Commentaar Vakbeweging

De FNV doet er verstandig aan service voor actie te verruilen – met behoud van redelijkheid

De vakbond heeft, net als andere ledenorganisaties, het tij tegen. Maar ze mag niet worden afgeschreven.

Een FNV-lid op station Arnhem. Vakbond FNV Spoor heeft zijn leden opgeroepen het werk neer te leggen. Archieffoto. Beeld ANP

Het zouden gouden tijden moeten zijn voor de vakbeweging: toenemende inkomensverschillen in het bedrijfsleven, aanhoudende onzekerheid over de AOW-leeftijd, flexibilisering van de arbeid. ­Genoeg redenen voor ‘actie, actie, actie’, zou je zeggen. ­De bonden slagen er echter steeds minder in om leden te werven en te mobiliseren. In de periode 2012-2016 was zo’n 19 procent van de Nederlandse werknemers lid van een vakbond (‘georganiseerd’). Zo’n twintig jaar geleden gold dat nog voor een kwart van de werknemers – veel minder overigens dan in België en de Scandinavische landen. Dienten­gevolge slinken de inkomsten van de bonden, en moet de FNV – niet voor het eerst – banen schrappen.

De vakbeweging ondervindt de gevolgen van een ontwikkeling die ook andere ledenorganisaties (omroepen, politieke partijen, kranten en kerkgenootschappen) al ­decennialang plaagt: de onwil van individuen om zich aan collectieve doelen en identiteiten te binden. Mogelijk heeft de FNV haar neergang ook bespoedigd door de trekken aan te nemen van een serviceclub die de leden korting op verzekeringen en andere voordeeltjes biedt. Op de in­dividualisering van de arbeidsmarkt is zij het antwoord echter schuldig gebleven. Collectieve actie was vooral ­effectief in het hoogtij van de industrialisatie.

Ook in de politiek is de vakbeweging enigszins ontheemd geraakt. Ooit waren de PvdA en de SP haar natuurlijke bondgenoten. GroenLinks, momenteel de grootste progressieve partij, oriënteert zich minder op de bonden. Zoals minister Koolmees (Sociale Zaken) door het AD heeft laten optekenen, heeft de politiek echter geen reden om onverschillig te blijven over de verzwakking van de vakbeweging. Als pijler onder het poldermodel, dat bij het overleg over het pensioenstelsel opnieuw zijn waarde moet bewijzen, is ze van groot belang gebleken.

De FNV doet er dus verstandig aan om service voor actie te verruilen – met behoud van de redelijkheid die ooit ­ zoveel aan haar prestige heeft bijgedragen. Haar partners in het polderoverleg doen er op hun beurt verstandig aan de relevantie van de bonden ook in de uitkomst van onderhandelingen te laten doorklinken.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.