Column Caspar loopt

De geelgors is typisch een vogel van het kleinschalige boerenland

Aflevering 245: de geelgors is typisch een vogel van het kleinschalige boerenland.

Caspar Janssen.

Ik hoor ze voortdurend, geelgorzen, rond Noorbeek. Het verhaal gaat dat Beethoven zijn Vijfde Symfonie ontleende aan het zangriedeltje. Dat soort verhalen moet je niet kapot checken.

Maar horen vind ik vandaag niet genoeg. Ik wil Zuid-Limburg niet verlaten voordat ik een geelgors heb gezien. Ik hoop op dat karakteristieke beeld, een mannetjesgeelgors (die zijn het mooist) op een paaltje. Het lukt steeds maar niet.

Ik beweer vaak dat de geelgors mijn favoriete vogel is. Dat heeft persoonlijke oorzaken, vermoed ik. In de tijd dat ik interesse opvatte voor vogels, ongeveer tien jaar geleden, had ik het nogal zwaar. Ter verlichting ging ik een weekje lopen, in Limburg, met een vriend. Onafgebroken tuurde ik met mijn Hemakijkertje, maar ik herkende niets dan vinken en mezen. Totdat we opeens met het blote oog een vogeltje met een knalgele kop en een opvallende, oranjeroze stuit zagen, op een tak. Mijn vogelgidsje bood uitkomst: geelgors. Een nieuwe vogelsoort. Zowaar even licht in de duisternis.

Geelgors.

Het was ook een bijzondere plek. De geelgors, zo leerde ik later, is typisch een vogel van het kleinschalige boerenland. Ooit zeer algemeen in Nederland, maar inmiddels uit het westen van het land als broedvogel verdwenen. Vanwege ruilverkaveling, monoculturen en bestrijdingsmiddelen. En door de uitvinding van het prikkeldraad, want daardoor verdwenen natuurlijke veekeringen.

De geelgors houdt van akkertjes, weilandjes, bosjes. Een stukje open, een stukje dicht, een beetje nat, een beetje droog, houtwallen, heggen, struweel. Hij heeft een hoge plek nodig om te zingen en een lage plek met ruigte, om veilig in te broeden. En voldoende voedsel: granen, grassen, wilde planten en insecten in het broedseizoen, zaden in de winter. Het is geen museumlandschap waar de geelgors van houdt, maar een levend landschap, waar voedsel wordt geproduceerd zonder dat het leven wordt buitengesloten.

De geelgors heeft, kortom, dezelfde smaak als ik.

Dit stukje stevent af op succes. Ik ben al bijna terug in Noorbeek als ik opeens die riedel weer hoor. Vijf meter verderop, achter een heg, op een paaltje, zie ik een zingend mannetje, in vol ornaat, geel kopje fier omhoog. Een geestverwant.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.