Den Haag, geef gemeenten ruim baan voor experimenten met bijstand

Alleen door experimenten kunnen gemeenten wat meer ontspannen omgaan met langdurig werklozen.

Protesten tegen aanscherping van de Wet werk en bijstand, 2013. Beeld anp

Vorige week bood Antoinette Hertsenberg de Tweede Kamer een petitie aan om oudere werklozen vrij te stellen van de sollicitatieplicht. Dat moet dan in de vorm van een experiment. Hertsenberg is niet de enige die wil experimenteren met een soepeler regeling voor langdurig werklozen. Onlangs kregen vijf gemeenten toestemming tot zulke experimenten met een vereenvoudigde bijstandsregeling. Veel andere gemeenten staan in de rij om hetzelfde te gaan doen. En Amsterdam wil zelfs zonder toestemming van de staatssecretaris van Sociale Zaken een soortgelijk experiment tot uitvoering te brengen.

Waarom willen gemeenten allemaal zo graag experimenteren en dan ook nog met bijna hetzelfde? Eén of wellicht twee experimenten zouden toch genoeg moeten zijn om de effecten van een soepeler bijstand aan te tonen? Om die experimenteerdrang te begrijpen moeten we terug in de geschiedenis.

In het begin van deze eeuw ontwierp het ministerie van Sociale Zaken een prachtige nieuwe Bijstandswet, inmiddels Participatiewet genaamd. Gemeenten kregen het budget en de verantwoordelijkheid van het Rijk overgedragen om langdurig werklozen aan het werk te helpen en, indien nodig, een uitkering te geven.

Door gemeenten de beschikking over het uitkeringsbudget te geven, bevat de wet een flinke prikkel om actief reïntegratiebeleid te voeren. Hoe effectiever het reïntegratiebeleid, hoe meer uitkeringsbudget de gemeente overhoudt en mag houden. Omgekeerd geldt ook: als de gemeente er niet goed in slaagt mensen aan het werk te helpen, dan draait zij zelf op voor de extra kosten van het falende beleid.

De Bijstandswet is een van de eerste regelingen die de afgelopen jaren gedecentraliseerd is, vanuit de gedachte dat veel problemen dicht bij de burger ontstaan en daar dus ook opgelost moeten worden. Immers, daar zit de specifieke kennis van het probleem en van de mogelijkheden om tot oplossingen te komen. Leve de gemeenten, exit 'Den Haag'. Ten minste dat zou je denken.

De realiteit is anders. Sinds de decentralisatie van de bijstand worden gemeenten overspoeld met aanvullende wet- en regelgeving. Kennelijk zijn landelijke politici er niet gerust op dat de ingebouwde prikkel zijn werk doet oftewel dat hun lokale ambtgenoten voldoende op de centen en hun sociale diensten letten.

En zo verschijnen aanvullende regels over de controles op en sanctionering van bepaald gedrag, over de wijze waarop uitkeringsgerechtigden iets terug moeten doen voor hun uitkering en ga zo maar door. Vooral regels die ervoor moeten zorgen dat gemeenten niet te veel medelijden krijgen met burgers die lang in de bijstand zitten.

Hans Bosselaar, senior onderzoeker en projectleider 'Niet langer in de Wajong'.

En zo zijn gemeenten, tegen beter weten in, gedwongen om duizenden langdurig werklozen, die nauwelijks uitzicht hebben op een baan, achter de broek te zitten en aan hen duizenden euro's reïntegratiegeld te besteden. Het levert zowel de gemeenten als de cliënten de nodige stress en frustratie op.

Gelukkig biedt de wet één manier om onder de regelzucht van 'Den Haag' uit te komen: het experiment. Gemeenten kunnen, met goedkeuring van het ministerie (daar gaan we weer), experimenten ontwikkelen om hun burgers van een deel van de centrale regelingen te vrijwaren. Die mogelijkheid wordt dus met beide handen door de gemeenten aangegrepen. Natuurlijk om te kijken wat de effecten zijn van het versoepelen van de uitvoeringsregels en om het nut van structurele versoepeling te onderzoeken.

Maar dat is niet het enige doel. Gemeenten weten maar al te goed dat veel van hun cliënten niet snel aan de bak zullen komen. En dat het voor hen, maar ook voor de gemeenten zelf, een grote verlossing zal zijn als zij wat meer ontspannen met elkaar kunnen omgaan. Door als gemeenten minder repressief te mogen zijn en langdurig werklozen op maat mogelijkheden tot participatie te mogen bieden die passen bij hun individuele en bij de lokale situatie. Het experiment is de enige manier om dit op korte termijn waar te maken.

Hopelijk is het initatief van Hertsenberg aanleiding voor het nieuwe kabinet om met de vraag achter de onderzoeksvragen van de gemeenten aan de slag te gaan. Dat kan in eerste instantie door de experimenten ruimhartig goed te keuren en, op termijn, door de neiging tot recentralisatie aan te pakken. Het wordt tijd dat de Haagse politici en bestuurders hun drang tot beheersing laten varen en ruim baan geven aan de lokale kennis en praktische wijsheid van gemeenten. Dan is er echt sprake van decentralisatie.

Hans Bosselaar is senior onderzoeker aan de VU en leider van het project 'Niet langer in de Wajong'.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.