Column Bert Wagendorp

De enige manier om Nederlands weer sexy te maken, is een radicale terugkeer naar de literatuur

De Vrije Universiteit in Amsterdam stopt met de bacheloropleiding Nederlands. Er zijn dit studiejaar nog maar vijf studenten met de studie begonnen, eentje minder dan vorig jaar. Dat is te weinig en te duur, het jaarlijkse financiële tekort loopt in de tonnen en de universiteit is een bedrijf geworden. Het afgelopen jaar begonnen aan de zes universiteiten met een studie Nederlands 201 eerstejaars, volgend jaar zijn dat er vermoedelijk weer minder: de klad zit erin.

Hoe kan dat, met een studie die ooit zo populair was, dat er een numerus fixus moest worden ingesteld? Toen ik in 1975 met mijn studie Nederlands begon, waren er alleen in Groningen al ruim 120 eerstejaars. Talenstudies met vijf studenten waren er ook, maar dat betrof dan Noors, oud-IJslands of ander onbegrijpelijk gebrabbel.

De leraar Nederlands was voor veel middelbare scholieren het belangrijkste argument om aan de studie Nederlands te beginnen. Leraren Nederlands waren doorgaans populair op de middelbare school. Bevlogen types met liefde voor de literatuur die graag mochten voorlezen – zo iemand wilde je zelf ook wel worden. Het waren de tijden van Wolkers, Mulisch en Hermans, van Biesheuvel en Claus. Daar hadden we het over en dat was leuk. De basis voor de grote populariteit van de studie Nederlands werd gelegd op de middelbare scholen. Niet door de nadruk te leggen op vaardigheden, maar via de literatuur.

Kennelijk is dat nu anders. Nederlands, zei directeur van de Taalunie Hans Bennis in Trouw, is een ‘servicevak geworden’, dat in dienst staat van andere vakken. Scholieren vinden het daardoor erg saai. Dat snap ik. Nederlands, voegde hoogleraar aan de Radboud-universiteit Marc van Oostendorp daar in dezelfde krant aan toe, moet weer ‘sexy’ worden. Hij dacht, om dat te bereiken, aan een actie ‘Kies voor taal’ - ooit was ‘Kies exact’ een groot succes.

Gaat niet werken. De enige manier om Nederlands weer sexy te maken, is een radicale terugkeer naar de literatuur. Dat ze bij een programma als DWDD – gepresenteerd door een voormalig student Nederlands – zoveel boeken in de programmering stoppen, dat kranten als de Volkskrant, Trouw en NRC zoveel aandacht besteden aan boeken en schrijvers en een veelbeluisterd radioprogramma als Nieuwsweekend op zaterdagochtend vaak voor de helft bestaat uit boekenonderwerpen, komt niet voort uit culturele zendingsdrang, maar uit de wetenschap dat veel mensen literatuur interessant vinden. Boeken zijn goed voor de kijk-, luister- en leescijfers. Dit is een leesland.

Dat zijn ze op de scholen vergeten. In het kader van het nutsdenken concentreren ze zich daar op leesvaardigheid, mondelinge taalvaardigheid, schrijfvaardigheid en argumentatieve vaardigheid. Dat is te merken: gasten lullen je de oren van de kop, merk ik elke keer wanneer ik voor een klas sta met een boek in mijn handen. Literatuur is in het curriculum het vijfde wiel aan de wagen geworden. Op het vwo moet je in drie jaar twaalf ‘literaire werken’ lezen, meestal te kiezen uit een lijst vol belegen meuk: een efficiënte manier om de leerlingen weerzin jegens de roman bij te brengen en elke ambitie Nederlands te gaan studeren de grond in te boren.

Er worden in Nederland meer prachtromans geschreven (en vertaald) dan ooit. De Pfeijffers, Palmens en Buwalda’s tikken zich een slag in de rondte. Het wemelt van jong schrijftalent. Materiaal voor een sexy vak is ruimschoots voorhanden; je moet er alleen wel gebruik van willen maken. Literatuur moet de studie Nederlands redden.

Als we meer geschoolde neerlandici willen, moeten bestuurders hun houding jegens onze taal wijzigen, betoogde hoogleraar Nederlandse literatuur- en cultuurgeschiedenis Lotte Jensen vorig jaar. Als de alarmerende terugloop van het aantal studenten Nederlands doorzet, dreigt het Nederlands in de sectie kleine vreemde talen te belanden. Maar het Nederlands is geen bijzaak. Niet alleen hebben we academisch geschoolde neerlandici nodig op middelbare scholen en in andere sectoren, ook hebben we specialisten nodig die onderzoek blijven doen naar Nederlands cultureel erfgoed. 

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden