Duits afscheid kernenergie is nuchtere afweging

Duitsland is bezig afscheid te nemen van kernenergie. Dat komt niet voort uit hysterie, maar is gebaseerd op een nuchtere afweging van veiligheid en kosten.

Nederlands protest tegen kernenergie in maart 2011. Beeld anp

Voor een Duitser die al meer dan tien jaar in Maastricht woont, was Fukushima een openbaring. Duitsland en Nederland zijn buren, maar hun samenlevingen reageerden volkomen verschillend op het nucleaire ongeval, en dat leidde tot tegengestelde politieke gevolgen. In Duitsland heeft de regering-Merkel al kort na het ongeval in Japan de acht oudste kerncentrales stilgelegd. Desondanks gingen in de weken erna honderdduizenden demonstranten de straat op om een complete Atomausstieg te eisen: de sluiting van alle kerncentrales. Vorige maand besloot de bondsregering de stilgelegde reactoren niet meer te starten en de negen die nog actief zijn stapsgewijs tot 2022 te sluiten.

In mijn nieuwe thuisland bleef het na Fukushima merkwaardig stil. Goed, er werd hier en daar wat gedemonstreerd. Een paar duizend man in maart in Amsterdam, dat was alles. Premier Rutte noemde de Duitse beslissing 'merkwaardig'. Waar waren al die tegenstanders van atoomenergie gebleven die enkele decennia geleden nog hebben gezorgd dat er na Borssele geen nieuwe kerncentrales zijn gebouwd? Het is vreemd dat zij geen vuist maken tegen een regering die beweert dat niemand zich druk hoeft te maken over de veiligheid van de Zeeuwse centrale. Diezelfde regering zegt ook dat stilleggen economisch gezien onverstandig is, hoewel slechts een klein percentage van alle stroom uit een kerncentrale komt. En ze verkondigt dat een toekomstgericht energiebeleid gelijk staat aan het bouwen van nieuwe kerncentrales.

Ook bondskanselier Angela Merkel, van huis uit natuurkundige, was vlak voor Fukushima nog overtuigd van de veiligheid van de nucleaire techniek. En de liberale coalitiepartner FDP gold als stabiele partner van de nucleaire industrie. Hoe kan het dan dat de Duitse voorstanders een draai van 180 graden hebben gemaakt en de Nederlandse niet?

Irrationeel
Veel Europese commentatoren hadden hun antwoord snel paraat: het zou Duitse Angst zijn, de irrationele denkwijze van een complete samenleving die een nuchtere afweging onmogelijk maakt. De Britse Daily Telegraph sleepte zelfs de traditioneel Duitse verbondenheid met de natuur erbij, een sentimenteel gevoel voor romantiek dat al door de nazi's voor hun duistere doelen zou zijn ingezet. Een leuk staaltje Britse humor. Maar ook serieuzere commentatoren noemden 'de Duitsers' en hun kanselier irrationeel. Volgens hen reageerde Merkel in paniek vanwege de komende verkiezingen en de hysterische publieke opinie. Wetenschapsredacteur Karel Knip van de NRC oordeelde koel over de Duitse opstelling: er is geen reden centrales om veiligheidsredenen te sluiten en de beslissing om dat te doen was dus onverstandig.

De vraag is nu van welke nuchterheid hier sprake is. Ter herinnering: het definitieve afscheid van kernenergie is al besloten door de rood-groene coalitie van tien jaar geleden. Volgens de enquêtes vond een ruime meerderheid van de Duitsers dat toen een verstandig besluit, en dat is nog steeds zo. Het was eerder zo dat de huidige christen-democratisch-liberale regering zich hier in de minderheid bevond.

Hiervan hebben vooral de Grünen geprofiteerd, hoewel hun sterke opkomst ook andere oorzaken heeft. Momenteel lijken de Duitse Groenen de kans te hebben de allereerste groene volkspartij in de EU te worden. Achter de recente verkiezing van een groene politicus tot minister-president van Baden-Württemberg zit niet alleen Fukushima, maar ook het vertrouwen in een partij die een plek midden in de Duitse samenleving heeft gevonden.

Hardliners
Met dat in het achterhoofd was Merkels beslissing de Duitse kerncentrales te sluiten volstrekt rationeel en allesbehalve een paniekreactie. Ze wist dat ze hiermee een paar conservatieve kiezers zou kwijtraken en dat de nucleaire hardliners binnen haar partij verzet zouden bieden. Maar zonder deze radicale koerswijziging zou ze het centrum van de Duitse samenleving aan de Groenen moeten afstaan. Ook dat is een opvallend verschil met de politieke situatie in Nederland: hier beheerst de onemanshow Geert Wilders met zijn islam- en immigratiethema's het debat. Voor kernenergie lijkt geen ruimte meer op de politieke agenda en GroenLinks heeft daarom nauwelijks de kans zich te profileren rond het thema 'kernenergie'.

Premier Mark Rutte heeft dus niet hetzelfde probleem als zijn Duitse ambtsgenoot en daarom is zijn 'ja' politiek gezien een nuchtere keuze. Maar dat wil niet zeggen dat Angela Merkels opstelling 'merkwaardig' of 'irrationeel' is.

Nu we toch over nuchterheid spreken, is ook het feit interessant dat de Duitse voorstanders van kernenergie sterker dan in andere landen allang niet meer als enige de publieke opinie beïnvloeden. Experts van vooraanstaande milieudenktanks als het Öko-Institut produceren al jaren hun eigen risicoanalyses en hangen met koele cijfers een prijskaartje aan het afscheid van kernenergie. De Duitse burger gelooft ook al lang niet meer dat het risico van een terreuraanslag verwaarloosbaar is.

Dat heeft niets met hysterie te doen maar met een veranderde inschatting van de risico's. En met de vraag waarom we dit risico, hoe groot of klein ook, eigenlijk zouden nemen. Dat kernenergie zo 'goedkoop' is, zoals de voorstanders beweren, is iets waarbij steeds meer Duitsers vraagtekens plaatsen. Gedegen studies maken duidelijk wat de werkelijke kosten van het transport en de opslag van het radioactieve afval en van de noodzakelijke verzekeringen zijn. Dat zijn zaken die door de belastingbetaler moeten worden opgehoest, zoals nu in Japan pijnlijk duidelijk wordt. Het is interessant te zien dat die zorgen in Nederland veel minder sterk leven. Hier komt de regering vrij makkelijk weg met haar bewering dat nucleaire energie goedkoop is. En een terreuraanslag in Borssele? Daarover hoeft echt niemand zich zorgen te maken. Een fraai staaltje Hollandse nuchterheid.

De Duitse regering stuurt niet bepaald onbezonnen aan op een economische ramp en een mislukking van de klimaatdoelen. Een regeringscommissie heeft op grond van degelijke onderzoeken geconcludeerd dat het land in tien jaar tijd gefaseerd afscheid kan nemen van nucleaire energie. Of zelfs nog eerder. Zonder economische pijn en zonder de klimaatdoelen in gevaar te brengen. Wetenschappers als Olav Hohmeyer, lid van de adviescommissie van de bondsregering, acht zelfs 2015 of 2017 haalbaar. Het Umweltbundesamt, het federale milieubureau, heeft al eerder voorgerekend hoe duurzame energievormen grootschalig kunnen worden ingezet, iets wat de bouw van flexibele gascentrales met warmte-krachtkoppeling noodzakelijk maakt.

Lobby's

Ten slotte heeft nuchterheid ook te maken met nationale lobby's. De ooit zo machtige vier atoomconcerns hebben sterk aan invloed en geloofwaardigheid ingeboet omdat zij bijvoorbeeld de duurzame energie eerder hebben geblokkeerd dan gefinancierd. Dankzij de snelle opkomst van duurzame-energieopwekking zijn er talrijke nieuwe bedrijven ontstaan, die inmiddels zelfbewust miljarden euro's in wind- en zonne-energie steken. Ook gemeentelijke nutsbedrijven hebben stelling genomen tegen de nucleaire industrie. Voor hen is de Atomaus-stieg een prachtkans op regionaal niveau in duurzame energie en warmte-krachtkoppeling te investeren. Samen vormen ze een tegenlobby, die groei en arbeidsplaatsen belooft.

Duurzame energie leeft in Duitsland veel sterker dan in Nederland. Deze nieuwe bedrijfstak heeft honderdduizenden arbeidsplaatsen gecreëerd, boeren hebben massaal in zonnepanelen geïnvesteerd en veel burgers zijn betrokken bij de ruim 20 duizend windturbines op het Duitse vasteland. Dankzij de vaste vergoeding voor het toevoegen van duurzaam opgewekte stroom aan het openbare net, zijn de doelstellingen bij de ontwikkeling van duurzame energie vaak al gehaald voordat ze zijn vastgesteld. Het idee om dit systeem versneld uit te bouwen is dan ook geenszins absurd.

Ook hierin is de Duitse situatie anders dan de Nederlandse. Want welke Nederlander gelooft dat de lokale duurzame-energiesector de wind in de zeilen zal krijgen na het mislukte Haagse zwabberbeleid? 'Windmolens draaien op subsidies', luidt een oneliner van de huidige regering, die zo economische nuchterheid wil uitstralen. Maar deze Hollandse 'nuchterheid' zou wel eens zeer irrationeel kunnen blijken.

Martin Unfried is senior lecturer aan het European Institute of Public Administration te Maastricht.

Vertaling: Thijs Joosten

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.