Column Arthur van Amerongen

Dronken en stoned worden op je eigen feest vind ik vulgair

Ik dacht dat ik ieder gevoel van schuld en schaamte had weggezopen in de afgelopen veertig jaar, maar na het bacchanaal ter gelegenheid van mijn verjaardag en mijn boekpresentatie werd ik wakker met een gros spijkers in mijn kop en een zich herhalende, krankzinnig makende mantra: wie heb ik allemaal beledigd, wie heb ik allemaal beledigd?

Ik weet niet of het oprechte schaamte, schuld en berouw betrof. Eerder was het een vreselijk ophikken tegen de vermoeiende reconstructie der gebeurtenissen en de daaruit voortvloeiende damage control en wiedergutmachung.

Dronken en stoned worden op je eigen feest vind ik vulgair. Daarom ging ik het dit keer geheel anders doen. Ik had precies uitgerekend wanneer ik mijn eerste borrel en snuif zou nemen: na de toespraken van Mariska Budding van uitgeverij Pepper, oom Rob Hoogland, Arie Pos (de biograaf van Gerrit Komrij) en Pieter Waterdrinker. De sprekers staken zoveel veren in mijn reet dat ik niet meer kon bukken. Ik snakte naar een borrel maar moest eerst nog handjes schudden en knuffelen. Van mijn bruiloft, in een ander leven, had ik geleerd. Toen verkeerde ik in kennelijke staat en vergat ik de helft van de gasten te verwelkomen.

Later rekende ik uit dat dat logistiek onmogelijk was geweest want als ik voor iedere gast 2 minuten had uitgetrokken, kwam ik uit op 1200 minuten.

Na de slotwoorden van Waterdrinker pakte Pierre van Duijl zijn trekzak en zong een hartverscheurende versie van La Mamma. Pierre is de zanger van de Rotterdamse cultband De Dopegezinde Gemeente en zong Stroei voei in de verfilming van Ja zuster, nee zuster.

 Ik hield het niet meer: er moest een borrel in. Inmiddels was de wereldberoemde gitarist Titi Bamberger binnengekomen en ontstond er een schitterende symbiose tussen Pierre en Titi. Gypsy Jazz in The Hot Club do Algarve.

Daarna zong Pierre vieze Nederlandstalige liedjes. Vooral zijn bewerking van De Vriend van André Hazes was een laaiend succes. Tussen de verschillende strofen moesten alle gasten heel hard ‘vuile hoer’ brullen: zag jij niet aan de muur mijn trouwportret? Vuile hoer!

Ik herinner mij nog de magnumfles Russische wodka die Waterdrinker tevoorschijn toverde. Daarna ging bij mij het licht uit. Het lichaam ging echter gewoon twee etmalen door op de automatische piloot. 

Mijn reconstructie leverde niks op. Alle betrokkenen deden alsof hun neuzen bloedden. Kennelijk had ik heel eventjes de gunfactor. Wat zou mama trots op me zijn geweest. Toch was ik blij dat ze er niet bij was.

Beeld Gabriël Kousbroek
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.