De Europese Unie moet de West-Balkan integreren

De EU moet de economisch zwakke westelijke Balkan niet overlaten aan Moskou en Ankara, betoogt Jan Marinus Wiersma.

Vlaggen voor het hoofdgebouw van de Europese Commissie in Brussel Beeld anp

Er waren tijden dat het uiteengevallen Joegoslavië het nieuws beheerste. Dat is gelukkig niet meer zo. De regio oogt stabiel. De jonge democratieën oriënteren zich op een toekomst binnen de EU of hebben, zoals Slovenië en Kroatië, dat doel al bereikt. De landen lijken zich aan te passen aan Europese waardepatronen, met als frappant recent voorbeeld de deelname van de premier van Servië en de president van Kosovo aan gay pride parades in Belgrado en Pristina. Regeringsleiders bezoeken elkaar om zich te verzoenen met een verleden van etnisch geweld.

Maar schijn bedriegt. Onder de oppervlakte broeit het nog steeds - binnen en tussen landen. De EU zet in op stabiliteit, maar spreekt de heersende elites niet hard aan op een gebrek aan hervormingen. Lidmaatschap van de EU is nog steeds populair, maar het toetredingsproces is door de Europese Commissie op een laag pitje gezet, waardoor de druk om te hervormen een stuk minder is geworden. Mede hierdoor is de aantrekkingskracht van de EU geringer, wat het speelveld van externe spelers als Rusland en Turkije in de regio verruimt. Ook China breidt zijn invloed met belangrijke investeringen uit.

Er woedt een veenbrand door de toenemend frustratie van vooral jongeren over corruptie en gebrek aan economisch perspectief. Er is een klimaat geschapen waarin populisme gedijt, jihadisme een dreiging wordt en veel burgers (willen) emigreren naar de rijkere delen van Europa. Veel politici proberen de burgers af te leiden met nationalistische slogans en religieuze identiteitspolitiek waarmee zij electorale steun verwerven en hun belangen veilig stellen. Dit gaat soms gepaard met autocratisch optreden, zoals in het geval van president Vucic van Servië en tot voor kort premier Gruevski van Macedonië. Dit laatste land is een goed voorbeeld van een enorme interne polarisatie - na een afluisterschandaal - die het politieke leven lang verlamde. Hetzelfde deed zich voor in Albanië, waar de oppositie het parlement boycotte. In Kosovo gooiden tegenstanders van de samenwerking tussen Pristi-na en Belgrado traangasgranaten in de zaal bij parlementaire sessies.

Het uiteenvallen van Joegoslavië aan het einde van de Koude Oorlog laat nog steeds sporen na. Weliswaar reiken leiders elkaar tegenwoordig voor de camera's de hand, maar er is nog veel oud zeer, veroorzaakt door de etnische zuiveringen van toen en omstreden grenzen. Nog vaak worden beschuldigingen van oorlogsmisdaden geuit. Er lijkt bovendien nog geen eind gekomen aan de desintegratie van de regio.

Het Servische deel van Bosnië en Herzegovina - geleid door de autoritaire en nationalistische premier Dodik - streeft naar afscheiding. Kosovo heeft zich onafhankelijk verklaard, maar Servië accepteert dat niet. In Macedonië ontstond eerder dit jaar grote ophef over het feit dat de sociaal-democraten een coalitie vormden met partijen die de Albanese minderheid vertegenwoordigen, in ruil voor erkenning van het Albanees als officiële taal. Op de achtergrond zou Tirana daarbij geholpen hebben, hetgeen weer speculaties voedde over mogelijke ambities om tot een Groot-Albanië te komen. De Albanese premier had immers al geopperd dat een samensmelten van zijn land met Kosovo een optie is wanneer de onderhandelingen met de EU op niets zouden uitlopen. Ook in Belgrado wordt daar natuurlijk met argusogen naar gekeken.

De optelsom van gebrekkig functionerende rechtsstaten, autocratische bestuurders, nationalisme en separatisme, de groei van de (radicale) islam, een onverwerkt verleden en een achterblijvende economie zou alarmbellen moeten doen rinkelen. Inzetten op de status quo zoals de EU doet, verandert niets aan de onderhuidse spanningen. De westelijke Balkan is een enclave in de EU, wat integratie een logische stap maakt. Het niet realiseren daarvan en het voortbestaan van een economisch zwakke, intern verdeelde en meer van Moskou en Ankara afhankelijke regio is bedreigend.

Dit besef lijkt ook doorgedrongen tot voorzitter Donald Tusk van de Europese Raad, die een speciale Eurotop over de westelijke Balkan in mei 2018 aankondigde. Brussel is meer gebaat bij een sterke partner, waarmee bijvoorbeeld vraagstukken van migratie kunnen worden aangepakt. Dus een duidelijker engagement, gericht op versterking van de rechtsstaat en betere economische perspectieven. De meeste inwoners van de regio zien dat nog steeds als meest gewenste uitkomst.

De Clingendael Spectator publiceerde deze week een Engelstalig Balkan-dossier getiteld: The Western Balkans at the edge?

Jan Marinus Wiersma is senior visiting fellow bij Instituut Clingendael.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden