De favoriete regisseur van Peter Buwalda? Milos Forman, kwam hij deze week achter

Regisseur Milos Forman. Beeld EPA

Deze week moest ik uit de krant vernemen dat Miloš Forman mijn favoriete regisseur was. Er stond namelijk dat hij zowel Amadeus als One Flew Over The Cuckoo’s Nest had geregisseerd. Ik wist dat niet. Of eigenlijk wist ik het wel, maar nooit tegelijkertijd, een paradoxale toestand vergelijkbaar met die van licht, dat zowel golf als deeltje is. In hetzelfde bericht stond dat Forman, inmiddels een held van me, gestorven was. Dat nieuws kwam aan als een mokerslag, natuurlijk.

Kiezen tussen die twee films is niet makkelijk. Ik hou erg van W.A. Mozart, ik bedoel van zijn muziek, maar dat mag geen rol spelen. En dat deed het ook niet, want Amadeus maakte grote indruk op mij toen ik een jaar of 15 was, en toen liep ik nog weleens rond in een T-shirtje van Iron Maiden. Het was een zwart geval zonder mouwen, uiteraard met Eddie erop, de agressieve zombie die op alle lp-hoezen van Iron Maiden te bewonderen valt. Eigenlijk was dat shirtje een te groot statement voor mij, zeker als ik bepaalde mensen tegenkwam, zoals mijn judo-­leraar, die er op een bepaalde manier naar staarde. Het ding maakte me overbewust van mezelf; ik was ’s avonds altijd blij als ik Eddy en zijn bebloede bijl weer uit kon trekken. (Zo ongeveer moet het aanvoelen om Henk van Straten te zijn, denk ik wel eens. ­Minus dat uittrekken, dan.)

Toch kies ik voor One Flew Over The Cuckoo’s Nest, ­eigenlijk om persoonlijke redenen. Die spelen mee, zoals bij Garri Kasparov, die ik heb zien vertellen dat hij Amadeus zo ontroerend vond omdat Mozartje de enige persoon was in wie hij zich herkende – een ­hilarische uitspraak, vond ik, zelfs uit de mond van de grootste schaker ooit.

Mij ontroerde One Flew Over The Cuckoo’s Nest overigens een beetje te erg naar mijn smaak, ik zat ernaar te kijken in Blerick, in aanwezigheid van de complete hoeksteen plus mijn vrienden Sander, Max en de illustere Mick Visser. Aan het einde, wanneer Chief, de doofstomme indiaan, uit barmhartigheid Jack Nicholson dooddrukt met een hoofdkussen, barstte ik als enige in tranen uit. Een pijnlijke affaire. Óf de rest had van die hele film niks begrepen, óf ik was gevoeliger dan ik eruit zag, met mijn Iron Maiden-T-shirtje.

De film is overigens beter dan het boek, al las ik Ken Kesey niet, wat me bijna opbrak tijdens mijn mondeling Engels bij… Valk, heette de man. We bespraken tien films – ik althans, Valk ging er voor het gemak van uit dat ik alle boeken gelezen had, want hij bewaarde One Flew Over The Cuckoo’s Nest als toetje, zei hij met een gemeen lachje. Daarin zat ­namelijk een ‘lakmoesproef’. Stond me meteen al niks van bij.

‘Ik heb een vraag over de indiaan’, zei hij, ‘iets wat niet in de film voorkomt maar wel in het boek. Bij een fout antwoord krijg je een 4, en anders een 8.’

Ik knikte.

‘Wat weet je over Chiefs ouders?’ Helemaal niks, dacht ik, maar ik zei vreemd genoeg: ‘O, dat is nou leuk dat u het vraagt, want de moeder van de indiaan was een blanke vrouw, en zijn vader was een echte indiaan’ – wat precies klopte. 

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden