column Max Pam

De jongeren op het Leidseplein hadden even geen boodschap aan het verleden

Door het Vondelpark reed ik, op weg naar het Leidseplein waar in twee bioscopen Once upon a Time in Hollywood draaide, de nieuwste film van ­Tarantino. Het was vroeg in de avond en door de bomen zag ik de ondergaande zon.

Voor de Stadsschouwburg ligt een gebied dat zowel voor voetgangers als voor fietsers toegankelijk is – althans dat dacht ik, maar van verre zag ik hoe politie de fietsers aan het bekeuren was. Ik stapte snel af en liep met een schijnheilig gezicht langs de agenten. Ga ­boeven vangen, dacht ik nog. De eerste bioscoop was uitverkocht, de tweede ook, maar ik had het geluk dat iemand een kaartje terugbracht.

De film was een beetje een tegenvaller. Er zitten mooie en grappige momenten in, maar in het schitterende oeuvre van Tarantino beslist een van zijn mindere films. Je vergat nooit dat het een film was in een film en daarom twee keer niet waar. Bovendien heeft de maker duidelijk moeite gehad met het einde en zal hij ons daarom op het hart hebben gedrukt er niets over te vertellen. Om mij heen werd luid om het slot gelachen, maar als je Helter Skelter hebt gehoord (en gelezen) en je weet hoe het is afgelopen, valt er weinig te lachen. Zelfs Tarantino heeft het niet helemaal aangedurfd ons die rauwe werkelijkheid te tonen. Hij maakte er liever een geintje van.

Bewijzen kan ik het niet, maar ik had ik het gevoel dat mijn medebezoekers weinig besef hadden van de historische omstandigheden waarmee de film speelde. Dat hoeft misschien ook niet en is het voldoende om te genieten en plezier te hebben.

Toen ik even voor twaalf buiten stond, was het Leidseplein bezaaid met de overblijfselen van lege ballonnen, die als dode kwallen op het plaveisel lagen. Tevens waren jongemannen op standplaatsen bezig ballonnen te vullen met een spuitbus. Ufo-gas stond erop, een soort lachgas neem ik aan. Er heerste een uitgelaten stemming, vooral onder de goed verdienende ver­kopers. Boven het terrasje van het eens vermaarde café Reynders kringelde een geur, die een mix was van gas, wiet en hasj. Politie was nu in geen velden of wegen te bekennen. Over het gedeelte waar agenten een paar uurtjes geleden nog fietsers aan bekeuren waren, reed een lachgashandelaar op zijn scooter. Dat was beslist geen elektrische.

Ik moest denken aan Milieudefensie, dat lachgas­gebruikers wil aanspreken. Het is slecht voor het klimaat, want ‘een (1) ballon staat gelijk aan 15 kilometer autorijden, of het verbranden van 1 liter benzine of ­diesel’. Het gas is 250 keer zo schadelijk voor het milieu als CO2. Van die notie had niemand op het Leidseplein last, terwijl het toch vooral jonge mensen waren die daar vrolijk aan het rondbanjeren waren. Het had op een vreemde manier iets aanstekelijks. Deze jongeren hadden even geen boodschap aan het verleden en evenmin aan de toekomst. Zij leefden vooral in het nu, zoals ik dat zelf op die leeftijd ook had gedaan. Ze ­hebben ongelijk, maar ik kan ze geen ongelijk geven. Mij lijkt het vooral iets voor ouderen om je druk te ­maken over ‘volgende generaties’.

Toen ik terugreed door het Vondelpark stond de volle maan hoog boven de bomen.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden