Opinie

Debat over Embryowet hoort op hoogste politieke niveau

Een debat over hoe wij met beginnend leven omgaan, hoort thuis op het hoogste politieke niveau.

Beeld ap

Onlangs liet minister Schippers (VWS) aan de Tweede Kamer weten dat zij op het punt staat de Embryowet te wijzigen. Sinds 2002 is het verboden menselijke embryo's voor louter wetenschappelijke doeleinden te creëren. Schippers wil dit verbod deels opheffen en de creatie van embryo's toestaan voor onderzoek naar problemen met de voortplanting. De Embryowet biedt Schippers de mogelijkheid de wet op dit punt bij 'koninklijk besluit' te wijzigen, dat wil zeggen zonder inspraak van het parlement. Maar de vraag is of dergelijke principiële vragen niet bij uitstek in het parlement thuishoren.

De aangekondigde procedure van een koninklijk besluit suggereert dat het gaat om een minieme, louter technische aanpassing van de wet. Ook in de berichtgeving is de teneur dat de voorgenomen wetswijziging weinig voorstelt. Zo stelde een wetenschapsredacteur van de Volkskrant (Ten eerste, 30 mei) dat Schippers' plannen zichtbaar maken hoe braaf en conservatief het Nederlandse embryobeleid eigenlijk is.

In werkelijkheid vaart Schippers met haar voorgenomen wetswijziging een nieuwe ethische en juridische koers. Achter haar plannen gaat een kleine revolutie schuil. Op dit moment is onderzoek met embryo's in Nederland uitsluitend toegestaan met embryo's die zijn overgebleven van een vruchtbaarheidsbehandeling. In vrieskisten wereldwijd liggen miljoenen van deze 'restembryo's' te wachten op een bestemming. In plaats van deze te vernietigen, kunnen wensouders op grond van de Embryowet hun overgebleven embryo's doneren aan de wetenschap of andere wensouders.

Britta van Beers (universitair hoofddocent rechtsfilosofie aan de VU).

De aangekondigde wetswijziging maakt het mogelijk embryo's te creëren buiten de context van een beoogde zwangerschap. Daarmee wordt een principiële grens overschreden: het startschot is gegeven voor de productie van menselijk leven voor louter wetenschappelijke doeleinden door samenvoeging van een eitje en zaad van verder niet betrokken donoren. De komst van deze 'onderzoeksembryo's' introduceert een nieuwe categorie van menselijk leven: menselijk leven dat vanaf het eerste moment is voorbestemd om zuiver instrumentele in plaats van relationele waarden te dienen.

Hoe te denken over deze nieuwe vorm van instrumentalisering van het embryo? Volgens SGP-leider Kees van der Staaij 'zijn embryo's mensen, en die kweek je niet'. Maar die reactie gaat voorbij aan de biomedische werkelijkheid waarin juist technologische hybriden van mens en ding, leven en dood, worden gecreëerd. Het is duidelijk dat onderzoeksembryo's geen mensen zijn, maar een nieuwe subcategorie van menselijk leven dat nooit zal uitgroeien tot een persoon.

Sjoerd Repping (voortplantingsgeneeskunde AMC) benadrukt daarentegen de kansen van het medisch-wetenschappelijke onderzoek dat door de wetswijziging wordt mogelijk gemaakt. Hij meent daarbij dat de voorgestelde koers blijk geeft van meer staatsneutraliteit dan het huidige embryobeleid. Immers, niemand wordt verplicht mee te werken aan de totstandkoming van onderzoeksembryo's. Alleen sperma- en eiceldonoren die instemmen met de creatie van onderzoeksembryo's door middel van hun materiaal zullen hun medewerking verlenen. Echter, ook wanneer burgers het laatste woord krijgen over embryo's, is neutraliteit van de overheid niet gegarandeerd. Als de overheid individuen bijvoorbeeld volledig zelf zou laten kiezen wat zij met hun embryo's willen doen, dan is de stilzwijgende vooronderstelling dat embryo's niet meer of minder bescherming verdienen dan een gemiddeld gebruiksvoorwerp.

Staatsneutraliteit is in deze kwestie dus niet haalbaar, en simpele antwoorden bestaan niet. Hoe dan verder? De kwestie voor welke doeleinden menselijk leven mag worden gecreëerd, is geen zuiver medische aangelegenheid, maar raakt aan politieke vragen van de eerste orde. Zoals: leidt opheffing van het verbod tot meer druk op vrouwen om het ingrijpende traject van eiceldonatie in te gaan? En vormt deze koerswijziging de eerste stap in de richting van Brits embryobeleid, dat de creatie van andere typen van onderzoeksembryo's eveneens toestaat, waaronder embryo's die worden gecreëerd door middel van therapeutisch kloneren of door combinatie van menselijk met dierlijk materiaal? Een aantal bio-ethici kwam naar aanleiding van het bericht onmiddellijk met de roep om verdere versoepeling van de Embryowet (NRC, 31 mei).

Vaak wordt gezegd dat de vrees voor een hellend vlak getuigt van weinig vertrouwen in het regulerend vermogen van de samenleving. Maar daarvoor is zorgvuldige besluitvorming van essentieel belang. De vraag in hoeverre de maatschappij menselijk leven wil laten creëren voor onderzoeksdoeleinden, past daarom niet in besluitvorming via de achterdeur. Een debat over de vraag hoe wij met beginnend leven omgaan, hoort op het hoogste politieke niveau plaats te vinden: niet bij koninklijk besluit, maar via het parlement.

Britta van Beers is universitair hoofddocent rechtsfilosofie aan de VU.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden