ColumnAleid Truijens

De crisis waarin corona het onderwijs heeft gebracht toont de zwakte van een systeem waarin de minister wegkijkt en de bestuurders de baas zijn

Ik weet niet of iemand het heeft gemerkt en is overladen met bloemen en complimenten, maar vandaag, nu ik dit schrijf, is het de Dag van de Leraar. Als u dit leest is het Nationale Herdenkingsdag Corona. Het zou de hele week Nationale Onderwijsweek zijn, maar die is afgelast, wegens corona, de ziekte die zoveel leraren angst en hoofdbrekens kost. Dankzij slap en vaag beleid van onze onderwijsministers en schoolbesturen, zitten zij nog steeds onbeschermd met 30 kinderen in slecht geventileerde lokalen, groeit het aantal besmettingen en heeft het tot nu moeten duren voordat in de gangen en kantines iedereen een mondkapje draagt (een figuurlijke lange neus makend naar mondkapjesontkenner Jaap van Dissel).

Ach die Dagen. Toen we alleen nog Moederdag, Secretaressedag en Roze Zaterdag hadden, maakten ze al pijnlijk duidelijk dat niet alle mensen altijd gelijk gewaardeerd werden, en de Equal Pay Day, Werelddag voor Fatsoenlijk Werk en de Dag van de Verpleging wrijven dat nog eens in. Gek genoeg bestaat er geen Dag van de CEO, of Accountantdag of Tandartsendag. Het zijn altijd mensen die voor te weinig geld en waardering onmisbaar werk doen die hun Dag krijgen, samen met gratis applaus en de vrome titel ‘held’. Daarom hangt om al deze Dagen een sfeer van grote moedeloosheid.

Want de werkelijkheid lacht zich een kriek om de Dagen. Nog altijd zijn er de Dag voor het Beheersen van Natuurrampen, de Werelddag van de Migranten en de Week van de Voedselbanken. Tijdens de Week Tegen het Pesten pestten de pestkoppen gewoon door. In de Week van het Nederlands werd bekend dat er minder dan 200 eerstejaars studenten Nederlands aan de universiteiten zijn, veel te weinig om de eerstegraads leraren Nederlands te leveren waar het onderwijs om schreeuwt. Onlangs kwam naar buiten dat de honderden miljoenen die vrijvielen na het afpakken van de basisbeurs níet zoals beloofd zijn besteed aan nieuwe universitaire docenten.

De leraar moet zijn Dag delen met Wereld Habitatdag, die het ook enorm prangende gebrek aan goede woonruimte memoreert. En dan is het nog steeds Kinderboekenweek, een week met extra werk voor de leraar, en de week waarin kinderboekenschrijvers al hun lucratieve lezingen afgezegd zagen.

Zielig zijn op de vechtmarkt van de aandacht helpt niet. Wat wel helpt is dat leraren zich meer bewust worden van hun macht en invloed en de zeggenschap in het onderwijs opeisen. Daarom ben ik blij, Dag of geen Dag, dat gisteren het internationale congres ‘Taking the lead’ dit als thema had. Onder de sprekers waren de Nieuw-Zeelandse premier Jacinda Ardern, Oeso-baas Andreas Schleicher, Unicef-directeur Henrietta Fore en ‘onze’ actieve docent Jelmer Evers, bestuurder van de Algemeen Onderwijsbond. Allemaal hamerden ze erop: leraren, verenig je. Vorm een krachtige tegenmacht. Het is de leraar die bepalend kan zijn in het leven van een leerling. Effectief onderwijs verandert de samenleving, en de toekomst.

Het is een terecht advies. Goede ideeën van leraren, gegronde bezwaren en succesvolle praktijkervaringen komen nu nergens terecht als schoolbesturen dat niet willen. Jonge leraren zijn vaak geen lid van zoiets oubolligs als een vakbond. Begrijpelijk, maar jammer. Sluit je aan bij een oude vakbond of een nieuwe, zoals Leraren in Actie, bij de kwaliteitsbewakers van Beter Onderwijs Nederland of bij een vakvereniging. De crisis waarin corona het onderwijs heeft gebracht toont de zwakte van een systeem waarin de minister wegkijkt en de bestuurders de baas zijn. Dit is het moment.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden