OPINIESluiting scholen

Die leerlingen zijn slimmer dan u denkt, houd ze op school

Scholieren weten prima hoe het immuunsysteem werkt, laat ze vooral ook naar school blijven gaan, betoogt Leonie Askamp.

Ludieke les Engels in Waalwijk. Beeld Marcel van den Bergh / de Volkskrant
Ludieke les Engels in Waalwijk.Beeld Marcel van den Bergh / de Volkskrant

Nu de discussie oplaait over snotterende neuzen in de klas en voorrang voor docenten bij coronatesten, denk ik terug aan maart, toen de scholen voor het eerst dicht moesten. Aan de leerlingen wordt niets gevraagd, zij weten immers van toeten noch blazen, toch? Op dat moment mijmer ik over de lessen en het examenprogramma. Eén onderdeel daarvan laat zich beschrijven als basisimmunologie. Mijmert u mee?

Ik leg de leerlingen uit wat aspecifieke afweer en specifieke afweer is. Uit hoeveel afweerlinies ons immuunsysteem bestaat. Dat de derde linie op een infectie reageert met activering en vermeerdering van antigeen-specifieke T- en B-lymfocyten. Dat B-cellen zorgen voor de productie van antistoffen. Dat antistoffen gericht zijn tegen een specifiek antigeen. Dat immuniteit verkregen wordt door de productie van geheugencellen. Van de leerling wordt verwacht dat hij kan uitleggen wat de rol is van MHC-I en MHC-II moleculen, wat cytotoxische T-cellen zijn en wat deze cellen doen. Kunnen uitleggen dat er na deling van een Tc-cel actieve Tc-cellen en Tc-geheugencellen ontstaan, die allemaal T-cel-receptoren hebben voor een specifiek stukje viruseiwit.

Ik leg uit dat deze vorm cellulaire immuniteit wordt genoemd. Dat antistoffen vallen onder humorale immuniteit. Dat Tc-cellen actief zijn bij het opruimen van met virus geïnfecteerde cellen, maar ook bij het opruimen van kankercellen. Dat geïnfecteerde cellen interferon produceren, wat de nog gezonde buurcellen tegen het virus beschermt. Dat T-helpercellen Tc-cellen activeren met behulp van cytokinen. Dat cytokinen ook B-cellen activeren. Dat virussen niet gemakkelijk aangetoond kunnen worden, maar de gevormde antistoffen tegen virusantigenen wél. Dat het altijd even duurt voordat iemand antistoffen heeft aangemaakt en dat een test hierop alleen betrouwbaar is als deze enkele weken na de mogelijke virusbesmetting wordt uitgevoerd. Dat het ontbreken van antistoffen niet wil zeggen dat de persoon geen virus bij zich draagt. Dat een virus óók door de eerste verdedigingslinie kan worden opgeruimd en je dan niet echt kan spreken van een infectie.

Ik voel dat u afdwaalt, tijd voor een ander onderwerp: evolutie en ecologie. Blijft u nog even bij de les? Dit is immers ook examenstof.

Drijvende kracht

Ik leg het begrip co-evolutie uit. Dat co-evolutie kan leiden tot een evolutionaire wedloop, waarbij de evolutie van bepaalde soorten en strategieën de selectieve drijvende kracht vormen voor de ontwikkeling bij een andere soort. Dat co-evolutie ervoor heeft gezorgd dat sommige virussen bepaalde eiwitten produceren die het immuunsysteem van de mens omzeilen. Dat natuurlijke selectie bij het leven én bij overleven hoort. Dat de dood een logisch gevolg is van natuurlijke selectie.

Ik bespreek groeicurves en populatiedynamiek. Ik leg uit dat er regulerende factoren zijn die ervoor zorgen dat een populatie geen plaag wordt. Dat één van die regulerende factoren ook een besmettelijke ziekte kan zijn. Dat in principe geldt: hoe groter de populatie, hoe groter en sneller de verspreiding. Dat door sterfte populatiegroei tot stilstand kan komen en er een dynamisch evenwicht kan ontstaan. Er komt een discussie op gang. Ik laat de leerling eigen conclusies trekken.

Maanden later sla ik de Volkskrant open en lees het stuk ‘Onaantastbaar voor het virus’ (Wetenschap, 5 september). Van de titel krijg ik jeuk. Ik denk aan mijn leerlingen die geen examen mochten doen. Maar liefst zes deskundigen zijn geraadpleegd voor iets wat gewoon in schoolboeken beschreven staat. Hoewel het artikel afsluit met de mededeling dat er een verschuiving in onderzoeken plaatsvindt – van de hele bevolking naar groepen bij wie het virus het ergst toeslaat – ontbreekt de blik op het grote geheel. En ik denk: waardeer mijn leerlingen, ze zijn deskundiger dan u denkt. Sluit de scholen daarom in godsnaam niet nogmaals.

Leonie Askamp is docent biologie aan Deltion Sprint Lyceum in Zwolle. Ze geeft les aan eindexamenklassen havo en vwo.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden