Media in

De vleesvraat van de Spanjaarden is nog altijd een taboe

Spanje is de grootste carnivoor van Europa. Wie kritiek uit op de consumptie en productie van hamkroketjes of chorizoworst krijgt te maken met een volksgericht.

Dion Mebius
Een klant bekijkt het vleesaanbod van een slager bij de bekende overdekte markt La Boqueria in Barcelona.  Beeld SOPA Images/LightRocket via Getty
Een klant bekijkt het vleesaanbod van een slager bij de bekende overdekte markt La Boqueria in Barcelona.Beeld SOPA Images/LightRocket via Getty

Spanje is geen land voor halfzachte vegetariërs. Wie hier geen ijzeren wil heeft, houdt een diervriendelijk dieet nooit vol: in een doorsneetapasrestaurant staat niet veel meer vegetarisch op het menu dan gebakken aardappeltjes of een met kaas volgegoten champignon. De rest is vis of vlees, véél vlees.

Spanje is de grootste carnivoor van Europa: volgens cijfers van de Verenigde Naties eet de Spanjaard per week bijna twee kilo vlees, dat als chorizoworst of gestoofde ossenstaart op het bord belandt.

De vleesvraat van zijn land is lang ‘een taboe’ geweest, zei Alberto Garzón (36), de minister voor Consumptie, net na Kerst in de Britse krant The Guardian. De Spaanse regering houdt een lagere schatting van de gemiddelde vleesinname aan (zo’n kilo per week), maar ook dat is dubbel zoveel als de nationale voedings­autoriteit als maximale hoeveelheid adviseert.

Milieuvervuiling

En dus moet het klaar zijn met dat vleestaboe, stelde Garzón, een trotse communist en minister namens Unidas Podemos, de kleinste van de twee linkse coalitiepartners. Niet alleen zijn al die hamkroketjes slecht voor de volksgezondheid, de vleesproductie leidt ook tot milieuvervuiling en opwarming van de aarde. Vooral de megastallen, die ook in Spanje als paddestoelen uit de grond zijn geschoten, moesten het ontgelden. ‘Ze vervuilen de grond, ze vervuilen het water en vervolgens exporteren ze dit vlees van een slechte kwaliteit en van mishandelde dieren.’

Wat volgde was een volksgericht dat Garzóns stoutste verwachtingen van het interview moet hebben overtroffen. Vlees­producenten, rechtse politici en kranten van dezelfde politieke kleur buitelden over elkaar heen om hem te veroordelen. Vooral de uitspraak over het ondermaatse vlees bleef hangen.

‘Garzón kan geen dag langer in het Moncloa (het regeringspaleis, red.) blijven’, schreef dagblad El Mundo in een vernietigend commentaar. Hij zou niet alleen de zo belangrijke veehouderij ‘aan de schandpaal nagelen’, maar ook ‘het imago van Spanje in het buitenland bezoedelen’ met zijn teksten in een Britse krant.

Boerenbeschermer

Voor de rechtse Partido Popular (Volkspartij) was het interview een verlaat kerstcadeau. In februari zijn er provinciale verkiezingen in Castilië en León, ten noordwesten van Madrid en een van de regio’s die bekendstaat om haar uit de kluiten gewassen veehouderij. De zittende PP-president wierp zich op als boerenbeschermer. ‘Ze zullen ons tegenover zich vinden in de verdediging van de mannen en vrouwen van het platteland’, zette hij op Twitter. En Garzón? Die moest zijn woorden inslikken of aftreden.

De minister deed geen van beide, ook niet toen zijn eigen regering haar handen van hem aftrok. Garzón had zijn woorden ‘op persoonlijke titel’ uitgesproken, zei een woordvoerder, die het Spaanse vlees ‘van de allerhoogste kwaliteit’ noemde. Dat Garzón niet had gezegd dat al het in Spanje geproduceerde vlees slecht is, maar alleen dat van de megastallen, ging in de mediastorm verloren.

Schaarse woorden van steun waren te lezen op de opinie­pagina van het linkse onlinemedium elDiario.es. Garzón had ‘onweerlegbare’ uitspraken gedaan, schreef een columnist, ‘ondersteund door een groot deel van de internationale wetenschappelijke gemeenschap’. Een minister met meer tact had niet de woorden ‘vlees van slechte kwaliteit’ laten vallen. ‘Maar in de essentie vergist Garzón zich niet: de zaken moeten inderdaad veranderen.’

Het is een schrale troost voor de minister, die zijn eigen, over het klimaat bezorgde achterban uitstekend heeft bediend, maar in de regering door moet als aangeschoten wild. Eén ding heeft hij onmiskenbaar aangetoond: het Spaanse vleestaboe bestaat.

Dion Mebius is correspondent in Spanje.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden