VerslaggeverscolumnMarjon Bolwijn in Vries

De verjongingskuur van de krimpende geloofsgemeenschap heet ‘kliederkerk’

De ideale plek voor dagdromen. Zo herinner ik mij de gedwongen kerkbezoeken uit mijn jeugd, elke zondag op het pubervijandige tijdstip van 10 uur in de ochtend. De eindeloze preken van de man in zwarte jurk op zijn kansel gingen het ene oor in en het andere oor uit. Het gezang playbackte ik mee, want mijn woorden waren het niet. Vanaf de ongenadig harde stoel staarde ik naar de grijsgroene balken aan het plafond en telde ze elke zondag opnieuw, evenals de sierlijke peertjes in de immense kroonluchters. Bij deze nutteloze bezigheid dwaalden mijn gedachten af naar van alles en nog wat. Het viel niet altijd mee mij een vreemde te voelen in een ogenschijnlijk hechte groep gelijkgestemden.

Al deze gedachten houden mij zondag gezelschap tijdens een twee uur durende rit naar het Drentse dorp Vries, waar ik zal kennismaken met het fenomeen ‘kliederkerk’. Al vijf jaar blijkt er een stil offensief met deze typische naam gaande tegen de ontkerkelijking. Nog maar 8 procent van de kerkbezoekers op zondagochtend is jonger dan 40 jaar. Voor al het altruïstische maatschappelijke werk dat kerkgemeenschappen doen voor eenzamen, daklozen en vluchtelingen is de slinkende kerkgemeenschap slecht nieuws.

Kliederkerk in Vries.

De Bonifatiuskerk in Vries gaat deze zondag voor het eerst experimenteren met wat inmiddels al 162 Nederlandse protestantse kerken, en internationaal vierduizend, een paar keer per jaar doen. Op een zaterdag of zondag, niet al te vroeg, zijn er in het kerkgebouw allerlei activiteiten, creatief en sportief, voor jong en oud, met de nadruk op jong. En passant komen er Bijbelse thema’s of verhalen voorbij. Er is een korte ‘viering’ en na afloop wordt er gezamenlijk gegeten. In Groot-Brittannië is de ‘messy church’ ontstaan, in achterstandswijken. In Nederland bezoeken inmiddels 20 duizend mensen een paar keer per jaar een kliederkerk. Het merendeel was niet kerkelijk, een derde noemt zich ongelovig. Het heeft een grote aantrekkingskracht op de groep die de afgelopen decennia afhaakte: gezinnen met jonge kinderen, weet landelijk coördinator Nelleke Plomp mij te vertellen voorafgaand aan de reis naar Vries.

Nynke en Bo.

Als ik om 11 uur de Bonifatiuskerk binnen glip, legt de jonge kerkelijk werker Esther de Vegt aan een gehoor van zo’n zestig nieuwsgierigen uit dat kliederkerk ‘georganiseerde chaos’ is, net als het dagelijks leven zelf. Esther ziet een paar gezinnen die ze nooit eerder in de kerk heeft gezien.

Hermien Schoon is een trouwe kerkganger en heeft kleindochter Tessa en één van haar afgehaakte dochters met  zoon Bo meekregen. Hermien hoopt dat ze zullen zien dat een kerk niet ‘stijf’ hoeft te zijn. Uit de activiteiten kiezen ze gevieren ‘tekenen in het donker’. Ze krijgen een blinddoek om en mogen op een A4-tje een sneeuwpop tekenen. Dat wordt niks. Opdracht twee: nu in koppels, waarbij de een, zonder blinddoek, de ander helpt. Dat lijkt wel ergens op. Als de theedoeken weer losgeknoopt zijn, volgt een spontaan groepsgesprek over hoeveel makkelijker het is als een ander je helpt. Er klinkt een Bijbelfrase: ‘Een licht zijn voor een ander’. Maar er zijn wel grenzen, merkt Nynke op. Haar zoon geleidde haar hand met een wel erg stevige greep. Heel irritant vond ze dat. ‘Je moet het niet van een ander willen overnemen.’

Hermien met kleindochter Tessa.

 De ‘viering’ die na een uur volgt, biedt met zijn duur van 20 minuten weinig kans voor dagdromen. Bij de broodjes kaas en worst evalueren de bezoekers hun eerste kennismaking met dit nieuwe fenomeen. Hermien spreekt het samen iets doen aan, Nynke het op een speelse manier kinderen ‘zinvolle inzichten’ bijbrengen, zoals behulpzaamheid. Ze vermoedt dat het vele gebruik van het woord ‘Jezus’ ongelovigen kan afschrikken. Een ander vreest bij familie en vrienden niet te kunnen aankomen met: ‘Ga je mee naar de kliederkerk’? Nynke vindt het ook een raar woord. Creakerk, of doekerk, klinkt al veel smakelijker, zegt ze en ik kan mij ondanks alle goede bedoelingen niet bedwingen instemmend te knikken.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden