COLUMNSHEILA SITALSING

De ergste van alle hoofdzonden heeft kamp Moria allang bezocht: onverschilligheid

.Beeld .

Er zijn zorgen dezer dagen, je hoort ze van hulpverleners en van artsen, dat er een corona-ramp dreigt in de Griekse opvangkampen voor vluchtelingen die op hun tocht naar een veiliger leven zijn gestrand aan de randen van de Europese Unie. Dat ze er hun handen niet kunnen wassen. En dat anderhalve meter afstand houden een mathematische onmogelijkheid is in een kamp als Moria op Lesbos waar zo’n 20 duizend mannen, vrouwen en kinderen bij elkaar zijn gedreven, waar gezinnen tentjes delen en waar de mensen in lange rijen moeten staan voor eten of voor de wc. In alle Griekse kampen bij elkaar wonen naar schatting 40 duizend mensen.

Covid in de kampen is beslist een rampzalig scenario, maar van alle verschrikkingen die de inwoners van de Griekse vluchtelingenkampen kunnen treffen, heeft de ergste ze allang bezocht: de onverschilligheid. Onverschilligheid is een hoofdzonde, en met onverschilligheid tegenover een ander mens begint het ontmenselijken van die ander. Of hij er is, of niet is, of hij leeft, of niet: het maakt geen donder uit, krijg de corona, of niet, maar vermoei me er niet mee.

Lange tijd heeft de onverschilligheid weinig moeite gedaan zich beter voor te doen dan ze is. Europese leiders spraken langdurig over ‘verdeelsleutels’, en riepen vier jaar lang klagend uit ‘als hij ze niet neemt dan doe ik het ook niet’. Ze zonnen op nieuwe deals met onfrisse autocraten ‘om ze tegen te houden’ en feliciteerden elkaar als het tegenhouden succesvol leek te zijn. Af en toe wenste iemand Griekenland veel succes.

Ook nadat was gebleken dat ze een monster hadden gecreëerd aan hun grenzen, bleef de onverschilligheid rondwaren. Ja, beaamden ze zelf af en toe, het is niet fraai dat de leden van ’s werelds rijkste en veiligste club, die het minder verlichte deel van de wereld graag onderhouden over mensenrechten en over de waarde van zachte krachten, tolereren dat binnen hun grenzen tienduizenden mensen langdurig in een rechteloos niemandsland opgesloten zitten. Op een dumpplek vol vuilnis. Maar dan hadden ze maar niet een bootje moeten stappen, we hebben ze nog zo gewaarschuwd.

Tegenwoordig schaamt zelfs de onverschilligheid zich voor zichzelf en vermomt ze zich als iets wat op compassie moet lijken. Dan zegt het Nederlandse kabinet dat het heus ‘de zorgen deelt’, en het heus geld heeft gestuurd ‘dat gebruikt kan worden voor verbetering van de gezondheidszorg in de kampen’. En dan waarschuwt het dat we niet moeten vluchten in ‘ad hoc oplossingen’ zoals het laten overvliegen van mensen voordat ze door covid-19 worden ingehaald – alsof Moria eergisteren, geheel onverwacht, uit de hel is opgestegen en zonder waarschuwing vooraf in de Europese Unie is neergekwakt.

De niet-onverschilligen zijn altijd de mensen met de minste macht. Die vragen om hashtags te delen en om SOS-signalen te projecteren. Kort kort kort – lang lang lang – kort kort kort. Die delen een noodoproep van huisarts Steven van de Vijver en gynaecoloog Sanne van der Kooij en 6725 andere artsen om de mensen van Mora in veiligheid te brengen, in godsnaam. Niet ‘ad hoc’, maar gewoon conform de verdeelsleutels die lang geleden zijn afgesproken.

Hier en daar bindt de onverschilligheid in, en kunnen er, met hangen en wurgen, plukjes alleenstaande kinderen worden ingevlogen naar veiliger Europese oorden. Wie niet beter weet, en wie de verdeelafspraken is vergeten, zou haast denken dat daarmee een groot humanitair gebaar wordt gemaakt. Onverschilligheid laat zich niet zomaar verdrijven.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden