Column Sheila Sitalsing

Donald Trump is niet de enige die wantrouwig naar het Oosten tuurt

Sibrand Poppema, de vorige collegevoorzitter van de Rijksuniversiteit Groningen, had nog zo bezworen dat zijn grote project een loterij zonder nieten was. Zijn liefdesbaby, zijn kans om de universiteit tezamen met Groningen, Nederland (en heel misschien hemzelf ook wel, maar om dat laatste was het hem natuurlijk niet te doen) op te stoten in de vaart der volkeren.

In Yantai, China, zou de RUG een nevenvestiging openen, in innige samenwerking met de Chinese overheid, voor tienduizend studenten, want je móet mee als moderne universiteit, groeien, internationaliseren, ‘anders word je betekenisloos’. Het begrip branding viel in dit verband, niet in de betekenis van ‘daar waar de golven breken’, maar als zielloos managersbegrip, want zo’n Chinavestiging zou enorm goede reclame zijn voor Groningen in de Oost, het zou de ijverigste en slimste Chinese studenten naar Groningen trekken. In Poppema balden zich, kortom, alle clichés over universiteitsbestuurders als tweedehandsautoverkopers samen.

Al zeven keer was hij gaan kijken, het was allemaal te mooi om waar te zijn en de RUG liep ‘geen enkel financieel risico’. Tegen de Volkskrant zei hij: ‘Wij willen niets betalen, wij mogen niets betalen, dat is de wet.’

Omdat in Nederland de tegenmacht en de kritische toets en het gezonde verstand vaker dan je zou denken gewoon nog werken, werd het project bijtijds afgeblazen. Het voornemen van de Communistische Partij in China om een partijsecretaris in het campusbestuur te benoemen was de druppel, al stroomde voor menigeen de emmer ver hiervoor al over.

Gisteren maakte de RUG – inmiddels onder bewind van Jouke de Vries, die weinig op heeft met doldwaze China-avonturen – bekend dat Poppema’s wreed verstoorde Yantai-droom toch geld gaat kosten. Het gaat om een kleine zeven ton aan personeelskosten, uren die gestoken zijn in ‘China’ en die bekostigd zijn uit belastinggeld. Dat mocht niet van het ministerie. Het bedrag wordt verrekend met de publieke bijdragen.

De nieuwe collegevoorzitter De Vries repte gisteren van ‘een belangrijke stap in het afsluiten van het dossier’. Je kon de ergernis over zijn ongemakkelijke erfenis proeven. Niet  alle betrokkenen zijn het erover eens dat het dossier inderdaad dicht is; een enkeling wil nog bloed zien vloeien.

Toen vorig jaar de stekker uit het Yantai-project ging, vroeg ik Jonathan Holslag of we hier rouwig om moesten zijn. Holslag heeft verstand van die dingen, hij is docent aan de Vrije Universiteit Brussel en heeft veel onderzoek naar de opmars van China op zijn naam staan.

Over het afgelaste Groningse avontuur was hij helder: ‘Ik zie dit vooral als een bevestiging dat de Chinezen opkomen voor hun autoritaire politieke ideologie. Wat de Chinezen in het buitenland ook doen, ze zullen er altijd over waken dat het imago van de Communistische Partij niet geschaad wordt, dat hun nationale belangen primeren en dat we niet te kritisch doen over mensenrechten. Omgekeerd zijn de Europeanen al blij dat ze zich mogen warmen aan de gloed van deze grootmacht.’

Jouke de Vries wil ‘het China-beleid van de universiteit herijken’. Dat begrip – ‘Chinabeleid’ – hoor je vaker de laatste jaren. Eerst betekende het: zinnen op manieren om mee te mogen spelen met de Chinezen, om mee te kunnen pikken uit de Chinese staatsruif vol miljarden. Steeds vaker betekent het: oppassen, uitkijken, wat willen ze van ons. Donald Trump is niet de enige die wantrouwig naar het Oosten tuurt.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.