ColumnGerda Blees

De vermaarde architect vroeg of er vragen waren. Ik stak mijn hand op en vroeg of hij misschien kon afronden

null Beeld
Gerda Blees

In Balgoij slapen we in een authentiek Ikea-bed met gekrulde spijlen en grote ronde knoppen op elke hoek. De grote schuine houten balken boven ons zijn niet door Ikea gemaakt. Ik lig in het midden tussen mijn geliefde en mijn kind. Mijn kind snurkt relatief snel, met een frequentie van ongeveer een seconde per snurk, mijn geliefde snurkt veel langzamer.

Altijd als mijn kind naast me ligt te slapen, tel ik zijn ademhalingen. Ik doe dit niet expres, het gaat vanzelf. Op een gegeven moment merk ik dat ik aan het tellen ben: tweeëntwintig, drieëntwintig.

Kijk eens hier, denk ik. Dat zou een goede tekst zijn voor een hele grote gevelschildering. En dan op de plek van de I en de E van ‘hier’ opnieuw de tekst ‘kijk eens hier’. De I bestaat dan uit de letters van ‘kijk eens’ en de E uit de letters van ‘hier’, maar daar zijn dan de I en de E opnieuw vervangen door de tekst ‘kijk eens hier’, enzovoort, tot het zo klein is dat je het niet meer kan lezen. Alleen is het wel jammer dat de E drie poten heeft, terwijl ‘hier’ uit vier letters bestaat. Maar daar komen we wel uit.

‘Als het concept de gebruiksvriendelijkheid in de weg komt te staan, dan ben je verkeerd bezig’, hoorde ik een vermaard architect ooit zeggen. Ik was 25 jaar oud en ik was vooraan in de collegebanken aangeschoven, niet omdat ik de vermaarde architect graag wilde horen spreken, maar omdat ik over tien minuten op zijn plek moest staan om aan een groep Facebookende bouwkundestudenten uit te leggen hoe je een wetenschappelijk artikel schrijft.

De vermaarde architect liet plaatjes zien van zitkuilen, een concept dat hij in de jaren zeventig had bedacht. Toen ik in de brugklas zat, hadden we een grote zitkuil in de aula van mijn middelbare school. Aan het einde van de pauze lag de kuil vol onopgegeten boterhammen. Als je corveedienst had, moest je met een grote bezem al die boterhammen bij elkaar vegen en in de prullenbak gooien, terwijl je door je mond ademde om de weeïge lucht van boter en boterhamworst niet te hoeven ruiken.

Enkele minuten voor mijn college zou beginnen vroeg de vermaarde architect of er vragen waren. Ik stak mijn hand op en vroeg of hij misschien kon afronden, omdat mijn college over enkele minuten begon.

De vermaarde architect liep rood aan. ‘Vraag je me nu om met mijn lezing te stoppen?’

Consternatie in de zaal. Een student met veel testosteron kwam boos op me toegelopen om me de naam van de architect toe te fluisteren en te vragen hoe ik het in mijn hoofd haalde hem zo toe te spreken.

Later, toen het misverstand was opgehelderd, verontschuldigde de architect zich. Hij had me voor een student aangezien. Ik zei dat het niet erg was, dat ik veel van zijn lezing had geleerd.

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden