columntoine heijmans in apeldoorn

Een dorp, een bestuurscultuur, een journalist en het belang van honderd stukken in de krant

null Beeld
Toine Heijmans

Op de redactie is een bos bloemen bezorgd, die in een emmer verbaasd om zich heen staat te kijken. Na bijna honderd krantenstukken, twee vertrokken wethouders en een opgeschudde politiek stuurt de gemeente Epe een gelukswens aan Gep Leeflang, verslaggever van de Stentor die boven water haalde wat eronder moest blijven. Hij won er de Saskia Stuivelingprijs mee voor politieke journalistiek, vandaar het boeket.

Ondanks alles is Gep er verguld mee: ‘Ik vind het wel stoer van ze’. Zijn contact met het gemeentebestuur was al die tijd, nou ja, karig. Alles via voorlichters, het beton van de bunker. Eén keer vroeg de burgemeester of hij soms een hekel had aan Epe. Helemaal niet, zei Gep terug, ‘integendeel’. Dat was toen de burgemeester om een gesprek met zijn hoofdredacteur had gevraagd, en die had gezegd: ga jij maar mee.

Zoals veel journalistiek onderzoek, begon dit als ‘een kwestietje’, zegt Gep. ‘Het diende zich aan, en ik kreeg de ruimte en de tijd me erin te verdiepen.’ Eerder dook hij in een kwestietje in Ermelo, ‘een paar weken later was de burgemeester weg’, maar daar gaat het niet om, ‘ik ben geen kruisridder’. Het gaat hem om de bestuurscultuur in Nederland: ‘Steeds zie je hetzelfde patroon: een gemeente die tegenover de burgers staat, en juridisch haar gelijk probeert te halen. Daar verbaas ik me over.’

Bijna honderd krantenstukken schreef Gep Leeflang over de bestuurscultuur van Epe. Beeld
Bijna honderd krantenstukken schreef Gep Leeflang over de bestuurscultuur van Epe.

35 jaar zit hij in het vak, studeerde journalistiek in Kampen, begon bij De Graafschapbode en werd sportverslaggever bij de Apeldoornse Courant. Nu nieuws, reportages en onderzoek. Hij zag het medialandschap verschralen, steeds minder journalisten in gemeenten die steeds meer verantwoordelijkheid dragen, ‘maar bij de Stentor nemen we de waakhondfunctie héél serieus’.

De jury bekroont hem als ‘onverschrokken en vasthoudend’. ‘Het doet wat met me’, zegt hij, omdat het erkenning is. ‘Als zo’n onderzoeksverhaal in de krant staat, ben ik leeggezogen. Steeds weer die strijd, niets komt ruimhartig naar je toe. Daarom is steun van de krant ook zo belangrijk. Er wordt veel druk op me uitgeoefend. Als je één uitglijertje maakt, ben je aan de beurt. Het is een continue, niet-ontspannen situatie.’

Het begon met een wethouder die rommelde met de vergunningen voor twee uitritten op een industrieterrein. Kleine zaak, leek het, ‘en Epe is niet eens mijn gemeente’. De man was het ervaren kopstuk van lokale partij Nieuwe Lijn, al vijftig jaar dominant in de Eper politiek, en trad af nadat bekend werd hoe hij informatie onder de pet hield. Toen later een onderzoek naar de bestuurscultuur in de raad ter tafel kwam, appte hij de VVD dat ze een plek buiten de coalitie riskeerden – ook dat schreef Gep op.

Daarna kwamen de tips. Meer kwesties. Meer stukken die de gemeente niet vrij wilde geven. ‘Ik ben een halve jurist geworden.’ De politieke spelletjes zijn niet interessant, zegt Gep, wel wat beleid betekent voor mensen. Zo kwam hij erachter dat de gemeente in haar jacht op permanente bewoning van vakantiehuizen de geloofsovertuiging bijhoudt van eigenaren. Ze bleef dat ontkennen, ook al leverde Gep het bewijs.

De nieuwe wethouder stapte na precies honderd dagen op, en stelde daarmee 144 duizend euro wachtgeld veilig.

Zo daalde het vertrouwen van de burgers tot een dieptepunt: 11 procent, aldus een ‘quickscan’. ‘Maar de gemeente bleek in dat onderzoek best tevreden met zichzelf. De burgemeester zei: als binnenwereld moeten we de buitenwereld beter uitleggen wat we doen. Alleen die termen al.’

Gep Leeflang Beeld Maarten Sprangh
Gep LeeflangBeeld Maarten Sprangh

In de kern, zegt Gep, gaat het allemaal over hetzelfde. En bij vragen stuit hij nog steeds op beton. ‘Geen commentaar. Of: we geven geen antwoord want er zijn raadsvragen gesteld. Ook al gingen die over iets anders.’

Het openbaar bestuur vindt journalisten vaker lastig dan nuttig. Stuitend is een rapport over Limburg dat NRC-journalisten een veeg uit de pan geeft omdat er niets mis zou zijn met de bestuurscultuur. Even stuitend was de beslissing van minister Hugo de Jonge om de Wet Openbaarheid van Bestuur opzij te zetten. Er loopt nog steeds een rechtszaak over.

Het verschilt wel per gemeente, zegt Gep. ‘Er zijn wethouders die je gewoon ’s avonds kunt bellen’, zoals in Apeldoorn, zijn standplaats. Maar Epe verwijst hem nog steeds naar communicatie@epe.nl, ‘en dan krijg je mailtjes terug die niet eens met naam worden ondertekend.’

Terwijl: ‘Ik schrijf over wat burgers bezighoudt. Er is van te leren. Dus eigenlijk moeten ze me bedanken.’

Die bos bloemen – misschien is het een stil signaal.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden