Column Misdaad

Discussie over misdaadcijfers loopt altijd vast op onbewezen aannames en onvolledig onderzoek

Het had de titel van een misdaadroman kunnen zijn, ware het niet dat Het mysterie van de verdwenen criminaliteit een wereld zonder misdaad veronderstelt en dus zonder misdaadromans. Hooguit historische misdaadromans, over de tijd toen er nog werd ingebroken en overvallen - lang geleden. Jurriën de Jong, historicus bij het CBS, deed onderzoek naar de ontwikkeling van de geregistreerde misdaad in Nederland en jawel hoor: er is steeds minder misdaad. Als we niet oppassen hebben we binnenkort geen misdaad meer over, zo hard loopt het terug.

Meteen op de eerste pagina schetst De Jong het grote probleem van zijn bevindingen: de daling van de misdaadcijfers is zo sterk 'dat de cijfers en berichten hierover door een deel van de bevolking met argwaan worden bekeken'. En dat geldt dus ook voor zijn eigen bijdrage. Telegraaf-tv ging meteen na verschijning de straat op, om de mening van het volk te peilen. En inderdaad, het volk geloofde er geen bal van. Het ging juist van kwaad tot erger met de misdaad en veilig over straat kun je wel vergeten.

Maar niet alleen het volk gelooft de cijfers niet, ook de politie en het OM denken dat ze niet kloppen. Begin vorig jaar onthulde Trouw een vertrouwelijke notitie aan de regering, waarin stond dat er veel meer misdaad is dan het CBS denkt. Dat bleek volgens politie en OM uit slachtofferonderzoek, waaruit naar voren zou komen dat er in 2015 per honderd inwoners 34 misdrijven werden gepleegd.

Dat is heel wat meer dan de 49 per duizend inwoners van het CBS, maar vermoedelijk werd in de notitie gebruikgemaakt van gedateerde cijfers. In 1992 was het slachtofferpercentage inderdaad 34 procent, maar in 2017 was dat gedaald naar 15 procent. In maart lieten de vakbonden FNV en CNV en de ondernemingsraden van de gevangenissen niettemin weten de cijfers ook niet te geloven, ze eisten onderzoek door de Algemene Rekenkamer.

De cijfers waarop het CBS zich baseert komen voor een belangrijk deel van het WODC, het onderzoekscentrum van het ministerie van Justitie en Veiligheid. Onlangs bleek dat de onderzoekers daar door beleidsambtenaren van Justitie onder druk werden gezet om met gewenste resultaten te komen.

Aha! Aháááá!

Lage misdaadcijfers komen het ministerie goed uit, want dan kan worden bezuinigd. Maar politie en cipiers laten dat niet op zich zitten, en komen met hoge cijfers om de aanslag op het budget te weerstaan. Of de onzichtbare criminaliteit groeit, in tegenstelling tot de geregistreerde, weten we niet. Dat is gezien de onzichtbaarheid ook niet zo vreemd, maar het compliceert de discussie.

Het mysterie van de verdwenen criminaliteit zegt het al: we weten veel, maar veel ook niet. Maar we voelen ons in elk geval wel steeds onveiliger - ik wil graag even onderzocht zien of dat wel écht zo is. Volgens massapsycholoog Van Ginneken komt het door de 'elektronisering van de samenleving': de hele dag komt via je smartphone de ene misdaad na de andere je hoofd binnen. Volgens VU-criminoloog Marc Schuilenburg lig het aan de retoriek over criminaliteit uit Den Haag. Hoogleraar Jan van Dijk zei gisteren in de Volkskrant dat het de schuld is van de media.

De discussie over misdaadcijfers loopt altijd vast op onbewezen aannames en onvolledig onderzoek. Daardoor hou je dat gezwets op Telegraaf-tv en de ad hoc-verklaringen van criminologen en andere vage wetenschappers. Een terugkerend ritueel is het, dat snakt naar harde feiten.