De eenheid van de Europese cultuur

Europeanen delen steeds meer met elkaar - ook hun sympathie voor politici die betogen dat dit niet de bedoeling is.

Het eerste waar Adam Michnik het fijne van wil weten, is de kritische ontvangst van Ian Buruma’s laatste boek in Nederland. Heeft hij goed begrepen dat er in Amsterdam nogal gemelijk is gereageerd op Murder in Amsterdam?

En, zo ja, wat waren dan precies de plaatselijke bezwaren tegen een betoog en een analyse die hem, duizend kilometer verderop, zo redelijk, rustig en verstandig waren voorgekomen? Kan ik die trouwens even voor hem opschrijven, liefst in een artikel dat hij dan meteen in zijn Gazeta Wyborcza kan publiceren? Vernemen de Polen ook eens wat de Nederlanders dwars zit. De problematiek waar Buruma over schreef, hoeveel intolerantie kan de tolerantie aan, is immers geen uniek Nederlandse aangelegenheid.

Michnik was dit weekeinde één van de deelnemers aan de bijeenkomst van de Europese Culturele Ambassadeurs in Brussel. Hij is de Poolse historicus, essayist en journalist die in de jaren zeventig en tachtig van de vorige eeuw leiding gaf aan het democratisch gezinde verzet tegen de communistische dictatuur in zijn land. Toen er, tijdens de beraadslagingen in Brussel, even geen stoel voor hem vrij was achter de tafel, riposteerde hij gevat met ‘laat maar, ik heb al lang genoeg gezeten’.

Zes jaar, jaren die hij tegenwoordig als buitengewoon vruchtbaar voor zijn intellectuele en publicistische arbeid omschrijft, ‘omdat er in de gevangenis geen drank is, geen telefoon en geen vrouwen’. Na de val van het communisme nam hij de leiding op zich van zijn nieuw gestichte krant, ‘het enige democratisch gezinde dagblad tussen Berlijn en Wladiwostok’.

Humeur

Zo’n man, een man met een niet kapot te krijgen goed humeur. ‘Een pessimist is meestal een gefrustreerde optimist’, zegt hij er desgevraagd over.

Samen met onder meer Jordi Savall, de Catalaanse dirigent, Agnieszka Holland, de Poolse cineaste en haar Roemeense collega Radu Mihaileanu, de Slowaakse musicus Jack Martin Händler en de Servische pop-zangeres Marija Šerifovic, maakt hij deel uit van een college vooraanstaande figuren uit het Europese kunstleven, die door de eurocommissaris voor Cultuur gevraagd zijn zich in te spannen voor het idee dat de Europeanen bij al hun historische en folkloristische verschillen wel degelijk deelgenoot zijn van één cultuur, zo gevarieerd als die is.

Dat zijn die ‘Europese culturele ambassadeurs’, inzetbaar bij plechtige beginselverklaringen, transnationale festivals en manifestaties en, desnoods, om zo nu en dan uit de doeken te doen dat de nationale culturen van Europa het toch echt moeten hebben van hun open karakter.

Geen probleemloze missie, onder de huidige omstandigheden.

Argwaan

Maar het curieuze is natuurlijk, dat wat in omslachtige en voorzichtige formuleringen van bedremmelde beleidsmakers steevast meteen argwaan oproept, in werkelijkheid allang het geval is. Geen van die culturele ambassadeurs beoefent zijn vak louter in het land waarin hij geboren werd, waarvan de taal zijn moedertaal is en de geschiedenis de zijne.

Allemaal zijn zij voortdurend onderweg en hun werk wordt gevolgd door de culturele elite in alle landen van Europa: je mag er toch niet aan denken dat de cd’s die Savall maakte in Nederland of Italië niet verkrijgbaar zouden zijn of dat hij niet welkom zou zijn op festivals voor oude muziek van in Finland tot op Sicilië.

In de prangende vraag van Michnik manifesteert zich de eenheid van de Europese cultuur, ook die van de politieke cultuur (ja, hoor: bij alle verschillen, ik wil de mantra best even prevelen). Onze vragen zijn de hunne, hun problemen de onze. De verschillen in reacties bepalen de breedte van onze speelruimte en onze verbeelding.

Maar ze worden aangegrepen om van onoverbrugbare cultuurkloven te kunnen getuigen.

Terwijl de Europeanen al was het maar terloops steeds meer van elkaar aan de weet komen en ook steeds meer met elkaar delen – van munt tot voedsel, van normengeschetter tot immigrantengezanik, van muzak tot Obamamania – krijgen zij steeds meer sympathie voor politici die betogen dat dat niet de bedoeling is.

Schizofreens

Het begint iets schizofreens te krijgen. Onze minister van Financiën sprak dinsdag in de Tweede Kamer, bij de aanbieding van de miljardennota, onbetwistbare woorden over het open karakter van de Nederlandse cultuur en de rijkdom en weelde die dat ons gebracht heeft. Maar zijn collega van Onderwijs en Cultuur is als de dood voor een internationaal chapiter in zijn cultuurbeleid; zelfs het project met de twee Nederlandse culturele ambassadeurs in Londen en New York is op een farce uitgelopen.

Wij stichten een Museum voor de Nationale Geschiedenis, en sloten het Stedelijk Museum voor moderne kunst die niet alleen aan uit onze eigen contreien en tradities schatplichtig is. De crux is, dat het een niet zonder het ander kan, want alles komt ergens vandaan en iedereen trouwens ook.

De schizofrenie van nu is die van een geleefde werkelijkheid enerzijds, en een aan lafheid grenzende politieke bedremmeldheid anderzijds. In het gesprek met die culturele ambassadeurs, ieder voor zich een bewonderenswaardig en gelauwerd beoefenaar van zijn discipline met een genereus publiek in tal van landen, was daar echter geen spoor van te bekennen. Die lui doen hun werk, zij hebben er succes mee en zij vinden er een publiek voor dat zich werkelijk nimmer afvraagt of Savalls wijze van dirigeren wel typisch Catalaans is of Michniks belangstelling voor Buruma een Poolse eigenaardigheid.

Alle kunst is de uitdrukking van de wijze waarop mensen over zichzelf nadenken, zij is de verbeelding van de verbeelding. En natuurlijk denken Catalanen, Nederlanders en Polen na over de mate waarin zij het kind van hun nationale geschiedenis zijn en over de uitnodigingen die onze tijd daar tegenover stelt. Dat zij zich niet beperken tot de literatuur, de muziek, het theater, de beeldende kunst en de essayistiek van hun eigen omgeving, is kenmerkend en reëel.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden