Gastcolumn Amma Asante

De overheid is er voor haar inwoners, niet andersom

Om de participatiesamenleving te vervolmaken, moet de overheid laten zien dat ze investeert in haar inwoners. Sommige gemeenten geven daarin het goede voorbeeld, schrijft gastcolumnist Amma Asante.

Een vrijwilliger veegt een zwembadje in de speeltuin in zijn buurt. Amma Asante: ‘Ik zie dat gemeenten die begrijpen dat de overheid er is voor inwoners en niet andersom, succesvol zijn met het betrekken van hun inwoners.’ Foto Marcel van den Bergh / de Volkskrant

Inwoner ligt al twee weken dood in portiekwoning. Hebben jullie dat ook: dat je ontzettend verdrietig kan worden en je kan verbazen om dit soort nieuwsberichten? Toch zie ik ze regelmatig voorbij komen. En dan denk ik hoe kan het nou dat we zo bezig zijn met ons zelf en zo weinig omzien naar elkaar? Zelfs niet wanneer we dicht op elkaar wonen in een portiekflat?

De individualisering te lijf gaan

Dus ik was verschrikkelijk blij met de zinsnede uit de eerste troonrede van Koning Willem Alexander in 2013. Ik citeer: Het is onmiskenbaar dat mensen in onze huidige netwerk- en informatiesamenleving mondiger en zelfstandiger zijn dan vroeger. Gecombineerd met de noodzaak om het tekort van de overheid terug te dringen, leidt dit ertoe dat de klassieke verzorgingsstaat langzaam maar zeker verandert in een participatiesamenleving. Van iedereen die dat kan, wordt gevraagd verantwoordelijkheid te nemen voor zijn of haar eigen leven en omgeving. En een paar jaar daarvoor had de Wetenschappelijke Raad voor Regeringsbeleid in het rapport Vertrouwen in de burger al een oproep gedaan aan beleidsmakers om meer open te staan voor burgers die zich inzetten voor de samenleving. De combinatie van deze twee oproepen stemden mij optimistisch. We gaan eindelijk de individualisering van de samenleving te lijf en de bubbels doorprikken.

In de media en in mijn omgeving echter was men minder enthousiast. Lag dit nu aan mij? Ik besloot dus om even niet zo enthousiast te doen en me te verdiepen in de materie. En verrek na een tijd ontdekte ik dat die participatiesamenleving al lang bestond. Vooral in kleine gemeenten en dorpsgemeenschappen. Men kent elkaar, men begroet elkaar op straat, dankt de buschauffeur voor de busrit, men helpt elkaar, men zorgt voor elkaar. Men loopt via de achtertuin elkaars huis in en uit. Men kan ook via de voordeur naar binnen want de touwtjes hangen ook nog uit de brievenbus. En ik ontdekte dat mijn veronderstelling dat met de participatiesamenleving compleet iets nieuws stond te gebeuren voortkwam uit mijn eigen Randstedelijke bubbel.

Wethouder van Financiën en Geluk? Fantastisch!

Ik leerde ook dat het gebrek aan wederzijds vertrouwen tussen burgers en de overheid en de harde gevolgen van de bezuinigingen op de zorg wel eens roet in het eten zouden kunnen gooien van de participatiesamenleving. Die vraagt namelijk om een overheid die loslaat, niet altijd het hoogste woord heeft, luistert en faciliteert. Dan ontstaat namelijk ruimte voor inwoners om te acteren. Dat loopt nog niet helemaal lekker en vergt enige oefening. Vooral bij bestuurders, beleidsmakers en lokale politici. Dan de bezuinigingen op de zorg, maatschappelijke opvang en participatie. Iedereen begrijpt dat we allemaal een bijdrage moeten leveren om de zorgkosten in toom te houden die vooral als gevolg van toegenomen welvaart al decennialang de pan uitrijzen. Maar ja, wat mensen niet begrijpen is dat zij jaarlijks meer zorgpremie moeten betalen, naast hun werk, het doen van de boodschappen voor de zieke buurman, in de avonduren de administratie van de tennisvereniging op zich te nemen of koffie te schenken in het buurthuis geen zorg krijgen voor hun tienerdochter die zelfmoordneigingen vertoont of maandenlang op hulp moeten wachten.

Ik zie dat gemeenten die begrijpen dat de overheid er is voor inwoners en niet andersom, succesvol zijn met het betrekken van hun inwoners. Neem nu de gemeente Schagen. Die heeft een wethouder van Financiën en Geluk. Een wethouder die stuurt op het geluk van zijn inwoners: dat is toch fantastisch?! De gemeente ging de straat op en vroeg inwoners naar wat hen gelukkig maakt en gebruikte de uitkomsten voor het maken van beleid. Of neem de gemeente Utrecht. Die voerde niet zomaar de bezuinigingen op de Wmo door maar zorgde eerst dat op lokaal niveau professionele zorgverleners samen gingen werken met inwoners en investeerde flink in zorgvoorzieningen op buurtniveau. Een belangrijk kenmerk van deze gemeenten is dat ze echt luisteren naar hun inwoners, dat ze investeren in hun inwoners, maar ook dat ze durven loslaten en vertrouwen in hun inwoners. Het klinkt zo simpel maar dat is op dit moment de allerbelangrijkste opdracht aan de overheid om onze samenleving te vervolmaken.

Amma Asante is adviseur Sociaal Domein bij BMC en voormalig Tweede Kamerlid voor de PvdA. In de maand augustus is zij gastcolumnist van Volkskrant.nl.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.