Column Ibtihal Jadib

De combinatie van taalonderwijs met religie laat me huiveren: dan indoctrineer ik mijn kinderen toch liever zelf

In theorie voed ik de kinderen tweetalig op, in de praktijk komt daar weinig van terecht. Van tevoren had ik bedacht dat mijn man Nederlands met ze zou praten en ik uitsluitend Marokkaans-Arabisch. Dat zou allemaal vanzelf gaan, uiteraard, waardoor ze in een fantastische rijkdom aan talen zouden opgroeien want op school pikken ze ook wat Engels, Duits en Frans op. Tel uit je winst.

Inmiddels zijn we met die opvoeding een paar jaar onderweg en zie ik een heel ander beeld ontstaan. Mijn Marokkaanse inborst blijkt zich vooral te manifesteren als er dreigende bevelen moeten worden geblaft. Bekend zijn vooral: beswia (rustig!), handek (kijk uit!), en azi lahna (kom hier!). Het geeft te denken dat uitgerekend dit de woorden zijn die m’n kroost verstaat. Niet dat ernaar wordt geluisterd overigens, want ook in het Marokkaans blijken kinderen mededelingen van ouders slechts aan te merken als slappe suggesties. Als ze daardoor met geschaafde knietjes of bloedende vingertjes komen aanlopen, troost ik ze met: boesa’s (kusjes), hbiba (liefje) en kbida djali (levertje van me). Dat laatste klinkt in het Nederlands gek maar in het Marokkaans is het een van de aardigste dingen die je tegen iemand kunt zeggen, wat best hout snijdt, want zonder lever kan een mens niet leven.

Afijn, dat tweetalig opvoeden komt dus nauwelijks van de grond en toen ik dat met een vriendin besprak bleek zij hetzelfde te ervaren. Ook zij had zich voorgenomen thuis enkel Marokkaans te praten, maar ook bij haar komt daar weinig van terecht. Ik ging verder rondvragen in mijn omgeving, snuffelde wat op internet en gaandeweg kwam ik erachter dat er meer ouders zijn die het jammer vinden als hun moedertaal een stille dood sterft. Ik stuitte op een keur aan initiatieven in den lande, variërend van geïmproviseerde taalklasjes tot strak georganiseerde weekendscholen. 

De meest gangbare optie is dat je je kind naar een moskee brengt. Daar worden taal- en koranlessen gegeven voor een habbekrats, en het is vaak nog dichtbij ook. Ik woon in Den Haag en heb de moskeeën voor het uitkiezen. Toch staat die optie mij tegen. Nog los van m’n twijfel over de lesmethode voel ik een zekere huiver voor de combinatie van taalonderwijs met religie. Ik zit er niet op te wachten dat mijn kinderen straks thuiskomen met van buiten geleerde halal-haram-spreekbeurten. Dan indoctrineer ik ze toch liever zelf.

Vandaar de gedachte om zelf een weekendschool op te zetten. Ik ben de afgelopen weken aan het koffiedrinken geslagen met Arabisten, docenten en ouders om te onderzoeken hoe zo’n school eruit zou moeten zien en wat voor lessen er moeten komen. Het aanvankelijke idee om ‘even een taallesje’ te geven is uit de hand gelopen want inmiddels denk ik ook aan muziekonderwijs waarin zowel klassieke muziek als Arabische aan bod komt, (cultuur)geschiedenis en wie weet zelfs filosofie. Religie krijgt ook een plek waarbij de nadruk ligt op kennis aanbieden, niet op het inprenten van ideologieën. Ik ben dolenthousiast en hoop dat het lukt iets neer te zetten waar kinderen spelenderwijs iets positiefs meekrijgen van hun dubbele afkomst. Nu maar hopen dat het lukt want zul je net zien, staat er straks eindelijk een leuk schooltje klaar, willen die rotkinderen er niet naartoe omdat ze toch alles op YouTube kunnen leren. 

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden