ColumnSheila Sitalsing

De lokale partij is een zegen voor de kiezer: geen platitudes, geen imaginaire vrienden

null Beeld
Sheila Sitalsing

Bij een vorige verkiezing kocht de VVD nog advertentieruimte in Nederlandse kranten om Mark Rutte paginagroot iets over Nederland als ‘teer vaasje’ te laten zeggen. Bij deze verkiezingen staat hij gratis in een krant; en het gáát al zo slecht met de advertentie-inkomsten.

Het AD interviewde hem, hij stofte de gebruikelijke pleegzusterbloedwijnteksten af die hij bewaart voor verkiezingscampagnes, dondert niet voor welk gremium er gestemd moet worden. Dat ‘we naast elkaar moeten staan in plaats van tegenover elkaar’, dat we ‘elkaar weer moeten opzoeken’, dat dit naast ‘een gaaf land’ ook ‘een lief land’ is, dat hij ‘gewoon Mark’ is, ‘Markie’ zelfs, die ‘terug wil naar de gezelligheid’.

Vorig jaar liet hij de campagne zelfs over aan zijn kartonnen beeltenis die door bewonderende zomaar-mensen door het land werd gesleept, alsof hij niet net was afgetreden vanwege een hallucinante schending van de burgerrechten van zomaar-ouders en zomaar-kinderen.

Dit keer staat hij in de krant met een hamer andermaal de politieke strijd te reduceren tot een verzameling platitudes. Alsof er geen problemen bestaan met veroorzakers en verantwoordelijken, en geen botsende maatschappijopvattingen. Alsof kiezers die straks hun gemeenteraad mogen samenstellen, zich in de luren laten leggen door beweringen over zijn vele ‘vrienden die na de dertigste persconferentie vroegen: goh, doe jij nog wel eens een persconferentie? Die hadden er 29 gemist.’ (Over de grote vriendenschaar van de premier – bij elk maatschappelijk vraagstuk een plukje bijpassende vrienden – schreef Frank Hendrickx een paar jaar geleden in deze krant een magistraal verhaal. Waarmee hij niet wilde zeggen dat die vrienden imaginair zouden zijn.

Dat laatste – zich in de luren laten leggen – laten kiezers bij lokale verkiezingen steeds minder gebeuren. Ze kiezen lokaal, dat doen ze al jaren: 29 procent koos vier jaar geleden, bij de vorige gemeenteraadsverkiezingen, lokaal. Waarmee lokale initiatieven twee keer zo groot zijn als de grootste landelijke partij, de VVD. Onderzoeksbureau I&O peilde onlangs een stijgende lijn: 32 procent van de kiezers overweegt om volgende maand op een lokale partij te stemmen.

Ondanks alle zendtijd die de kopstukken van landelijke partijen krijgen: Mark Rutte op televisie, Lilian Marijnissen is overal met een alom gereproduceerd verhaal over ‘elitair links’, Jesse Klaver is alomtegenwoordig. Alleen Wopke Hoekstra kan niet. Die is druk met handenwringen over het landjepik aan Europa’s oostgrens en met tandenknarsen over de v-vraag (hoe ruimhartig moeten we zijn tegenover eventuele vluchtelingen?), want buitenlandpolitiek ontaardt in Nederland altijd in gemekker over wie hierheen mag en wie niet, en wie zich daartoe tijgerend door mijnengebied hierheen moet begeven, en wie we gaan ophalen. Niet uit te sluiten valt dat deze verplichtingen elders van Hoekstra een zegen zijn voor lokale CDA-afdelingen.

Voor landelijke partijen is het verlies van lokale worteling een drama. In de gemeenteraad rijpt politiek talent, in de wijken en buurten worden de harten en hoofden van kiezers gewonnen, in de lokale afdelingen worden leden geworven en ideeën ontwikkeld.

Voor kiezers is het pure winst. Zo veel keus, zo veel politici die zich serieus bezig houden met de problemen van de stad en de wijk. Zonder dat ze er platitudes of imaginaire vrienden bij hoeven te slepen.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden