De laatste keer?

Voor D66 zijn het geen ontspannen dagen. De wet van Murphy heeft de partij stevig in de greep. Op het verlies van ruim 160 zetels in de gemeenteraden volgde vrijdag de uitslag van het referendum: een meerderheid stemde tegen de Wet op de inlichtingendiensten.

Een overtuigend ja tegen de wet had het tegenkamp wellicht de strijdlust ontnomen, maar nu wordt alle energie opnieuw gericht op D66, op dit punt de zwakste schakel in de coalitie. De partij was immers ­tegen de wet, todat die mening werd ingeleverd in de formatiegesprekken. Vinden de Democraten iets van hun oorspronkelijke overtuiging terug nu de vraag voorligt of zo’n uitspraak van miljoenen kiezers zomaar genegeerd kan worden?

Daarbij komt nog de poging van de coalitie om het referendum zelf zo snel mogelijk naar de slachtbank te leiden – eveneens zo’n besluit waar D66 kort geleden anders over dacht. Een besluit bovendien dat na deze week nog moeilijker te verdedigen is.

Natuurlijk valt op het huidige referendum van alles aan te merken. Niet alle thema’s zijn even geschikt, bleek meteen bij het Oekraïnereferendum in 2016. Een volksraadpleging over een Europees verdrag dat zonder Nederland toch wel doorgaat, is een recept voor valse verwachtingen. De merkwaardige ‘opkomstdrempel’ bleek voor velen een aansporing om thuis te blijven, in de hoop zo de uitslag ongeldig te maken. Dat is een perverse negatieve prikkel die zo snel mogelijk vervangen dient te worden door een uitkomstdrempel: een ja of nee is pas geldig als 30, 40 of 50 procent van het totale electoraat voor zo’n ja of nee heeft gestemd.

Tegenover die tekortkomingen, die te verhelpen zijn, staat de positieve ervaring van deze week. De ­inlichtingenwet te ingewikkeld voor veel mensen? Wie weet. Maar juist door het referendum kwam er een breed maatschappelijk debat op gang over veiligheid en privacy, een wezenlijk gesprek dat tot aan vele keukentafels werd gevoerd. Heel weinig gewone Kamer­debatten hebben een vergelijkbare impact.

Het eindresultaat wordt door een groot deel van de Tweede Kamer terecht beschouwd als een signaal: een aanzienlijk deel van de bevolking is er niet gerust op dat deze nieuwe wet goed uitpakt, dus kijk nog eens naar de zwakke plekken. Wat willen ze nog meer, al die Kamerleden die altijd zo bezorgd zijn over de kloof tussen politiek en kiezers?

Juist nu traditionele politieke verbanden als de grote ledenpartijen uitgehold raken, zijn nieuwe vormen van politieke deelname dringend nodig. Gebrek aan zeggenschap leidt onvermijdelijk tot verdere polarisatie, die ontwrichtend kan werken.

Het is nog niet te laat. De coalitie zou nog eens kritisch naar de inlichtingenwet moeten kijken. Waar zitten mogelijke verbeteringen? D66 kent ze zelf, uit de tijd dat de partij nog tegen was.

In datzelfde nabije verleden behoorde D66 tot de ­enthousiaste initiatiefnemers bij de invoering van het raadgevend referendum – een wet die in beide Kamers groot draagvlak kreeg. Alleen VVD, CDA, ChristenUnie en SGP stemden tegen. Een wezenlijker democratische vernieuwing is in vele decennia niet in Nederland doorgevoerd.

Nu dreigt die prille vernieuwing alweer overhaast te worden afgeschaft met een beroep op een coalitie­afspraak die nota bene door een minderheid werd afgedwongen in de besloten achterkamer van de kabinetsformatie. En dan wordt het ook nog uitdrukkelijk zo ­geregeld dat er geen kiezer meer aan te pas kan komen. Veel cynischer kan politiek niet worden.

De Eerste Kamer velt binnenkort het definitieve oordeel. Zou die Kamer, zelfbenoemd hoeder van de betrouwbaarheid en de consistentie van de overheid, zoiets nou echt laten gebeuren?

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden