OpinieCDA en migratie

Een kandidaat-lijsttrekker van het CDA die migratie normaal vindt, dat zou verfrissend zijn

Wie terugkijkt over veertig jaar moet vaststellen dat het goed gaat met nakomelingen van migranten.

Hugo de Jonge, Pieter Omtzigt, Martijn van Helvert, Mona Keijzer en partijvoorzitter Rutger Ploum op het partijbureau tijdens de voordracht van het CDA van de nieuwe lijsttrekker van de partij. Beeld ANP

Wat zou het nou toch verfrissend zijn – en in overeenstemming met de feiten – als een kandidaat-lijsttrekker van het CDA, gevraagd naar zijn of haar migratiestandpunt zou antwoorden dat dit een normaal fenomeen is dat Nederland al eeuwen kenmerkt en dat de integratie van nieuwkomers grosso modo heel aardig gaat. In plaats daarvan stappen Hugo de Jonge, Mona Keijzer en Pieter Omtzigt desgevraagd onmiddellijk in het pessimistische xenofobische frame dat migratie als een enorm probleem voorstelt en integratie als mislukt of op zijn minst als een wel heel moeizaam proces. Zo verklaarde De Jonge dat ‘migratie een belangrijke reden is van zorgen die mensen hebben’, ziet Keijzer geen onoverkomelijk bezwaar om met ‘omvolkings’ ophitsers als Wilders en Baudet samen te werken, en begint Omtzigt over de ‘onverenigbaarheid van grondrechten en sharia’ en over de beperkte draagkracht van de samenleving als het gaat om arbeidsmigranten.

Uitvergroting

Het probleem met deze reacties is niet dat er geen problemen zouden zijn met migratie en integratie, maar dat deze politici kiezen voor het uitvergroten van bepaalde negatieve aspecten en vergeten dat zij daarmee het sinds Fortuyn dominerende pessimistische beeld over migratie bij de bevolking juist versterken. Want anders dan veel politici graag willen uitstralen zijn zij niet simpelweg een spreekbuis van wat er onder het volk leeft, maar kunnen zij bepaalde ideeën, angsten en zorgen ook versterken door stelselmatig de problematische kanten ervan te benadrukken.

Iemand die dat goed begreep, was de fractieleider van de VVD in de jaren negentig, Frits Bolkestein. Die koos er in de aanloop naar de verkiezingen van mei 1994 bewust voor om – tegen de stilzwijgende afspraak van de toenmalige politieke partijen in – asielzoekers als electoraal thema in te zetten. Dat legde hem geen windeieren en binnen enkele weken steeg het percentage Nederlanders dat zei vluchtelingen een groot probleem te vinden van 17 naar 28 procent.

Multiculturele drama

Een ander voorbeeld is het geruchtmakende ‘Multiculturele drama’-artikel van Paul Scheffer uit januari 2000, dat een tamelijk somber beeld schetste over de integratie van met name Turken en Marokkanen. Met als gevolg dat, zeker na de moord op Fortuyn, migratie werd vereenzelvigd met een onverdraagzame islam, criminaliteit, werkloosheid en minderheidsvorming. Terwijl wetenschappers al bij het verschijnen van Scheffers stuk erop wezen dat hij veel te pessimistisch was en onderzoek liet zien dat de trends voorzichtig de goede kant op gingen.

Beide voorbeelden laten zien hoezeer politici en opiniemakers, met een deel van de media in hun kielzog, een eigenstandige rol hebben in het framen van problemen en de kiezer zo het zich ontnemen op wat er werkelijk aan de hand is.

Want kijken we terug naar de afgelopen veertig jaar dan kunnen we niet anders dan constateren dat het eigenlijk wonderbaarlijk goed gaat met veel nakomelingen van Turkse en Marokkaanse migranten, zeker als we bedenken dat hun ouders zich hier vestigden aan het begin van een lange recessie, in de slechtste wijken van de grote steden en nauwelijks scholing hadden gehad. Tegen de verwachting in heeft niettemin een belangrijk deel van hun kinderen grote sprongen gemaakt op de maatschappelijke ladder en hetzelfde gaat op voor het nageslacht van de vluchtelingen uit Irak, Iran en Afghanistan die in groten getale naar Nederland kwamen in de jaren negentig. En inmiddels geeft ook Paul Scheffer, enigszins schoorvoetend, toe dat hij destijds te somber was.

Sociale stijging

Daarbij komt dat die onmiskenbare sociale stijging, die het CBS en het SCP jaar na jaar in hun rapporten laten zien, zich voltrekt ondanks systematische discriminatie op de arbeids- en woningmarkt en etnisch profileren door de politie en de Belastingdienst, die mensen met een niet-Westerse migratie-achtergrond stelselmatig discrimineert.

En dan hebben we het nog niet eens gehad over al die andere immigranten uit Europa, de Amerika’s en Azië waar het in het debat nooit over gaat. Dat migratie, zeker op de korte termijn, ook allerlei problemen met zich meebrengt, is duidelijk, maar het grote verhaal is dat Nederland door zijn ligging, open economie, en koloniaal verleden (Indië, Suriname, de Antillen) een immigratieland was, is en zal blijven.

Als politici echt bezorgd zijn over dat ‘draagvlak’, dan zouden ze dat veel bredere en positievere verhaal moeten vertellen, waarin ook plaats is voor schaduwzijden, maar die dan wel in hun juiste context worden geplaatst. Het CDA als middenpartij, met een lang verleden van emancipatie van religieuze minderheden (zoals de katholieken) zou bij uitstek een partij kunnen zijn die voor een dergelijke koers kiest.

Leo Lucassen is directeur van het Internationaal Instituut voor Sociale Geschiedenis.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden