De Brusselse hark

Terwijl Kamerleden kissebissen over wel-of-geen Europese vlag op het Binnenhof, zet Brussel de hervormingen in gang.

Rens van Tilburg

Premier Rutte vindt alle Europese plannen goed, zolang deze maar geen gevolgen hebben voor zijn begroting. Deze ‘not-in-my-budget’ redenatie valt misschien goed bij een zich achter de dijken verschansend electoraat, Brussel zal zich er niet door laten tegenhouden.

De ervaren bestuurders van het kabinet Rutte kennen het fenomeen van de NIMBY maar al te goed. NIMBY staat voor ‘not-in-my-backyard’, het feit dat veel mensen het nut wel zien van bijvoorbeeld autosnelwegen of de ondergrondse opslag van CO2, maar veel minder gediend zijn van de aanleg van dergelijke voorzieningen in, of nabij, de eigen achtertuin. Dan verschijnen achter de ramen posters met een variant op het thema: ‘Niet in MIJN achtertuin’. Dat kost stemmen en is de nachtmerrie van elke de vooruitgang dienende bestuurder.

‘Not-in-my-budget’
Net zo vinden mensen veel goed zolang ze er zelf maar geen last van hebben. Dat biedt bestuurders ook kansen, moet onze altijd positief ingestelde premier gedacht hebben. Zijn blijmoedige reactie op de laatste Europese plannen laat zich dan ook samenvatten als ‘prima, want het raakt mijn begroting toch niet’. Een handige bestuurlijke variant op de NIMBY, de NIMBU: ‘not-in-my-budget’, dus geen probleem.

Volgens Rutte tast het nieuwe europact onze ‘soevereiniteit’ niet aan. De EU gaat weliswaar van alles en nog wat zeggen over voormalig ‘no-go-area’s’ als lonen, belastingen en pensioenen, bij overtreding van de euroregels treden miljardenboetes semi-automatisch in werking en, oh ja, de nationale begroting gaat voortaan via Brussel naar de Tweede Kamer. Maar, aldus Rutte, wij voldoen aan al die nieuwe regeltjes en dus hebben deze voor ons geen betekenis.

Het is soevereiniteit op zijn smalst, een vluchtige opvatting van zelfbeschikking in een veranderlijke wereld. Een wereld waar het juist draait om bewegingsvrijheid. Regeltjes, ontworpen met 26 andere lidstaten en de wijsheid van gisteren, helpen niet bij het inspelen op de kansen en bedreigingen van morgen. Dat zou toch niemand dit kabinet van zelfverklaarde regelbestrijders hoeven uit te leggen?

Het is waar dat Nederland als een van de eersten aan de budgettaire euro-eisen zal voldoen, en dat we voorbeeldige loonmatigers en pensioenspaarders zijn. Maar het Nederlandse beleid is niet op alle terreinen de internationale ‘best practice’ die Rutte (“benchmarken, daar ben ik van”) er van maakt. Of het nu de EU, de OESO of het IMF is, in de analyses van de kosmopolitische beleidselite over Nederland komen steevast dezelfde ‘suggesties’ voorbij: we gaan te snel met pensioen, we zijn lastig te ontslaan, we belasten bedrijven te weinig, we geven te weinig uit aan onderwijs en onderzoek en die rare hypotheekrenteaftrek, kan die niet weg? Stuk voor stuk interessante suggesties waar dit kabinet niets mee doet.

Geruisloos
Rutte laat zich er op voorstaan de gevoeligheden van de hardwerkende Nederlanders te verstaan. Dat blijkt, door de groeiende invloed van de EU te bagatelliseren probeert de premier een ingewikkelde discussie te ontwijken. In het huidige politieke klimaat is een goed gesprek over de voors- en tegens van een verschuiving van bevoegdheden ook vrij onmogelijk. Wilders ziet Rutte al aankomen. Dat we onze soevereiniteit grotendeels al hebben opgegeven en dat we door deze ogenschijnlijke verdere overheveling van bevoegdheden juist weer meer grip krijgen op ons leven. Dat het een keuze is tussen geregeerd worden door een wispelturige financiële markt of door een Europa waar we nog iets van invloed hebben. Toegegeven, in veel opzichten is het een keuze tussen twee kwaden. En het is de vraag of alles dat in het eigenaardige allegaartje van het europact zit nodig is.

Juist door het daar over te hebben krijg je betere plannen en geef je de kiezer de kans om zich met deze realiteit te verzoenen. De ironie is dat juist dankzij de onverzoenlijke anti-Europa retoriek die op het Binnenhof gemeengoed is, de overdracht van bevoegdheden naar Europees niveau zich geruislozer voltrekt dan ooit tevoren.

Het kabinet ontkent liever het belang van de nieuwe regels dan dat het zijn verantwoordelijkheid neemt en de volgende stap richting ´an ever closer Union´ publiekelijk verdedigt. Terwijl Kamerleden kissebissen over wel-of-geen Europese vlag op het Binnenhof, zet Brussel de hervormingen in gang. Bij gebrek aan nationale daadkracht is het de Brusselse hark die het budgettaire tuintje op orde brengt.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden