handen zo gescheiden als nu – en dat terwijl techniek leidend is in onze alledaagse beslommeringen. Technisch vernuft waarvan we geen idee hebben hoe de bits en bytes zich tot elkaar verhouden. Of hoe onzichtbare draadjes onze privacy langzaam meer en meer ontrafelen. Het design ethos ‘vorm volgt functie’ lijkt te zijn ingewisseld voor ‘ethiek volgt techniek’.

Terug naar de stratenmaker; De aanblik van zijn handen voert me naar Florence, waar ik enkele jaren woonde en werkte in de mannenmode. Tussen ateliers waar zijden dassen en zilveren manchetknopen worden gemaakt. Waar leren schoenen met de hand in elkaar worden gevlochten op een steenworp afstand van de Ponte Vecchio. De fameuze brug bezaaid met edelsmeden, die aan weerszijden leidt naar werkplaatsen waar gerimpelde handen boeken binden en papier verven met olietechnieken.

Het concept van de man als maker – homo faber – lijkt in Renaissance-stad Florence zijn bestaansrecht te verdedigen. Ambacht, van generatie op generatie doorgegeven, is tegenwoordig steeds schaarser en mag dus wat kosten. Voor de handgemaakte interieurstoffen van zijde (Antico Setificio Fiorentino), gepersonaliseerde geuren (Aqua Flor Firenze) en maatpakken van de Florentijnse sartoria Liverano & Liverano moet diep in de buidel worden getast. Dat eeuwenoude ambachtsverhaal verkoopt.

Zo vergroot het label handmade – al is alleen de knoop met de hand aangezet – artisanal of craft de marges aanzienlijk. Van zeep tot bier, het werkt. Denk maar eens aan de rake marketingslogan van het Zwitsere horlogemerk Patek Philippe: ‘You never actually own a Patek Philippe. You merely look after it for the next generation.’ Ik mag het inderdaad hopen voor een uurwerk ter waarde van een bescheiden Jaguar of appartement in de provincie.

In die leus schuilt emotie, romantiek. Dat wat volgens eeuwenoud recept is gemaakt, moet wel goed zijn. Handgemaakt staat in onze verbeelding gelijk aan goede kwaliteit en is dus duurzaam. Maar in de naaiateliers in Bangladesh dicteert kwantiteit de kwaliteit – en worden naaimachines ook niet met de hand bediend? En teruggrijpen op eeuwenoud erfgoed – de kunst herhalen – is mooi, maar heeft weinig meer met de essentie van homo faber te maken. Die wordt namelijk gevoed door een proces van problem finding en problem solving.

Heleen Mees haalt in haar recente column trendwatcher Lidewij Edelkoort aan: ‘Edelkoort voorziet een toekomst waarbij we minder reizen en minder producten in China laten maken. In plaats daarvan ziet ze een herleving van handvaardigheid, de arts and crafts, het maken dichtbij huis.’ Mees stelt dat de Nederlandse bevolking te hoog is opgeleid om in Nederland nog een serieuze maakindustrie te kunnen krijgen. Daarin verschil ik met haar van mening.

Opgesplitste productieketens – vanuit het idee dat specialisatie kostefficiënt is – staan namelijk niet garant voor een robuuste economie. Een voorbeeld: voor de productie van beademingsapparatuur is Nederland voor onderdelen afhankelijk van leveranciers wereldwijd . Maar nood breekt wet: TU Delft-studenten klinische technologie wisten in een mum van tijd beademingsapparaten te ontwikkelen.

Vakmanschap, in zijn meest zuivere vorm, is door kwaliteit gedreven werk volgens Richard Sennett, hoogleraar sociologie aan de London School of Economics en auteur van The Craftsman. Hij grijpt terug op de filosofie van Plato: het streven naar kwaliteit zal een maker ertoe aanzetten om steeds beter te worden. Het is deze drijvende innovatieve kracht inherent aan ambacht die resoneert met de huidige tijdgeest, met ons streven naar minder consumentisme en meer duurzaamheid. Onze hoogopgeleide beroepsbevolking én de vakmensen met een mbo-opleiding (van mensen in de zorg tot stratenmakers) dragen zo samen bij aan een maakbare toekomst.

Een Nederlandse maakindustrie vergt vooral een omslag in mentaliteit. Laat deze crisis dus een opmaat zijn om terug te keren naar ambacht zoals het ooit is bedoeld: om vernieuwende oplossingen aan te reiken. Met productie op lokale schaal, inclusief de romantiek van de bevlogen geest en de bekwame handen. Sales will follow innovation. En ook al moet de ‘kapitalistische Pandora’ worden beteugeld door ons geweten, ze verdient het om zo nu en dan te worden gememoreerd. Want onder in haar doos, zo verhaalt de mythe, gloort hoop.

Anouk Boone is journalist en ondernemer en in april gastcolumnist op volkskrant.nl/opinie.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden