Column Harriet Duurvoort

Een anti-geweldlunch in Rotterdam-Zuid: positiviteit die je nodig hebt in buurten als deze

De aanleiding waarom ik voor het eerst de heerlijke pierogi, Poolse knoedels met gehakt, van mijn buurvrouw Justinia proef is akelig. Andere buren hebben ook eten gemaakt. Het terras van de koffie- en wijnbar in ons straatje is zonovergoten. De 10-jarige dochter van de eigenaren had de actie bedacht. Tegen geweld in onze straat. Want de afgelopen week werden we opgeschrikt door een schiet- en een steekpartij. Want hoe fijn we hier ook zitten met de bolchrysanten vol in bloei op de terrastafels, dit blijft Rotterdam-Zuid.

Vijf dagen eerder draai ik de jaloezieën open vanwege de herrie buiten. Politie, ambulance, brandweer. Het is CSI voor de deur. Iemand blijkt een schot gelost te hebben in het stille, verkrotte pand hier tegenover. De schutter heeft zichzelf in zijn hand geschoten terwijl hij met een pistool speelde. Hij wordt op een brancard uit het raam getakeld en in de traumaheli gedragen. Blond stoppelbaardje, hij kijkt gezien de omstandigheden kwiek rond.

Broer van de uitbater

De volgende dag laat ik – voor u special price buurvrouw – een antibreek-glasplaatje op mijn mobiel zetten in de belwinkel tegenover mijn huis. De belwinkelier is de broer van de uitbater van de Turkse pizzeria op de hoek. Ze komen uit Bagdad. Zijn vrouw heeft hun vier maanden oude baby op schoot. Hij blijkt de schutter van naast te kennen. ‘Aardig. Pools. Altijd dag buurman.’ ‘Nee hoor, een ras-Hollander, geen Pool’, licht een andere buurman, ook ras-Rotterdams, mij later in. Er zijn vuurwapens, een handgranaat en een grote partij drugs gevonden. Lekker dan.

Een paar dagen later zet ik mijn fiets naar buiten en bots andermaal op tegen een politielint. Ertegenover, voor de belwinkel, ligt een vrouw onder folie. Neergestoken. Toch niet zij van de baby? Ik ril.

Toegestroomde buren drommen samen. Die man, ja die vriendelijke, is geboeid afgevoerd. Zijn broer ook. Niemand weet wat er loos was. Als ik aan een agent vraag wat er gebeurd is, kijkt hij geërgerd op. Hij mag natuurlijk niets zeggen. Maar ik ben geschokt en prevel iets van dat ik als buurtbewoner en moeder gewoon wil weten wat er aan de hand is. ‘Als je kinderen hebt, ga je hier toch niet wonen?’, zegt hij. Ik ben woedend.

De opkomst voor de spontane straatlunch is niet groot. Het is vooral het buurtbubbeltje van hoogopgeleide creatievelingen dat aanloopt en dat is misschien ook wat intimiderend. Maar dat iedere voorbijganger gratis koffie aangeboden wordt, tovert toch een blij verraste glimlach tevoorschijn. Positiviteit die je nodig hebt in buurten als deze. Want er is méér dan de criminaliteit.

Justinia en haar man zijn een succesverhaal. Nu huiseigenaren, terwijl ze 12 jaar geleden met twee kinderen, werkend in de Hollandse groenteteelt, in de auto woonden. Hun oudste dochter studeert nu af als ingenieur in Delft.

Christina, die onlangs om de hoek een huis kocht, is mede-eigenaar van de boekwinkel in de hippe Fenixloods op Katendrecht. Daar zijn miljarden in gepompt, peperdure huizen neergezet voor witte yuppen en kansarmen de wijk uitgeveegd, constateert ze. Hier niet. Hier wonen we tussen de scherpe kantjes van het geglobaliseerde nu. En toch zijn we allemaal mensen, of, wat in elk geval door iedereen gevoeld wordt, buren.

Iraakse buurmannen

Op een vroege ochtend zijn plots de Iraakse buurmannen weer terug. ‘Buurvrouw! Alles goed?’, roept die van de afhaalpizzeria als hij me ziet. Hij vertelt dat ze zijn afgeperst. ‘Een Bulgaar. Of Marokkaan. Die wilde 100 euro per week. Ik zei nee, hij zei wacht maar. Hij heeft mijn vrouw gestoken!’. Zijn broer en hij zaten drie dagen vast. ‘Maar wij goede mensen! Ik haal zo mijn vrouw uit ziekenhuis, gaat goed nu.’ Wens haar sterkte, zeg ik. Mijn buren appen me: ‘Wat zei hij?’

Ik zucht. Voor Rotterdam-Zuid moet je uit een bepaald hout gesneden zijn. Maar de anti-geweldlunch bewees ook onze veerkracht. Dat was een particulier initiatief maar ik geloof in dit soort kleine buurtprojecten om de sociale cohesie te bevorderen, in buurten waar zovelen zich soms ontheemd en unheimisch voelen. En vooral rond eten, want iedereen is trots op zijn gerechten.

Reserveer van al die miljoenen die voor flitsende woontorens op Zuid, en naast die inderdaad broodnodige investering in onderwijs, alsjeblieft ook een potje zodat straatjes zoals de onze dit soort buurtetentjes kunnen organiseren. Investeer in mensen die er wat van willen maken.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden