ColumnSander Schimmelpenninck

De lage verwachtingen komen tegenwoordig van rechts

Beeld de Volkskrant

In 2010 introduceerde de Amerikaanse president George Bush, of nu ja, zijn speechschrijver ­Michael Gerson, het concept van the soft bigotry of low expectations. Dat komt er feitelijk op neer dat je de lat voor bepaalde groepen mensen lager legt, omdat je ze niet zo hoog inschat. Deze redeneertrant leidde later tot ‘het racisme van de lage verwachtingen’, waarbij rechtse mensen linkse mensen, terecht, aanspraken op hun cultuurrelativistische verdediging van migrantengroepen wanneer die universele mensenrechten schonden. Alsof sommige mensen te stom zijn om fatsoen van te verwachten.

Met name de Britse ex-islamist Maajid Nawaz verzette zich tegen het idee dat moslims niet tegen spot kunnen en meteen een trein opblazen als ze een keer kritiek krijgen. Politieke correctheid en angst voor geweld leiden volgens hem tot een bevoogdende vertroeteling van precies de moslims die men beweert te dienen en emanciperen, vanuit het idee dat zij niet beschaafd zijn en hun woede niet kunnen beheersen.

Het ‘racisme van de lage verwachtingen’ legt de lat dus lager voor ­bepaalde groepen, terwijl de rest van de wereld zich wel gewoon moet houden aan de algemene fatsoensnormen van de liberale samenleving.

In Nederland treffen dergelijke lage verwachtingen steeds minder vaak minderheden, die vrolijk doorgaan met emanciperen, maar steeds vaker de Gewone Man. Populistische politici, journalisten en andere Twitter-samenvatters die zich er op voorstaan de stem van het volk te vertolken, reageren voortdurend ontkennend en bevoogdend bij kritiek op agressief of intolerant gedrag van, laten we zeggen, volkse landgenoten. Sterker nog, agressief gedrag wordt niet alleen goedgepraat, maar door het voortdurende ophitsen op sociale media wordt ook de suggestie gewekt dat je géén Gewone Man bent als je toevallig geen schuimbekkende racist bent.

De manier waarop de Gewone Man wordt misbruikt, laat vooral zien hoezeer ‘volksverheffing’uit de mode is. Populistisch-rechts is een spiegel geworden van regressief-links: volkomen intolerant jegens kritiek, met dit keer de Gewone Man als Nobele Wilde die niet hoeft te worden verheven, maar die je vooral zijn achterlijkheid moet laten beleven – zo zijn ze nu eenmaal. Het is alsof ­populistisch Nederland is vergeten dat Al Bundy, de even hilarische als misantropische loser uit Married ... with Children, nooit bedoeld was als rolmodel. En dat hij ­bovendien met zijn tijd meegaat: als Jay in Modern Family gaat hij hortend en stotend mee in de vaart der volkeren.

Filosoof Kees Vuyk beschreef in zijn boek Oude en nieuwe ongelijkheid hoe het sociaal-democratische verheffingsideaal van de jaren ’50 en ’60 vooral bestond uit respect voor arbeid en vakmanschap, waarna het vanaf de jaren ’70 vooral ging over meritocratie en sociale stijging. Het pijnlijke daarvan is alleen: op een ­gegeven moment hebben alle talenten hun kansen wel gepakt. Terwijl het verheffingspotentieel nu vooral bij migrantenkinderen zit treedt er bij de autochtone lagere klasse volgens Vuyk verplatting op; doordat de achterblijvers met elkaar trouwen, wordt de intelligentie in die groep steeds homogener.

De meritocratie blijkt een slechte deal voor veel mensen, omdat je in een wereld van kansen nogal snel het idee krijgt dat het aan jouzelf ligt als je niet succesvol bent. Wat niet altijd waar is: goede genen zijn voornamelijk een kwestie van geluk.

Verplatting is de keerzijde van verheffing, kortom, en dat leidt onherroepelijk tot segregatie, onbegrip en populisme. Dat proces is in volle gang. De krankzinnigheid van een stratenmaker die devoot supporter is van een politieke partij die in de Tweede Kamer wordt vertegenwoordigd door een mislukte academicus, advocaat-dandy en succesvol huisjesmelker, ontgaat hemzelf. Zijn politieke vertegenwoordigers hebben geen enkele interesse in zijn verheffing, economisch dan wel cultureel, maar gebruiken hem slechts voor ­eigen, ijdele doelen. Om boekjes te verkopen of wellicht nog een belastingverlaging voor rijke mensen te ritselen.

Wie het lot van de Gewone Man werkelijk aan het hart gaat, zou er goed aan doen te stoppen met het cultiveren van wangedrag en achterlijkheid en in plaats daarvan pleiten voor zaken die bijdragen aan écht zelfvertrouwen en respect: hogere lonen, eerlijkere belastingen en meer zinvol productiewerk.

Sander Schimmelpenninck is journalist en ondernemer. 

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden