Verslaggeverscolumn Toine Heijmans in Katwijk

Dit ben ik - wat andere scholen kunnen leren van praktijkonderwijs

Zelfs de minister is ontroerd als de leerlingen voor het eerst een diploma krijgen, onder klaroengeschal en wapperende vlaggetjes, onder de zon ook – straks is er champagne en een barbecue en voor de deur draait een draaiorgel, die van de schooldirecteur (het is zijn hobby).

Eindelijk serieus genomen. De oogst van vijf jaar werken ligt opgestapeld in de hal: dikke multomappen met persoonlijke prestaties, samenvattingen van ingewikkelde puberlevens, een andere definitie van succes met op de kaft in hun eigen handschrift wie ze zijn en waar ze gekomen zijn, ondanks alles.

‘Dit ben ik, of je dat nou wil of niet.’

‘Waar ik tevreden mee ben is me adhd.’

Sommigen zijn zelfs kordaat geworden, zoals Cecile Altorf, die zegt: ‘Ik heb nu dus wel gewoon een diploma’, die werkt en leert op de gesloten afdeling van een verpleeg­huis, wandelt met zwaar demente ouderen, ze verzorgt; een baan die de gemiddelde hoogopgeleide niet aankan. Ze begon hier als verlegen meisje, ontevreden met zichzelf, ‘en nu heb ik een rechte rug’.

Praktijkschool Limes is er voor kinderen met een laag IQ die het vmbo niet aankunnen, voor kinderen met gedragsproblemen – maar dat is de negatieve definitie. ‘Het zijn kinderen en je ziet ze groeien’, zegt Ben van Paridon, docent groen, en hij vertelt zijn anekdotes. Hij had 35 jaar een eigen kwekerij dus weet wat werken is, maar na een schooldag ‘ben ik wel effe weg hoor, er gebeurt zóveel’. Het is een spel, zegt hij ook, lesgeven hier: ‘Ik wist niet dat er kinderen waren met op die leeftijd al zó veel problemen achter de kiezen.’

Diploma voor Cecile (rechts). Beeld Toine Heijmans

Vanaf het moment dat hij naar het Limes zou gaan was Danny Achterberg ‘dat praktijkjongetje’, zegt hij, ‘dat zit er nog in bij de mensen’: ‘Haha, jij moet naar de praktijkklas.’ Drie sollicitaties liepen op niks uit zodra duidelijk was van welke school hij kwam. Dat is incasseren. ‘Ik zit hier niet voor niks, ik heb best moeite met dyslexie en ik ben best wel een druk persoon’, zegt hij, maar inmiddels weet hij: ‘Jongens als ik hebben wat langer de tijd nodig.’

Nu krijgt Danny een diploma en hebben ze hem gevraagd als teamleider van de vakkenvullers bij de supermarkt waar hij stage liep, en na de zomer begint hij met de opleiding bedrijfsmanagement. Hij is van de praktijk, en bedrijven hebben praktische mensen nodig. ‘Op het vmbo zitten ze alleen maar in stoelen. Als je kijkt bij ons op het werk: die vmbo’ers bakken er meestal weinig van.’

Respect voor mentor Michel de Haas, zegt Danny, ‘die is heel strak, daar kunnen we niet omheen. Echt, ze trekken hier heel veel uit je.’

Zijn werk is ‘moeilijk’, vertelt Michel, ‘elke dag is anders’ – dat de minister eindelijk besloten heeft een landelijk erkend diploma in te voeren voor het praktijkonderwijs is van onschatbare waarde. ‘Het zijn al geknakte jongeren, die aldoor horen dat ze anders zijn.’ Door het mislukte passend onderwijs blijven kinderen met problemen ook nog eens langer op de gewone ­basisschool, ‘de instroom wordt zwakker’. Zij vangen dat op, ‘nou ja, uiteindelijk is het een centenkwestie’.

Diploma voor Danny. Beeld Toine Heijmans

(‘Het is niet lullig bedoeld’, zegt Danny, ‘maar sommigen sporen niet helemaal. Al zitten er ook hele leuke, snuggere jongens op.’)

Een vorige minister, Marja van Bijsterveldt, moest niets weten van erkende diploma’s op de praktijkschool, want dat was toch allemaal lastig te regelen enzo, en die praktijkscholen zijn, nou ja, toch een beetje anders en meten is weten en succes is een keuze. Ze was tevens de bedenker van de ‘excellente’ scholen: meer aandacht voor de hoogvliegers, voor topprestaties.

Lang was de overheid er voor de winnaars, in het onderwijs en elders. Wie weet is dit diplomafeestje een teken van verandering. Niet zomaar is de huidige minister erbij, Arie Slob, die handig mijn vraag over zijn voorgangers ontwijkt.

‘Volwassen mensen bedenken een onderwijssysteem’, zegt schooldirecteur Piet Keijzer in zijn toespraak, ‘en volwassen mensen hebben nu besloten dit diploma te erkennen. Ieder mens wil graag horen dat je er bent, en dat je er mag zijn.’

Mentor Michel de Haas (midden). Beeld Toine Heijmans

Andere scholen rekenen af op cijfers – je kunt er zakken op eentiende punt, en wie niet slaagt heeft verloren. Hier slagen kinderen door zichzelf te leren kennen, en de harde wereld om hen heen.

Cecile gaat nu verder met een opleiding mbo niveau 2.

Danny zegt: ‘Over een paar jaar ben ik bedrijfsleider van een supermarkt, zeker weten.’

Als ik de minister vraag wat andere scholen kunnen leren van het praktijkonderwijs, zegt hij handig: ‘Alle scholen kunnen van elkaar leren.’

Toch is hij oprecht ontroerd vandaag, en oprecht gelukkig met zijn besluit. ‘Het is gewoon niet rechtvaardig als de één wel een diploma krijgt en de ander niet.’

Punt uit.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden