ColumnAaf Brandt Corstius

Deze week heb ik de vraag ‘Hoelang duurt corona nog?’ gegoogeld

We zijn op het punt in de grafiek aanbeland dat iedereen zich realiseert dat ze geen onlinecursus Latijn, kunstmatige intelligentie of beginselen van de blockchain gaan doen. Dat het dagelijkse uur intensieve yoga op de via Bol aangeschafte mat per dag ook niet lukt. Het lezen van de sonnetten van Shakespeare: ook niet. Eén sonnet: ook niet.

Het mooie is dat wij allen tegenwoordig opereren volgens een precies gelijklopend collectief bewustzijn, dus iedereen heeft zich dit op hetzelfde moment gerealiseerd: afgelopen maandag om vijf over tien ’s ochtends. Twee weken zaten we toen in de crisis, twee weken waarin de dagen heel lang leken, maar heel kort bleken. Of heel lang, maar heel lethargisch. ‘If you want something done, ask the busy man’, luidt het Engelse spreekwoord. Maar niemand is nu een busy man, dus niemand krijgt iets gedaan. Nou ja, sommige mensen zijn busy, want die hebben vitale beroepen, maar die mensen zijn te druk om de gratis collegereeks ‘effectief altruïsme’ van de Princeton-universiteit te volgen.

En precies op datzelfde tijdstip begonnen we ons daar allemaal slecht over te voelen. Zoveel tijd om stuk te slaan: waarom lukte het dan niet om een kwartier per dag een pianostuk van Solo Piano van Gonzalez in te studeren? (Dit was mijn beoogde project. Precies nul keer gelukt.)

Toch is dat gevoel, het gevoel van de mislukte hobby, iets om te omarmen. Zolang dat je grootste probleem is, zit je aan de goede kant van corona.

Wat doen mensen dan? Heel lang heel veel nieuws lezen. Scrollen. Zomaar wat scrollen. Ik geef toe dat ik, op mijn dieptepunt van zinloze activiteiten, deze week de vraag ‘Hoelang duurt corona nog?’ heb gegoogeld. En daarna nog een keer in het Engels, in de hoop toch antwoord te krijgen. Dit lijkt me iets wat Donald Trump elke dag doet, en ik ben er niet trots op.

Daarom was ik blij dat ik tijdens mijn hobby scrollen in The New York Times een artikel aantrof over Naomi Replansky en Eva Kollisch, een lesbisch stel van respectievelijk 101 en 95 jaar oud. Zij hadden de Spaanse griep, de Holocaust, polio en een scala aan economische crises meegemaakt. Ook waren ze bevriend geweest met Bertolt Brecht en een van hen was ooit de minnares van Susan Sontag. Er waren dus ook lichtpuntjes. Ze waren geïnterviewd om op dit alles terug te blikken.

De journalist beschreef wat de twee vrouwen op de dag van het interview deden. Ze zaten thuis in hun kleine appartement en ze hadden een lp opgezet: Spirituals van Marian Anderson.

Ik ken Marian Anderson nog niet, maar ik ga haar ontdekken, want ik weet nu al dat dit de beste manier is om deze tijd door te komen.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden