Districtenstelsel levert echte parlementariërs op

Een districtenstelsel zou echte volksvertegenwoordigers opleveren die strijd hebben moeten leveren.

Beeld afp

Vorige week besloot een grote meerderheid in de Tweede Kamer de rechten van 'zetelrovers' stevig in te perken. Minder spreektijd, minder interrupties en minder geld. Hoewel de irritatie over het recordaantal van acht 'fractieverlaters' de afgelopen vier jaar begrijpelijk is, is dit een maatregel die weinig gaat bijdragen aan de oplossing van het echte vraagstuk. Het zou verstandiger zijn als wij in deze tijd van grote onrust en ontevredenheid over 'de politiek' onszelf eens de vraag stellen wat voor type Kamerleden wij eigenlijk willen.

Op dit moment zijn de meeste van onze Kamerleden vooral kundige controleurs van het kabinet die regelmatig ook zelf wetgevingsinitiatieven nemen. Daar worden ze door hun partij ook op geselecteerd. Het gaat bij de selectie vooral om ervaring, kennis over specifieke onderwerpen en in mindere mate ook over regionale spreiding. De partij wil met een gebalanceerde groep mensen in de Kamer komen. Voor dit systeem valt veel te zeggen. Over het algemeen hebben wij in ons land kundige Kamerleden die hun dagelijks werk goed doen. Zeker als je meeweegt wat voor schamele persoonlijke ondersteuning zij krijgen bij het uitvoeren van hun verantwoordelijke functie.

Persoonlijke verkiezingsstrijd

Het nadeel van dit systeem is dat de meeste van onze Kamerleden geen echte volksvertegenwoordigers zijn. Ze hebben niet een persoonlijke verkiezingsstrijd hoeven leveren om gekozen te worden. Tijdens de campagne spelen ze een redelijk anonieme rol. Het is niet de bedoeling dat een Kamerlid zich in de campagne al te nadrukkelijk persoonlijk profileert. Je bent er voor de partij en de lijsttrekker. Daardoor krijgen Kamerleden over het algemeen niet veel meer dan een paar duizend stemmen. Ze gaan daardoor voor de kiezer volstrekt anoniem de Kamer in en vertegenwoordigen niet een specifieke regio of een duidelijke persoonlijke achterban die op ze gestemd heeft.

En dat maakt dat, op een enkeling na, Kamerleden onbekende vertegenwoordigers zijn van hun partij zonder een sterk persoonlijk mandaat. En dat merk je. Het zijn over het algemeen geen bevlogen sprekers zoals je die bijvoorbeeld in het Britse Lagerhuis ziet.

Roderik van Grieken, directeur van het Nederlands Debat Instituut.

Daar heeft ieder parlementslid in zijn eigen district namens zijn partij een persoonlijke strijd moeten leveren voor zijn zetel. Eenmaal gekozen zit hij er ook namens dit district en wordt er van hem verwacht dat hij opkomt voor die belangen. Mensen kennen hem of haar. Het zijn echte volksvertegenwoordigers die binnen hun fractie ook regelmatig stevig dwarsliggen en tegen de partijlijn in stemmen. Iets wat in Nederland een unicum is. Met alle positieve en negatieve gevolgen van dien. Kijk naar de ongemeen felle discussies binnen zowel de Conservatieve als de Labourpartij over Brexit.

Alle acht 'zetelrovers' van de afgelopen vier jaar hebben feitelijk geen mandaat van de kiezer om af te wijken van de partijlijn. Ze zouden hun zetel dan ook moeten opgeven. Maar de echte vraag is wat wij eigenlijk vinden van ons systeem. Zou het niet veel beter zijn om, via bijvoorbeeld een districtenstelsel, ons parlement te vullen met individuen die hebben moeten strijden voor hun eigen zetel en een duidelijke persoonlijke achterban hebben? Pas dan kunnen ze zich met recht en rede kritisch binnen de fractie opstellen en aanspraak blijven maken op hun zetel als zij uit hun partij stappen.

Roderik van Grieken is directeur van het Nederlands Debat Instituut.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden