De kloof Educatie

Econoom Barbara Baarsma: ‘Investeren in jezelf is geen straf, hè?’

De tegenstellingen in Nederland openbaren zich in tal van geledingen. Waar ligt de oorsprong en waartoe zal het leiden? Aflevering 10 in een serie: econoom en bankier Barbara Baarsma.

Barbara Baarsma: ‘Ik ben geen strenge tante, ik zie hoe alles in elkaar grijpt.’ Beeld Kiki Groot

Haar analyse over wat Nederland ­verdeelt, is hard en helder: ‘Ons funderend onderwijs faalt. Ongelijkheid bestaat overal, maar meer dan ­elders bepaalt in Nederland afkomst je kansen.’ Barbara Baarsma (50), bekend gezicht van tv-programma De Wereld Draait Door, hoogleraar economie aan de UvA, maar sinds dit jaar eerst en vooral directievoorzitter van de Rabobank ­Amsterdam, ziet dat in het sociaal zo vlak geachte Nederland iets grondig misgaat. ‘Uit inspectierapporten maak ik op dat ons initieel onderwijs, dus tot aan een startkwalificatie, niet werkt als grote gelijkmaker, maar de laatste tien jaar de ­motor was van groeiende kansenongelijkheid. In de grote steden nog meer dan elders.’

Vanuit de Mondriaantoren bij het ­Amstelstation kijkt Baarsma graag uit over haar werkterrein, groot-Amsterdam, maar ze is niet minder betrokken bij de rest van het land. ‘Ik voel me als burger, als bankier en al mijn andere rollen onderdeel van het sociale contract dat we met elkaar hebben.’ Ze was tot voor kort Kroonlid van de Sociaal-Economische Raad (SER), is voorzitter van de Bankraad, klankbord van De ­Nederlandsche Bank, en lid van het ­Nederlands ­Comité voor Ondernemerschap. Als ‘dienaar van de samenleving, en vooral van de reële economie’ waarschuwt ze dat, wil de kansarme burger aanhaken en de economie blijven floreren, Nederland moet inzetten op een leven lang leren.

U klinkt dreigend, terwijl het jongste rapport van het Sociaal en Cultureel Planbureau, De sociale staat van ­Nederland, ons juist een tevreden natie toonde.

‘Dat klopt, we leven in een prachtig land, en we geven ons leven gemiddeld het ­cijfer 7,8. Mensen met veel inkomen en een hoge opleiding geven het maar liefst een 8,6. En zelfs degenen die er niet best voorstaan, zoals veel laagopgeleiden met een flexbaan, of langdurig werklozen, geven het nog altijd een voldoende, een 6.

‘Maar het is ook waar dat 3 procent van de bevolking beslist níet tevreden is over zijn leven. Zo’n 3- á 400 duizend mensen voelen zich speelbal van het lot en ervaren geen regie over hun leven. Ze hebben weinig inkomen, een lage opleiding, voelen zich weerloos en afhankelijk, niet happy, en daar moeten we iets aan doen. In totaal voelt bijna 10 procent dat zij geen regie hebben op hun levensgeluk. Ook voor hen is onderwijs hét instrument.’

Toch, met een ingekrompen verzorgingsstaat, de opmars van het flexcontract, een woningmarkt die ­jongeren het ergste doet vrezen en de fikse pensioenonzekerheden voor ouderen, lijken de demografische kloven eerder te groeien dan te worden overbrugd: onder het ­geluk knaagt de angst.

‘En precies vanwege die massieve ‘verliesangst’ hamer ik op dat continu leren. Mensen moeten niet afhankelijk zijn van de verzorgingsstaat, ik gun hen zelfredzaamheid. Als je die cijfers over welzijn en tevredenheid nader onderzoekt, zie je dat voor het welbevinden tot op zekere hoogte inkomen nodig is, dat is een basisvoorwaarde. Graaf je dieper in al die feiten en cijfers, wat ik als econoom graag doe, dan zie ik dat nog beslissender is: is iemand kansarm of kansrijk? En aan die positie ligt ten grondslag: onderwijs. Zonder het leven te willen platslaan tot koopkrachtplaatjes: hoogopgeleiden zijn doorgaans rijker, gezonder en gelukkiger dan lager opgeleiden. Dus ga leren en blijf leren. Dan kun je je weren tegen veranderingen in de economie. Ik snap dat mensen zekerheden willen, maar veranderingen blijven komen; de vaste baan bleek ook een schijnzekerheid.’

Hoe ziet u dat voor zich, dat een ­leven lang leren?

‘In een eerder, onderbelicht, SER-rapport is aangekaart om de burger leerrechten te geven, gekoppeld aan een budget. Mensen hebben nu al leerrechten, al weten ze dat vaak niet. Ook bestaan er vele subsidies voor een leven lang leren. Ik telde ooit 1.400 potjes; als we die bij elkaar gooien, hebben we een leuk startkapitaal voor een verzekering tegen kennisveroudering voor mensen die langdurig langs de kant staan.

Wat betreft individuele leerrekeningen kan de overheid nog veel meer doen. Ook werkgevers zijn verantwoordelijk. Als je maandelijks op je loonstrookje je leerbudget en -rechten ziet staan, en dat geldt dan óók bij flexwerkers, prikkelt dat om er iets mee te gaan doen. Doe je dat niet, dan maak je bijvoorbeeld minder aanspraak op sociale verzekeringen. Ik denk dat we in de toekomst gaan naar arbeidscontracten voor vijf tot tien jaar. Dan is het voor werkgever en werknemer helder dat je niet stil kan blijven zitten. Investeren in jezelf is ook geen straf hè? ‘Lang leve het leren’ klinkt al anders dan een leven lang leren.’

Overschat u de leerlust en flexibiliteit van ‘gewone mensen’ niet?

‘Keer op keer zie ik in de onderzoeksdata dat mensen die goed zijn opgeleid en zich onderdeel voelen van de samenleving, meestal via een baan, het gevoel hebben grip op hun leven te hebben. En dat gevoel van regie draagt weer bij aan hun optimisme en geluksgevoel, en dat weer tot meer zelfvertrouwen. Dat herken ik. Ik heb kansen gehad en gegrepen en sta aan de goede kant van de streep, maar ik ben niet bang voor verandering. Het is dus niet zo dat ik als strenge tante ­andere mensen maar van alles wil opleggen, ik zie hoe dingen werken en dat alles in elkaar grijpt. Laat mij de optimist zijn die gelooft in kansenversterking.’

Langer doorwerken moet, maar op de werkvloer tiert ondertussen de leeftijdsdiscriminatie welig.

‘Als levenslang leren en kortere arbeidscontracten normaler worden, kan straks de kleuterjuf van 55 jaar, die onderhand moe is van haar drukke klassen, haar kennis misschien delen op een pabo. Het zal wennen zijn, maar we moeten al in de schoolbanken gaan nadenken over onze loopbaan: ik kan niet mijn hele ­leven juf blijven. Daar moeten ook de maatschappelijke instituties scherp op zijn, dat mensen niet alleen verzekerd zijn tegen baanverlies, maar evengoed tegen kennisveroudering. Ze hebben récht op nieuwe kennis en vaardigheden opdoen.’

Blijft de noodkreet over je wiegje dat nog altijd in hoge mate je kansen bepaalt: segregatie in het ­onderwijs, het is een oude, taaie kwestie.

‘Er moet een breed debat komen over ons onderwijs, waarin kinderen door hun afkomst al vroeg kansrijke afslagen missen. De overheid is hierbij als eerste aan zet, maar als bank voelen we ook onze verantwoordelijkheid, bijvoorbeeld voor de stad Amsterdam waar we ons ook inzetten met onderwijsprojecten. In een samenleving die ik graag ‘samen-redzaam’ in plaats van ‘zelf-redzaam’ noem, moeten we als burgers, ­bedrijfsleven, bank en overheid samen aan de slag. Als coöperatieve bank, die winst niet uitkeert aan aandeelhouders, kunnen we dividend aanwenden voor samenredzaamheid.’

VOORGAANDE AFLEVERINGEN VAN DE KLOOF

1. Geograaf Josse de Voogd over de culturele tegenstellingen in Nederland: ‘De proteststem woont in suburbia’

2. Psycholoog Carsten de Dreu over polarisatie in de samenleving: ‘Biologie en cultuur beïnvloeden elkaar’

3. Burgemeester Ahmed Aboutaleb over zijn stad Rotterdam: ‘Polarisatie en populisme hoeven niet per definitie slecht te zijn’

4. RAI-voorzitter Steven van Eijck over mobiliteit: ‘Bezit maakt plaats voor gebruik, wen er maar aan’

5. Architect Sjoerd Soeters over de woningbouw: ‘Hou op met dat stapelen in torenflats’

6. SGP-politica Paula Schot over seksualiteit: ‘Natuurlijk houden SGP-vrouwen wél van seks’

7. Theatermakers Saman Amini en Nima Mohaghegh over alledaags racisme: ‘Iedereen met een migratie-achtergrond is getekend door racisme’

8. Denk-Kamerlid Selçuk Öztürk over omgangsvormen in de politiek: ‘Word ik hierna nog meer gehaat, of zal ik worden begrepen?’

9. Ondernemer Rutger Koopmans over millenials: ‘Mijn generatie denkt ook: wij willen jullie jongeren wakker schudden’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden