Column Martin Sommer

De gele hesjescrisis kan alleen worden opgelost als er weer politiek van wordt gemaakt

Een paar jaar na de val van de Muur was ik in Oost-Berlijn, om te praten met een journalist uit de voormalige DDR. Hij heette Alexander Osang en hij was een tobber. Ik wilde weten hoe het was om in de communistische tijd voor de krant te werken. De formule heette Argumentieren durch Tatsachen, vertelde hij. Argumenteren via de feiten. Er waren in de DDR geen meningsverschillen, aangezien het wetenschappelijk socialisme heerste op aard. Je hoefde alleen de feiten te melden, over productie bijvoorbeeld, ook al moest hier en daar iets worden bijgebogen. Wie de macht heeft, heeft de feiten.

Deze dagen hebben we de klimaattop in Katowice en moest ik aan Alexander Osang denken. Geen dag gaat voorbij zonder alarmerende feiten. Eerst het IPCC, we moeten geloof ik vijfmaal zoveel doen als nu om het klimaat in het gareel te houden. Woensdag een man van een onderzoeksbureau in het Journaal. We halen de Urgenda-uitspraak op geen stukken na. Donderdag, een mevrouw uit Polen op de radio. Ik meen dat Hoogovens volgende week dicht moet, alle kolencentrales subiet ook en tegelijk iedereen over op een elektrische auto.

Ik werd er giechelig van. Zoveel feiten bij elkaar. Toeval of politiek, omdat op dat moment die conferentie was? Dat laatste natuurlijk. Wetenschap is altijd het beste argument, maar daar wordt politiek niet minder politiek van. Men wil de werkelijkheid buigen naar zijn beeld en gelijkenis. Volgens bekend recept: we halen het niet, nog een schep erbovenop! De suggestie is dat de wetenschap één boodschap heeft, net als ooit in de DDR. De rest is invulling. Dat is natuurlijk niet zo. Maandag interviewde De Telegraaf Richard Tol, klimaateconoom en voorheen lid van het IPCC.

Hij heeft er dus verstand van. Meer in elk geval dan transitiekundige Jan Rotmans. Tol ontkent de klimaatopwarming niet. Wel windt hij zich op, over de 1,5 graad die we maximaal mogen stijgen, of 2 graden voor de rekkelijken. Allebei niks te maken met wetenschap, en alles met politiek, zegt hij. En dan de klimaatpaniek. Nederland heeft voorlopig weinig te vrezen en ook de rest van de wereld is meer geholpen met een koel hoofd dan met twintigduizend mensen die het in Katowice eens zitten te wezen. Kortom, tegenspraak van een serieuze wetenschapper. Wat zou daarmee gebeuren? Negeren, is de praktijk. Tol mag natuurlijk zijn zegje doen en daarna klimaattafelen we verder.

De vraag is hoelang dit nog gaat kunnen. In Frankrijk is een regelrechte klimaatopstand uitgebroken. De boosheid van de gele hesjes begon met een extra belasting op diesel. Het oproer werd snel in de mal van een sociaal-economisch protest geduwd. Dat kunnen we begrijpen, en vervolgens rechtbreien met wat toeslagen hier en wat subsidies daar. De hesjeswoede gaat verder, een woede die razernij werd, van brave huisvaders die helemaal uit de Nièvre kwamen om in Parijs de boel kort en klein te slaan. De pleuris brak uit nadat een minister had gezegd dat mannen die in een dieselauto zitten te roken, niet bij het Frankrijk horen dat hij voor ogen heeft. De gele hesjes, dat zijn de Franse deplorables.

Hun doelwit was primair president Macron, vanwege zijn sjieke vrouw, zijn arrogantie, zijn doofheid voor hun klachten, zijn gebrek aan belangstelling voor het platteland. Dat is ook precies de reden voor de paniek bij het establishment. Dit gaat niet weg met een subsidie of een toeslag. Dit oproer is gericht tegen de technocratie, tegen de veronderstelling dat er maar één oplossing is. Die van Macron. Hij zou hervormen, hij zou Frankrijk bij de tijd brengen. Nu kun je overal hoofdartikelsgewijs lezen dat de hesjes serieus genomen moeten worden, dat er een gesprek moet komen. Wat gaat dat gesprek opleveren als de hesjes zeggen: jullie maken je druk over het eind van de wereld, wij over het eind van de maand. Wij hebben domweg andere prioriteiten.

Er wordt over de hesjes geschamperd. Haha, ze hebben niet eens een eis, ze zijn overal tegen. Het zijn inderdaad politieke weeskinderen, juist omdat het klimaatdebat uit de politieke arena is getrokken, in de sfeer van de onomstotelijke feiten. Deze crisis kan alleen worden opgelost als er weer politiek van wordt gemaakt. Dat wil zeggen, iets waar je het oneens over kunt zijn. Macron heeft inmiddels zijn U-bocht gemaakt. Het oneens zijn, dat gaan ze in Frankrijk doen, in een groot energiedebat. Niet alleen de extra belasting op diesel gaat niet door, ook de prijsverhoging van gas en licht. Dat laatste is ook voor Nederland pikant, met zijn modieuze aardgasfobie.

Sybrand Buma van het CDA heeft gezegd dat de burgers in het klimaatdebat meer gehoord moeten worden, om te voorkomen dat we hier ook hesjestoestanden krijgen. Hij waarschuwde van de zomer al dat het klimaat de nieuwe splijtzwam dreigt te worden. Juist Buma staat daarom voor de vraag wat hij terug zal zeggen als de burgerij hem komt voorhouden dat het kalmer aan moet met het klimaatradicalisme. Wat zal hij zeggen? Jullie hebben gelijk, maar dat staat helaas niet in het regeerakkoord? Dat was tot dusver de CDA-lijn, maar die is niet lang meer houdbaar. Je kunt hooglopende kwesties niet wegparkeren aan geheime tafels en het publieke debat overlaten aan Baudet en Wilders.

Onlangs kreeg de FNV te horen dat ze de sprong moest wagen en instemmen met een nieuw pensioenstelsel. Ik zeg op mijn beurt tegen Buma: spring Sybrand, spring!

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.