Opinie Euro

De euro is sterker uit de grote depressie gekomen

De euro kwam goed uit de crisis, maar er moet meer gebeuren vóór een nieuwe crisis tot actie noopt, aldus voorzitter van de Eurogroep Mario Centeno.

Voorzitter van de Eurogroep Mario Centeno. Beeld AFP

Let niet op de twijfelaars. Europa is aan de winnende hand. De crisis stelde de euro op de proef, maar de munt is er sterker uitgekomen. Terwijl we maatregelen bespreken om de eenheidsmunt verder te versterken, kampen we met een bekende vraag. Kunnen we vooruitgang boeken in goede tijden of wachten we op een nieuwe crisis die ons zal dwingen op te treden?

Op het dieptepunt van de crisis was het niet duidelijk dat de munt er ongeschonden doorheen zou komen. De grote depressie veroorzaakte zware tijden voor veel van onze burgers en dwong lidstaten middelen te bundelen. We werden door de crisis overvallen, maar Europese leiders verlieten hun comfortzones om onze munt te verdedigen. Het vangnet van 500 miljard euro – het Europees Stabiliteitsmechanisme (ESM) – is er wellicht het duidelijkste voorbeeld van. De economische groei die we nu meemaken, is de terugbetaling hiervoor.

Alle euro-economieën beleven nu solide groei. Overblijfselen van de crisis, zoals publieke schulden, begrotingstekorten en werkloosheid, dalen gestaag en op een tot nu toe nog nooit vertoonde gecoördineerde wijze. Nota bene Griekenland is een bewijs van ons doorzettingsvermogen. Na acht jaar hervormingen, gesteund door 256 miljard euro aan leningen, verlaat Griekenland het steunprogramma deze zomer.

Politieke wilskracht en geduld zijn van cruciaal belang. Geduld is het beste medicijn tegen de opkomst van populisme en politieke extremen. Het verdedigen van de euro met verbeterde instellingen is nog altijd de goedkoopste weg naar groei en economische relevantie in een veranderende wereld. We hebben in het verleden andere wegen geprobeerd en die bleken veel kostbaarder.

Onze muntunie is onaf werk.

President van de Europese Raad Tusk vroeg de eurogroep om oplossingen voor het vervolmaken van de bankunie en het versterken van het ESM. Deze vrijdag kan de vooruitgang die we boekten door de leiders in Brussel vertaald worden in besluiten.

Dat wordt geen ‘big bang’. Grote instrumenten zijn niet de beste weg naar hervormingen. Een van de belangrijkste voorstellen is om van ESM een vangnet te maken voor het omgaan met probleembanken. Dat kan voorkomen dat zulke banken onze economieën of belastingbetalers schaden. Het ESM zou nieuwe instrumenten kunnen krijgen om om te gaan met staatsschuldencrises. En we staan klaar om discussies voor te bereiden over een gemeenschappelijke depositogarantie om tijdens crises een run op banken te vermijden.

Het is mogelijk verder te gaan met risicodeling omdat we de risico’s in de bancaire sector hebben verkleind. Een recent rapport van onder meer de Europese Commissie signaleert dat banken de afgelopen jaren hun kapitaalbuffers flink vergroot hebben en minder risico’s nemen. Het aantal slechte leningen is scherp gedaald, met een derde sinds het begin van de crisis, vooral in landen waar het aandeel slechte leningen hoger was. In het derde kwartaal van 2017 was het gemiddelde aandeel van slechte leningen 4,4 procent van het totaal.

Vorige maand werden EU-ministers van Financiën het ook eens over het zogenaamde ‘bankenpakket’. Daarin zit ook een regel die vaststelt hoeveel verliezen banken moeten absorberen voordat de resolutiefondsen worden gebruikt.

Terugkijkend was het een goede benadering om ons te richten op de bankenunie en het ESM. Dat stelde ons in staat een hervormingsproces te beginnen en vertrouwen te wekken. Dit moeten we volhouden, en we moeten klaarstaan om andere gebieden te bespreken.

In zes maanden als president van de eurogroep heb ik geleerd dat elk land, ook Nederland, zijn eigen unieke prioriteiten heeft in dit debat. Voor sommige landen is een gezamenlijke eurozonebegroting heel belangrijk. Dat idee leidt vaak tot bezorgdheid over moreel risico en permanente financiële transfers, waar iets aan gedaan zou moeten worden.

Recente voorstellen van Duitsland en Frankrijk, en van de Commissie, zijn een positieve bijdrage aan onze discussie. Andere landen zouden ook met constructieve voorstellen moeten komen. We kunnen geen loopgraven aanleggen rond rode lijnen. Het succes van de euro hangt af van onze politieke wil en pragmatisch leiderschap. Niets doen kost ook wat. Als we niet zorgen voor een sterkere euro waarin al onze landen kunnen bloeien, zal de munt niet houdbaar zijn. En dat gaat iedereen aan.

Mario Centeno is voorzitter van de Eurogroep. 

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.