OpinieZorg verpleeghuizen

‘De stilte in verpleeghuizen kan niet zomaar doorbroken worden’

Met het totale bezoekverbod in verpleeghuizen werden bestuurders, cliënten en medewerkers buitenspel gezet. Geef verpleeghuizen de ruimte om maatwerk te leveren nu ze weer geleidelijk open mogen gaan, betoogt Harry Finkenflugel, bestuurder van zorgorganisatie Warande.

Vrijwilligers van de medische dienst van het Rode Kruis gaan bij verpleeghuizen langs om te testen op corona. Beeld Arie Kievit

Vijfentwintig jaar geleden bracht de band Van Dik Hout het lied Stil in mij uit. Het werd thuis veel gedraaid en dan vroeg ik aan mijn kinderen: ‘Waarom is het alleen stil in mei en niet in maart, april of juni?’ Ik had niet kunnen bedenken dat het in 2020 in die maanden echt stil zou worden.

Het bezoekverbod zoals dat nu al acht weken van kracht is, heeft voor stilte gezorgd in onze verpleeghuizen. Op allerlei manieren wordt geprobeerd om het contact met de familie te onderhouden. Beeldbellen is populair, er worden bezoekcabines geplaatst en hoogwerkers zijn ingezet om elkaar te kunnen zien. Dat alles kan niet verhullen dat onze bewoners hun dagen in eenzaamheid doorbrengen en wegzakken in onbestemde dagen en lege uren.

De bestuurders van de verpleeghuizen zijn opmerkelijk stil. Joost Zaat schrijft in zijn column van 18 mei: ‘Die besturen steken hun nek niet meer uit.’ We zijn terughoudend om ons uit te spreken. Want stel dat we ons sterk maken voor het versneld openen van onze huizen en het virus komt terug, dan zijn we voor altijd de risee in zorgland.

Buitenspel

Als bestuurder van zeven verpleeghuizen heb ik in overleg met de cliëntenraden en betrokkenen ook al voor het bezoekverbod maatregelen genomen om het bezoek vergaand te beperken. Bovendien konden we, door zelf het initiatief te nemen, maatregelen nemen die passend zijn voor de tehuizen. Onze verpleeghuizen verschillen onderling enorm. 

Met het besluit van minister Hugo de Jonge (Volksgezondheid) om tot een volledig bezoekverbod over te gaan zijn bestuurders, en daarmee ook de cliëntenraden, de ondernemingsraad en verpleegkundige adviesraad, buitenspel gezet. En dat staat in schril contrast met de wijze waarop bestuurders normaal gesproken hun organisaties leiden. We zijn gewend en geoefend om binnen kaders te werken en zijn altijd bereid om daar verantwoording over af te leggen. Onze partners houden ons scherp. Maar ook vanuit hen blijft het stil.

Een collega-bestuurder ziet die stilte als een positief effect van het bezoekverbod. Bewoners zijn rustiger, er zijn minder verstoringen in de zorg en er zouden ook minder gedragsproblemen zijn. Die effecten zie ik ook, maar er moet een kanttekening bij geplaatst worden. We zijn er toch niet om onze bewoners de laatste periode van hun leven in stilte, eenzaamheid en vlakheid te laten leven?

We kunnen onszelf niet wijsmaken dat het gebruik van digitale communicatiemiddelen het echte contact kan vervangen. Natuurlijk is het wijs om te kijken wat we geleerd hebben in coronatijd. Maar structuur in de dag, rust op de afdeling en nieuwe mogelijkheden om te communiceren zijn niet het doel, maar voorwaarden om bewoners een fijne, ervaringsrijke dag te laten beleven.

Verantwoording

Het pleidooi van de Raad voor Volksgezondheid en Samenleving voor meer maatwerk is warm ontvangen, maar verder beleefd genegeerd. De ‘Handreiking voor bezoekbeleid verpleeghuizen in coronatijd’ heeft liefst 43 pagina’s nodig om uiteen te zetten aan welke voorwaarden de verpleeghuizen die deelnemen aan een proef moeten voldoen. Dat is een instructie en geen handreiking.

Nu het in de verpleeghuizen langzaamaan beter gaat, worden we gewaarschuwd voor nieuwe besmettingen of zelfs voor een tweede golf. De vraag is natuurlijk of het leven in een verpleeghuis weer vorm kan krijgen als we ons laten leiden door voorzorg. Er is angst. Die angst is ook voor mij als bestuurder voelbaar. Angst bij bewoners, bij familie en bij medewerkers. Maar er is ook een enorme behoefte bij bewoners en hun familie om elkaar te zien. Dat vraagt om maatwerk per verpleeghuis, niet om algemene maatregelen of instructies. Bestuurders in de zorg zijn er juist voor om, binnen kaders, maatwerk te leveren. Met betrokkenheid van alle partijen en met verantwoording voor- en achteraf.

Nog voor de proef met de 26 verpleeghuizen geëvalueerd is, heeft de minister op 19 mei aangekondigd dat er meer verpleeghuizen open kunnen. Zij mogen open onder dezelfde voorwaarden als in de handreiking opgesomd worden, maar nu met een beoordeling van de bestuurder. Wat de reden ook mag zijn voor deze plotseling ontstane ruimte, wij gaan deze ruimte met de medezeggenschapsorganen op een goede manier gebruiken. Zoals dat van verstandige bestuurders verwacht mag worden.

Harry Finkenflugel is bestuurder van zorgorganisatie Warande

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden