Ander commentaar vertegenwoordigende democratie

De vertegenwoordigende democratie heeft een probleem: wie vertegenwoordigt zij nog?

Boris Johnsons maatregel om ‘de moeder aller parlementen’ buitenspel te zetten, is een voorbeeld van een fenomeen dat we de komende jaren vaker gaan zien in Europa: de botsing tussen directe en vertegenwoordigende democratie, schrijft Peter Giesen.

‘Het is makkelijk schieten op de demagogische opportunist Boris Johnson.’ Beeld AP

Europa weigert op verzoek van Italië de voorgeschreven omvang van condooms te verkleinen, schreef Boris Johnson toen hij nog journalist in Brussel was. Er klopte niets van het verhaal, maar de lezers van The Daily Telegraph vonden het prachtig. IJdele Italianen met kleine penissen en gebutste ego’s en ‘Brussel’ dat zich overal mee bemoeide en zelfs een Europese norm voor de dikte van het mannelijk geslachtsdeel hanteerde. Johnsons aangedikte en verzonnen berichten uit Brussel droegen bij aan de anti-Europese stemming in Groot-Brittannië. Ze gaven hem ‘een vreemd gevoel van macht’, erkende hij later.

Het is makkelijk schieten op de demagogische opportunist Boris Johnson. Maar zijn maatregel om ‘de moeder aller parlementen’ buitenspel te zetten, is een voorbeeld van een fenomeen dat we de komende jaren vaker gaan zien in Europa: de botsing tussen directe en vertegenwoordigende democratie. The people vs parliament.

Ik ben altijd een groot voorstander van de vertegenwoordigende democratie geweest. Iedereen die weleens in een bestuur heeft gezeten, al is het maar van een biljartclub, weet hoe moeilijk besturen is. Het afwegen van verschillende belangen, de spanning tussen ideaal en werkelijkheid, het bewaken van consistentie en continuïteit. Daarom geef ik mijn stem graag aan politici die voor mij het land besturen. Directe democratie, zoals een referendum, zet de deur open voor demagogen die hun macht vergroten door een meerderheid van de kiezers, steevast als ‘het volk’ aangeduid, tot onbekookte beslissingen te verleiden. Zie Brexit: het Britse ‘volk’ zal de economische gevolgen ondervinden, maar Boris zit vrolijk in 10 Downing Street.

Helaas heeft de vertegenwoordigende democratie een groot probleem. Wie vertegenwoordigt zij nog? Zij floreerde toen zij werd gedragen door grote volkspartijen die verbonden waren met kerken, vakbonden en andere maatschappelijke groeperingen. Veel kiezers voelden zich verbonden met ‘hun’ partij en accepteerden zonder morren de compromissen die hun leiders sloten.

Die tijd is al lang voorbij. De erosie van de volkspartijen heeft geleid tot een politieke versnippering die het vormen van een coalitie steeds moeilijker maakt. Grofweg zijn er twee varianten: een grote coalitie tussen twee voormalige rivalen of een samenraapsel van drie of meer partijen. In beide gevallen lijkt de stem van de kiezers steeds meer op een balletje dat in een lottomachine wordt gegooid. Je moet maar afwachten wat eruit komt. In Nederland toverde premier Rutte een dividendbelasting tevoorschijn die niet eens in zijn eigen verkiezingsprogramma stond. Het klimaatakkoord is een compromis tussen vier partijen wier kiezers totaal verschillend over het onderwerp denken. Het probleem doet zich niet alleen in Nederland voor. In Italië verruilt de Vijfsterrenbeweging de extreemrechtse Lega voor de sociaaldemocratische PD, die zij tot voor kort als de absolute vijand beschouwde. In Duitsland hebben de rivalen CDU en SPD een Große Koalition gevormd waarvan niemand enthousiast raakt.

Loven en bieden

Politicologen spreken van de Ostrogorski-paradox: door een ondoorzichtig spel van loven en bieden kan in het parlement een meerderheid worden gevonden voor standpunten waarvoor in de samenleving geen meerderheid bestaat. De staatscommissie-Remkes, die de regering adviseerde over het democratisch bestel, stelde daarom een bindend correctief referendum voor. Als minimaal 400 duizend burgers met een handtekening bezwaar maken tegen een wet, wordt een referendum uitgeschreven. In dit model houdt de vertegenwoordigende democratie het initiatief, maar krijgen burgers meer mogelijkheden haar te corrigeren. Een ‘overdrukventiel’ bij grote onvrede.

De regering liet weten dat zij het een heel interessant voorstel vond waarop eens flink moest worden gestudeerd. Vervolgens werd er niets meer van vernomen. Op zichzelf valt de huiver te begrijpen. De regering vreest volksstemmingen over kwesties als immigratie, Europa of het klimaat.

Vanuit democratisch oogpunt is dat echter onbevredigend. Politici verschuilen zich achter de beschermingswal van de instituties – in Nederland vooral de kabinetsformatie die de mogelijkheid tot veto’s biedt – omdat zij bang zijn dat zij de bevolking niet kunnen overtuigen.

Het is zeer de vraag of dit een duurzame strategie is. Naarmate de vertegenwoordigende democratie aan legitimiteit verliest, zal de roep om directe democratie alleen maar toenemen. Daarom moeten de voorstanders van de vertegenwoordigende democratie zich schrap zetten, nadenken over hoe zij kiezers op een verantwoorde manier meer directe invloed kunnen geven. Wie de spanningen in het democratisch bestel niet in goede banen kan leiden, zal uiteindelijk worden overvallen door de gebeurtenissen. Dan dreigen ook in Nederland vroeg of laat Britse toestanden.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden