COLUMNJasper van Kuijk

Doordat ouders de school runnen, kunnen de klassen klein blijven op onze ‘friskola’

null Beeld

Jasper van Kuijk schrijft wekelijks over het tijdelijke verblijf met zijn gezin in Zweden.

Op ons Zweedse plattelandsschooltje zitten Zes en Acht in klassen van respectievelijk twaalf en dertien kinderen. Vaak is er naast de leraar ook nog een assistent aanwezig. Ik wist de eerste tijd niet hoe ik het had. In Delft hadden de jongens fijne leraren, maar je zag ook wel dat ze enigszins logistiek uitgedaagd werden met 25 à 30 kinderen in hun klas. Hier bestaat de hele school uit niet meer dan 50 leerlingen.

Maar wacht nog even met roepen ‘Kijk, daar in Zweden hebben ze het wél begrepen!’ Toen ik aan de leraar van Acht vroeg of dit normaal was, zo’n kleine klas, moest ze lachen. ‘Nee hoor’, zei ze, ‘studiegenoten van mij die in Stockholm werken staan gewoon voor 28 kinderen.’ Er is in Zweden al net zo’n groot lerarentekort als in Nederland. Er wordt cynisch gegrapt dat zich vorig jaar meer Zweden inschreven voor Expeditie Robinson dan voor de lerarenopleiding. Een andere leraar vertelde dat ze nooit meer terug wilde naar een school met grotere klassen. ‘Op mijn oude school was ik voor 80 procent politie en voor 20 procent pedagoog, hier is het precies andersom.’

Ik snap nu waarom onze school het geen enkel probleem vond om voor een jaar twee Nederlandse jongetjes op te nemen die nog geen woord Zweeds spraken. Er is álle tijd om individueel met kinderen te werken, of extra aandacht te besteden aan de dynamiek in de klas. Onze jongens waren niet zozeer een extra belasting, maar eerder een leuke verrijking voor de leraren en de klas.

Doordat de school zo klein is, gaan kinderen van verschillende leeftijden meer met elkaar om. Op het schoolplein zie je slungelige prepubers goedmoedig met de kleintjes spelen. En de afspraak is dat kinderen niet alleen de verantwoordelijkheid zijn van hun eigen leraar, maar van iedereen. Ik kan nog steeds een glimlach niet onderdrukken als de adjunct-directeur weer eens opduikt als chauffeur van de schoolbus of als invaller bij de kinderopvang.

Eigenlijk zou onze school niet meer mogen bestaan. Twaalf jaar geleden wilde de gemeente de school sluiten, om kosten te besparen. De redding was een wet die sinds een aantal jaar de oprichting toestond van friskolor, scholen die niet worden bestuurd door de overheid. Daar zijn ook commerciële partijen op gedoken, wat heeft geresulteerd in uitwassen als op winst gerichte, beursgenoteerde schoolketens en commerciële friskolor die hun schoolprestaties niet openbaar willen maken, ‘want concurrentiegevoelige informatie’. Maar onze friskola is opgericht door een coöperatie van ouders die dachten: ‘Als de school verdwijnt, dan verdwijnt het leven hier.’ De school krijgt per leerling een budget van de overheid – er wordt geen eigen bijdrage gevraagd – maar wordt bestuurd door ouders.

Ook al het facilitaire werk wordt als het maar een beetje kan gedaan door ouders. Want het uitgangspunt is: zoveel mogelijk geld naar onderwijs. Dus administratie, ict, onderhoud: voor alles is er een ouderwerkgroep. En dan niet een werkgroep die eigenlijk een praatgroep is. Nee, ik vond mezelf met mijn ‘conciërgegroep buiten’ op een frisse zondagochtend in de herfst terug in het bos waar we een omheining plaatsten zodat ook de allerjongensten daar konden spelen. Afgelopen twee weekenden waren de jaarlijkse klus- en schoonmaakdagen, en als het schoolpersoneel vergadert draaien ouders de buitenschoolse opvang en de kinderopvang.

En dan kun je dus klassen hebben met dertien leerlingen en twee leraren. In het begin vond ik de kleinschaligheid van onze school en de inzet van ouders opmerkelijk. Inmiddels vind ik het eigenlijk raarder als er middels een ‘scholenkoepel’ boven elke leraar minstens drie managementlagen hangen, maar de kinderen ondertussen met z’n dertigen in een klas zitten.

Lees verder

Hoe langer we hier waren, hoe meer ik het idee kreeg dat in Zweden over de volle breedte, van politicus tot expert, van presentator tot analist, meer vrouwen in het nieuws zitten

Blijven jullie niet gewoon daar? Al voor we naar Zweden vertrekken is dat de vraag die ons het meest gesteld wordt. En plotseling denk ik: wat als we blijven?

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden