ColumnBert Wagendorp

De kans dat zich op minstens een paar miljard van die planeten leven heeft ontwikkeld, nadert de honderd procent

Ik had verwacht dat ‘Leven op Venus?’ dinsdag wel de openingskop van de krant zou zijn, maar het was Prinsjesdag. Het stond ook nog niet onomstotelijk vast dat er op onze buurplaneet leven was aangetroffen. De aanwezigheid van het gifgas fosfine leek wel in die richting te wijzen, maar ‘onweerlegbaar bewijs’ ontbreekt nog. Daar wachten we bij de Volkskrant nog even op, en dan gaan we helemaal los met een special over de gevolgen van die sensationele ontdekking.

Buitenaards leven is meer dan zomaar buitenaards leven. De mensheid heeft al heel wat aanslagen op het zelfbeeld moeten incasseren – van Copernicus die zei dat we niet het centrum van het heelal zijn en Darwin die verklaarde dat we het resultaat vormen van natuurlijke selectie sinds de eerste bacteriën, tot de moderne genetici die ons op onze plaats zetten met de mededeling dat we de helft van ons dna delen met een banaan.

Zodra buitenaards leven wordt bewezen, zetten we een nieuwe stap in het besef van onze relativiteit. We zijn niet langer de unieke Masters of the Universe. Ook elders in het heelal worden grote romans geschreven, symfonieën gecomponeerd en vragen gesteld over de zin van het leven.

Uit de aanwezigheid van fosfine valt volgens astronomen af te leiden dat er op Venus bacteriën leven of dat er ‘een fabriek’ staat. Beide mogelijkheden wijzen op leven. Ik begrijp overigens niet hoe je op 143 miljoen kilometer afstand wel een minuscuul gifgas kunt detecteren, maar dat je de aanwezigheid van een fabriek niet kunt vaststellen of uitsluiten.

Ik hoop wel dat het uiteindelijk een fabriek blijkt te zijn. Maak je toch meteen een grotere stap dan met een bacterie. Bij ons zit er 3,5 miljard jaar tussen de eerste bacterie en de bouw van de Hoogovens in IJmuiden. Als het ze ergens in het heelal opvalt dat er in onze dampkring fosfinen rondzweven, beginnen ze ook met de bacterietheorie, omdat ze niet weten wat er uit de Tata-pijpen komt.

Ons sterrenstelsel telt honderd miljard sterren. Er zijn volgens de laatste inzichten tweeduizend miljard sterrenstelsels. Rond de meeste sterren zweven planeten. Alleen in het Melkwegstelsel zijn er tien miljard planeten waar leven zoals wij dat kennen mogelijk is. Het aantal bewoonbare planeten verderop in het universum valt niet te schatten, maar het zijn er flink wat.

Statistisch gezien nadert de kans dat zich op minstens een paar miljard van die planeten leven heeft ontwikkeld de honderd procent. Wat ons op de paradox van Fermi brengt: ‘Als dat zo is, waar is iedereen dan?’

Venus levert mogelijk een begin van het antwoord op die vraag.

Een ander antwoord is wellicht covid-19. NRC had zaterdag een stuk over de mogelijke herkomst van het virus: een inslag op 11 oktober 2019 in Noord-China van een komeet vol coronavirussen. Er stond bij dat het geen complottheorie was maar een theorie die was gepresenteerd in het wetenschappelijke tijdschrift Advances in Genetics.

Het universum, stelt de hypothese panspermia, wemelt van het leven. Via inslaande kometen en ruimtestof bereiken virussen en bacteriën vanuit het heelal de aarde. Zo zou de Spaanse griep tot ons zijn gekomen en dus ook de huidige pandemie. Misschien hebben we er zelfs ons eigen bestaan aan te danken.

Het is een gewaagde theorie en daardoor extra aantrekkelijk. We dragen mondkapjes om ons buitenaards leven van het lijf te houden: ik vind het een grappige gedachte.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden