Commentaar participatiebeleid

Een kansrijk participatiebeleid begint bij iets meer realiteitszin

Activerend beleid dat mensen in de kou laat staan, schiet z’n doel voorbij.

Minister van Sociale Zaken Tamara van Ark. Beeld ANP

In liberale kringen wordt graag meesmuilend gesproken over de maakbaarheidsidealen die veel andere partijen in de greep hebben. Toch loopt in één opzicht juist de VVD hierin al jaren voorop. De partij is onverslaanbaar in het ongebreidelde geloof in de mogelijkheden om de hele Nederlandse bevolking aan het werk te krijgen.

Ook dienstdoend staatssecretaris Van Ark van Sociale Zaken getuigde daar deze week van met haar aankondiging dat de tegenprestatie in de bijstand wordt verheven tot wettelijke plicht. In Van Arks ideale wereld gaat er geen uitkering meer de deur uit zonder dat er sociaal nuttige activiteiten tegenover staan die dan vanzelf leiden tot een betaalde baan bij een gewone werkgever.

Op zichzelf is dat een mooi streven. Nuttig, gewaardeerd werk – betaald of onbetaald – is het beste dat een mens kan overkomen. Tegen eenzaamheid, sociale ­uitsluiting en armoede is het vaak het beste medicijn. Vanuit die gedachte werd door de kabinetten Rutte I en II het hele arbeidsmarktbeleid geschoeid op ‘participatie’. Van de arbeidsgehandicapte jongeren en de bijstandsgerechtigden tot aan de mensen in de sociale werkplaatsen: allen moesten hun plek gaan veroveren op de gewone arbeidsmarkt. Betere begeleiding, afspraken met werkgevers en een stroom subsidies ­zouden de weg wijzen.

Helaas velde het Sociaal en Cultureel Planbureau juist deze week een tamelijk vernietigend oordeel over de eerste vijf jaar van de Participatiewet. Jonggehandicapten werken weliswaar iets vaker, maar hun inkomen is lager en hun contracten zijn vaak tijdelijk. Voor de klassieke bijstandsgerechtigden is de kans op werk niet of nauwelijks gestegen. En voor de meest kwetsbare groep, die voorheen onderdak vond in de sociale werkplaatsen, is de kans op werk zelfs aanzienlijk gedaald. Als ze werken, is dat bovendien vaker in deeltijd en in hoogst onzekere tijdelijke banen. En dat in jaren van hoogconjunctuur. Hoe zal het al die mensen vergaan als het straks economisch wat minder gaat, nu uit de analyse blijkt dat het regelen van ‘beschut’ werk voor veel bedrijven een tijdrovende en gecompliceerde opgave is? Als het kabinet niet oppast, eindigt het activeringsbeleid bij de eerste de beste crisis in een sociaal drama.

Ook het planbureau zegt niet dat het niet geprobeerd moet worden. Gericht beleid kan velen het duwtje geven dat ze nodig hebben om weer in actie te komen. Maar het kabinet overschat de bereidheid en de capaciteiten van een belangrijk deel van de doelgroep én die van een belangrijk deel van de werkgevers om het waar te maken in de praktijk. Te vaak zitten mentale problemen, verslavingen, sociale beperkingen of gebrek aan de juiste capaciteiten in de weg.

Werkgevers deinzen terug voor de tijdrovende begeleiding. Verplichtingen en financiële prikkels heffen in die gevallen de praktische bezwaren niet op. De verwachtingen in de Participatiewet zijn simpelweg te hoog gespannen. Dat leidt tot maatschappelijke schade als intussen wel de noodzakelijke vangnetten worden onttakeld. Vandaar dat de gemeenten deze week meteen massaal bezwaar maakte tegen weer een nieuwe poging om de wet aan te scherpen.

De toestand na vijf jaar nodigt juist uit tot een algehele politieke herbezinning op de Participatiewet. Vooral de afbraak van de sociale werkplaatsen zet te veel mensen in de kou. Dat vinden inmiddels niet alleen de vakbeweging en het linkerdeel van de Tweede Kamer, maar ook werkgeversorganisatie VNO-NCW.

Hopelijk heeft die nog niet alle invloed op het denken in Van Arks VVD verloren. Een kansrijk participatiebeleid begint bij iets meer realiteitszin.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden